Artikel 5:25a Wet op het financieel toezicht
Lid 1
Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt, voor zover nodig in afwijking van artikel 1:1, verstaan onder:
aandeelhouder: degene die middellijk of onmiddellijk houder is, al dan niet voor eigen rekening, van aandelen of certificaten van aandelen in een uitgevende instelling;
accountant: een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of indien een uitgevende instelling zetel heeft in een andere lidstaat een externe accountant die, op grond van de wetgeving van die lidstaat ter implementatie van artikel 34 van de richtlijn jaarrekening, bevoegd is tot controle van de jaarrekening;
lidstaat van herkomst: lidstaat van herkomst als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel i, van de richtlijn transparantie;
obligatie: effect als bedoeld in onderdeel b van de definitie van effect in artikel 1:1, niet zijnde een effect dat met een aandeel gelijk te stellen is of dat door middel van conversie of door uitoefening van een daaraan verbonden recht recht geeft tot het verkrijgen van aandelen of met aandelen gelijk te stellen waardepapieren.
Lid 2
Een uitgevende instelling maakt haar lidstaat van herkomst bekend op de wijze zoals is bepaald bij of krachtens de artikelen 5:25m, 5:25p en 5:25w.
Lid 3
Een uitgevende instelling maakt haar lidstaat van herkomst bekend door, voor zover van toepassing, de toezichthoudende instantie van de lidstaat waar zij haar zetel heeft, de toezichthoudende instantie van de lidstaat van herkomst en de toezichthoudende instanties van alle lidstaten waar de effecten van de uitgevende instelling zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt van haar lidstaat van herkomst in kennis te stellen.
Lid 4
Het tweede lid is niet van toepassing op een uitgevende instelling die overeenkomstig artikel 2, eerste lid, onderdeel i, van de richtlijn transparantie een lidstaat van herkomst heeft gekozen en de toezichthoudende instantie van deze lidstaat van herkomst hiervan voor 27 november 2015 in kennis heeft gesteld, tenzij de uitgevende instelling op of na 27 november 2015 een andere lidstaat van herkomst kiest.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 5:25a Wft is sinds 2022 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam en Rb. Amsterdam.
- ECLI:NL:GHAMS:2024:258 — 26-01-2024 Hof Amsterdam
OK; enquêterecht; er wordt een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken; er wordt gelegenheid geboden om te berichten of en, zo ja, tot welk bedrag bereidheid bestaat de kosten van het onderzoek voor te schieten - ECLI:NL:RBAMS:2022:4344 — 27-07-2022 Rb. Amsterdam
Incident. Naar welk recht dienen de gestelde vorderingen in de hoofdzaak – uit hoofde van onrechtmatige daad vanwege schending van de publicatieplicht – te worden beoordeeld? Nederlands recht is het toepasselijk recht. Er bestaat geen aanleiding voor het stellen van prejudiciële…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.