Artikel 32 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990
Lid 1
Bestuurders van een motorvoertuig, een bromfiets, een snorfiets, niet zijnde een bromfiets als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e, subonderdeel d, van de wet, een gehandicaptenvoertuig dat is uitgerust met een verbrandingsmotor, of een gehandicaptenvoertuig dat is uitgerust met een elektromotor en voorzien van een gesloten carrosserie, voeren bij dag, indien het zicht ernstig wordt belemmerd, en bij nacht dimlicht. Bestuurders van een gehandicaptenvoertuig dat is uitgerust met een elektromotor en niet is voorzien van een gesloten carrosserie voeren alsdan de in artikel 5.18.43, eerste lid, van de Regeling voertuigen bedoelde lichten.
Lid 2
Het voeren van groot licht in plaats van dimlicht is toegestaan behoudens in de volgende gevallen:
bij dag;
bij het tegenkomen van een andere weggebruiker en
bij het op korte afstand volgen van een ander voertuig.
Lid 3
Achterlicht en de verlichting van de achterkentekenplaat moeten steeds gelijktijdig met groot licht, dimlicht, stadslicht of mistlicht branden.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 32 RVV is sinds 2007 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Arnhem en Rb. Breda.
- ECLI:NL:RBBRE:2012:BX3739 — 06-08-2012 Rb. Breda
deelgeschil. botsing van personenauto met tegemoetkomende wiellaadschop in de duisternis buiten de bebouwde kom. overtreding van ontheffngsvoorwaarden. verzekeraar wiellaadschop aansprakelijk. geen eigen schuld - ECLI:NL:RBARN:2007:BB3674 — 05-09-2007 Rb. Arnhem
Aanrijding; artikel 19 RVV; 6:101 BW; 7:962 lid 2 BW.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.