Artikel 14 Zorgverzekeringswet

Lid 1

De vraag of een verzekerde behoefte heeft aan een bepaalde vorm van zorg of een bepaalde andere dienst, wordt slechts op basis van zorginhoudelijke criteria beantwoord.

Lid 2

De zorgverzekeraar neemt in zijn modelovereenkomst op dat geneeskundige zorg zoals medisch-specialisten die plegen te bieden, met uitzondering van acute zorg, slechts toegankelijk is na verwijzing door in die overeenkomst aangewezen categorieën zorgaanbieders, waaronder in ieder geval de huisarts.

Lid 3

De zorgverzekeraar draagt er zorg voor dat zijn modelovereenkomst aansluit bij de afspraken, bedoeld in artikel 2.7, vierde lid, van de Jeugdwet.

Lid 4

De zorgverzekeraar stemt de wijze waarop hij zijn verantwoordelijkheden op grond van deze wet uitvoert, af met de colleges van burgemeester en wethouders met het oog op de wettelijke verantwoordelijkheden van die laatsten.

Lid 5

Voor zover een verzekerde ingevolge zijn zorgverzekering toestemming behoeft van de zorgverzekeraar dan wel een verwijzing of een recept van een deskundige is vereist voor het verkrijgen van de verzekerde prestaties, en de verzekerde in het bezit is van deze toestemming, deze verwijzing of dit recept, geldt die toestemming, die verwijzing of dat recept als titel voor het verkrijgen van de verzekerde prestaties gedurende de periode waarvoor de toestemming is verleend of de verwijzing of het recept geldig is, en verlangt een nieuwe verzekeraar niet dat nogmaals toestemming wordt gevraagd of dat een verwijzing of recept wordt overgelegd.

Recente uitspraken

Art. 14 Zvw is sinds 2009 in 34 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Hof Den Haag en Hoge Raad.

  • ECLI:NL:HR:2021:1111 — 09-07-2021 Hoge Raad
    Gezondheidsrecht. Voorkeursbeleid zorgverzekeraar extramurale farmaceutische zorg. Vraag of, indien de minister geneesmiddelen met verschillende sterktes van dezelfde werkzame stof heeft aangewezen als te verzekeren prestatie, de zorgverzekeraar op grond van art. 2.8 lid 3 Bzv…
  • ECLI:NL:HR:2021:1046 — 06-07-2021 Hoge Raad
    Herziening. Feitelijk leiding geven aan opzettelijk (namens BV) indienen van valse verwijskaarten bij zorgverzekeraars door KNO arts, art. 225.2 Sr. Heeft Rb ten onrechte aangenomen dat verwijskaarten bewijsbestemming hebben? Aangevoerd wordt (onder verwijzing naar bij aanvraag…
  • ECLI:NL:HR:2015:3241 — 06-11-2015 Hoge Raad
    Gezondheidsrecht, mededingingsrecht, procesrecht. Voorkeursbeleid zorgverzekeraars met betrekking tot dieetpreparaten. Onrechtmatig wegens strijd met Zorgverzekeringswet? Omvang verplicht door zorgverzekeraars te verstrekken zorg. Vordering van fabrikant van niet door…
  • ECLI:NL:RVS:2025:764 — 26-02-2025 Raad van State
    Deze conclusie gaat over het onderscheid tussen een algemeen verbindend voorschrift (AVV) en een concretiserend besluit van algemene strekking (CBAS). Het onderscheid tussen deze twee besluiten is sinds de inwerkingtreding van de Algemene wet bestuursrecht van belang voor de…
  • ECLI:NL:CBB:2020:439 — 07-07-2020 CBb
    Wmg. Einduitspraak na toepassing bestuurlijke lus. Vaststelling door NZa van prestatiebeschrijvingbeschikkingen voor 2019 en 2020 waarbij de declaratiebepaling voor de magistrale bereiding van uitsluiten op recept verkrijgbare geneesmiddelen door apotheken is gewijzigd. Daarbij…

Bekijk alle 34 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.