Hoofdstuk 14. Slotbepalingen
Artikel 38
Sancties
De lidstaten stellen de regels vast inzake de sancties die gelden voor inbreuken op de krachtens deze richtlijn vastgestelde nationale bepalingen, en nemen de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat deze worden toegepast. De sancties hebben een doeltreffend, evenredig en afschrikkend karakter.
De lidstaten bepalen dat de bevoegde autoriteit iedere administratieve sanctie wegens schending van de ter omzetting van deze richtlijn vastgestelde bepalingen openbaar kan maken, tenzij dit ernstig gevaar zou opleveren voor de financiële markten of de betrokken partijen in onevenredige mate zou schaden.
Artikel 39
Regeling voor geschillenbeslechting
De lidstaten zien erop toe dat passende en doeltreffende klachten- en beroepsprocedures voor buitengerechtelijke beslechting van geschillen tussen consumenten en kredietgevers, kredietbemiddelaars en aangestelde vertegenwoordigers over kredietovereenkomsten worden ingesteld, die in voorkomend geval voor bestaande instanties worden gevoerd. De lidstaten zien erop toe dat deze procedures van toepassing zijn op de kredietgever en de kredietbemiddelaar, en op de activiteiten van de aangestelde vertegenwoordiger.
De lidstaten verplichten de instanties die betrokken zijn bij een buitengerechtelijke beslechting van consumentenzaken, samen te werken, opdat ook grensoverschrijdende geschillen inzake kredietovereenkomsten kunnen worden opgelost.
Artikel 40
Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie
De bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie toegekend onder de in dit artikel neergelegde voorwaarden.
De in artikel 14, lid 9, en artikel 17, lid 8, bedoelde bevoegdheid om gedelegeerde handelingen vast te stellen, wordt aan de Commissie voor onbepaalde tijd toegekend met ingang van 20 maart 2014.
Het Europees Parlement of de Raad kan de in artikel 14, lid 9, en artikel 17, lid 8, bedoelde bevoegdheidsdelegatie te allen tijde intrekken. Het besluit tot intrekking beëindigt de delegatie van de in dat besluit genoemde bevoegdheden. Het wordt van kracht op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie of op een daarin genoemde latere datum. Het laat de geldigheid van de reeds van kracht zijnde gedelegeerde handelingen onverlet.
Zodra de Commissie een gedelegeerde handeling vaststelt, doet zij daarvan gelijktijdig kennisgeving aan het Europees Parlement en de Raad.
Een overeenkomstig artikel 14, lid 9, en artikel 17, lid 8, vastgestelde gedelegeerde handeling treedt alleen in werking indien het Europees Parlement noch de Raad binnen een termijn van drie maanden na de kennisgeving van de handeling aan het Europees Parlement en de Raad daartegen bezwaar heeft gemaakt, of indien zowel het Europees Parlement als de Raad voor het verstrijken van die termijn de Commissie hebben medegedeeld dat zij daartegen geen bezwaar zullen maken. Die termijn wordt op initiatief van het Europees Parlement of van de Raad met drie maanden verlengd.
Artikel 41
Dwingend karakter van deze richtlijn
De lidstaten dragen er zorg voor dat:
de consument geen afstand kan doen van de rechten die hem worden toegekend krachtens het nationale recht die deze richtlijn omzetten;
de maatregelen die zij ter omzetting van deze richtlijn vaststellen niet aldus kunnen worden omzeild dat de consument de bij deze richtlijn geboden bescherming kan verliezen, als gevolg van de wijze waarop overeenkomsten zijn opgesteld, met name doordat een kredietovereenkomst in de zin van deze richtlijn is opgenomen in een kredietovereenkomst waarvan de aard of het doel het mogelijk maakt de toepassing van die maatregelen te ontwijken.
Artikel 42
Omzetting
De lidstaten stellen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen om aan deze richtlijn te voldoen, vast en maken deze bekend uiterlijk op 21 maart 2016. Zij delen de Commissie de tekst van deze bepalingen onverwijld mee.
De lidstaten passen de in lid 1 bepalingen toe met ingang van 21 maart 2016.
Uiterlijk op 1 juli 2018 stellen de lidstaten de bepalingen vast die noodzakelijk zijn om te voldoen aan artikel 13, lid 1, tweede alinea, punt e bis), publiceren zij deze en delen zij deze aan de Commissie mee. Zij passen deze bepalingen toe vanaf 1 juli 2018.
Wanneer de lidstaten die bepalingen vaststellen, wordt in die bepalingen zelf of bij de officiële bekendmaking daarvan naar deze richtlijn verwezen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.
De lidstaten delen de Commissie de tekst van de belangrijkste bepalingen van intern recht mede die zij op het onder deze richtlijn vallende gebied vaststellen.
Artikel 43
Overgangsbepalingen
Deze richtlijn is niet van toepassing op kredietovereenkomsten die geldig zijn aangegaan voor 21 maart 2016.
Artikel 13, lid 1, tweede alinea, punt e bis) is niet van toepassing op kredietovereenkomsten die reeds bestonden vóór 1 juli 2018.
Kredietbemiddelaars die de in artikel 4, punt 5, bedoelde kredietbemiddelingsactiviteiten vóór 21 maart 2016 reeds verrichten en die nog niet overeenkomstig de bij het nationaal recht van de lidstaat van herkomst ter uitvoering van deze richtlijn gestelde voorwaarden zijn toegelaten, kunnen die activiteiten overeenkomstig het nationale recht blijven verrichten tot 21 maart 2017. De kredietbemiddelaar die van deze afwijking gebruikmaakt, mag de activiteiten uitsluitend in de lidstaat van herkomst blijven verrichten, tenzij hij tevens aan de wettelijke eisen van de lidstaat van ontvangst voldoet.
