Artikel 301 Faillissementswet

Lid 1

Een vordering van de ontvanger als bedoeld in artikel 19 van de Invorderingswet 1990 (Stb. 221) is niet toegelaten.

Lid 2

Alle ten tijde van de uitspraak tot de toepassing van de schuldsaneringsregeling tot verhaal van zijn schulden aangevangen executies worden geschorst.

Lid 3

De gelegde beslagen vervallen met ingang van de dag waarop de toepassing van de schuldsaneringsregeling is uitgesproken. De inschrijving van een desbetreffende, op verzoek van de bewindvoerder af te geven verklaring van de rechter-commissaris machtigt de bewaarder van de openbare registers tot doorhaling.

Lid 4

Een vervallen beslag herleeft, zodra de toepassing van de schuldsaneringsregeling eindigt op grond van het bepaalde in artikel 350, derde lid, onder b, mits het goed dan nog tot de boedel behoort. Indien de inschrijving van het beslag in de openbare registers is doorgehaald, vervalt de herleving, indien niet binnen veertien dagen na de herleving een exploot is ingeschreven, waarbij van de herleving mededeling aan de schuldenaar is gedaan.

Lid 5

Het tweede, derde en vierde lid zijn eveneens van toepassing ten aanzien van executies en beslagen, aangevangen of gelegd ten behoeve van vorderingen welke door pand of hypotheek zijn gedekt, voorzover die executies en beslagen niet zijn aangevangen en gelegd op goederen, welke voor die vorderingen bijzonderlijk zijn verbonden.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 301 Fw is sinds 1999 in 8 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof Den Haag.

  • ECLI:NL:GHDHA:2023:2606 — 22-12-2023 Hof Den Haag
    Prejudiciële vragen, uitleg nieuwe regels Wettelijke schuldsaneringsregeling natuurlijke personen.
  • ECLI:NL:GHARL:2019:4158 — 14-05-2019 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Verklaringsprocedure in de zin van art. 477a lid 2 Rv. Executant heeft stelplicht en bewijslast van gestelde rechtsverhouding en daaruit voortvloeiende vordering maar derde-beslagene dient wel haar betwisting behoorlijk te onderbouwen en zo nodig van stukken te voorzien (476b…
  • ECLI:NL:GHAMS:2016:2292 — 14-06-2016 Hof Amsterdam
    Vervolg van tussenarrest 20 maart 2012. Vonnis a quo alsnog vernietigd.
  • ECLI:NL:RBOBR:2026:3523 — 22-05-2026 Rb. Oost-Brabant
    Verduistering als penningmeester van een tennisvereniging van ruim 450.000. Gokverslaving. Vrijspraak van het ten laste gelegde ‘uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking’. De rechtbank veroordeelt hem tot een taakstraf van 240 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf…
  • ECLI:NL:RBOVE:2022:1414 — 03-05-2022 Rb. Overijssel
    Executiegeschil. Eiser vordert onder meer opheffing danwel schorsing van het door gedaagde gelegde beslag en van de door gedaagde genomen executiemaatregelen. Doordat gedaagde niet in persoon of bij advocaat op de dienende dag in het geding is verschenen, laat de…

Bekijk alle 8 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.