Kredietgevers, de kredietbemiddelaars en de aangestelde vertegenwoordigers die vóór 20 maart 2014 bij deze richtlijn gereglementeerde activiteiten verrichten, moeten uiterlijk op 21 maart 2017 aan de nationale voorschriften ter omzetting van artikel 9 voldoen.
Artikel 44
Evaluatiebepaling
De Commissie voert uiterlijk op 21 maart 2019 een evaluatie van deze richtlijn uit. Bij de evaluatie worden de doeltreffendheid en geschiktheid van de bepalingen ten aanzien van de consument en de interne markt nagegaan.
De evaluatie houdt het volgende in:
een beoordeling van het gebruik van het ESIS door de consument, zijn inzicht in het ESIS, en de mate waarin het hem voldoening schenkt;
een analyse van andere precontractuele informatieverstrekking;
een analyse van de grensoverschrijdende activiteiten van kredietbemiddelaars en kredietgevers;
een analyse van de ontwikkeling van de markt voor niet-kredietinstellingen die kredietovereenkomsten met betrekking tot voor bewoning bestemde onroerende goederen verstrekken;
een beoordeling van de behoefte aan verdere maatregelen, waaronder een paspoort voor niet-kredietinstellingen die kredietovereenkomsten met betrekking tot voor bewoning bestemde onroerende zaken verstrekken;
een onderzoek naar de behoefte aan invoering van aanvullende rechten en verplichtingen met betrekking tot de postcontractuele fase van kredietovereenkomsten;
een beoordeling van het toepassingsgebied van deze richtlijn, gelet op het effect ervan op andere, substitueerbare vormen van kredietverstrekking;
een onderzoek naar de behoefte aan aanvullende maatregelen, met het oog op de traceerbaarheid van kredietovereenkomsten die zijn gewaarborgd met voor bewoning bestemde onroerende goederen;
een beoordeling van de beschikbaarheid en de vergelijkbaarheid van trendmatige gegevens over de prijzen van voor bewoning bestemde onroerende goederen;
een beoordeling van de wenselijkheid van verdere toepassing van Richtlijn 2008/48/EG op niet-gewaarborgde kredieten voor de renovatie van voor bewoning bestemde onroerende goederen, waarvan het totale bedrag het in artikel 2, lid 2, onder c), van die richtlijn bepaalde maximum overschrijdt;
een beoordeling van de vraag of de regelingen voor het openbaar maken van sancties uit hoofde van artikel 38, lid 2, leidt tot voldoende transparantie;
Artikel 45
Nadere initiatieven inzake het verantwoord verstrekken en opnemen van krediet
De Commissie brengt uiterlijk op 21 maart 2019 een uitvoerig verslag uit over de algemene problematiek van overmatige particuliere schuldenlasten die rechtstreeks verband houdt met kredietactiviteiten. Zij onderzoekt ook of er behoefte is aan toezicht op de kredietregisters en of de markten flexibeler en betrouwbaarder kunnen worden gemaakt. Dat verslag gaat, in voorkomend geval, vergezeld van wetgevingsvoorstellen.
Artikel 46
Wijziging van Richtlijn 2008/48/EG
In artikel 2 van Richtlijn 2008/48/EG wordt het volgende lid ingevoegd:
Niettegenstaande lid 2, onder c), is deze richtlijn van toepassing op overeenkomsten betreffende niet-gewaarborgde kredieten voor de renovatie van voor bewoning bestemde onroerende goederen waarvan het totaal kredietbedrag hoger is dan 75 000 EUR.”.
Artikel 47
Wijziging van Richtlijn 2013/36/EU
In Richtlijn 2013/36/EU wordt het volgende artikel ingevoegd:
„Artikel 54 bis
Artikelen 53 en 54 laten de onderzoeksbevoegdheden die aan het Europees Parlement krachtens artikel 226 VWEU zijn verleend, onverlet.”.
Artikel 48
Wijziging van Verordening (EU) nr. 1093/2010
Verordening (EU) nr. 1093/2010 wordt als volgt gewijzigd:
In artikel 13, lid 1, wordt de tweede alinea vervangen door:
„Wanneer de Commissie een technische reguleringsnorm vaststelt die identiek is aan het door de Autoriteit ingediende ontwerp van technische reguleringsnorm, bedraagt de termijn tijdens welke het Europees Parlement en de Raad bezwaar kunnen aantekenen één maand na de datum van kennisgeving. Op initiatief van het Europees Parlement of de Raad wordt deze termijn met een eerste termijn van één maand verlengd en kan deze worden verlengd voor een daaropvolgende termijn van één maand.”.
In artikel 17, lid 2, wordt de tweede alinea vervangen door:
„Onverminderd de in artikel 35 vastgestelde bevoegdheden verstrekt de bevoegde autoriteit aan de Autoriteit onverwijld alle informatie die de Autoriteit nodig acht voor haar onderzoek, waaronder wat betreft de wijze waarop de in artikel 1, lid 2, bedoelde handelingen worden toegepast in overeenstemming met het Unierecht.”.
Artikel 49
Inwerkingtreding
Deze richtlijn treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Artikel 50
Adressaten
Deze richtlijn is gericht tot de lidstaten.