ECLI:NL:RBZWB:2026:9362

Datum uitspraak
28-09-2026
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Zaaknummer
BRE 26/2672
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Bezwaar niet-ontvankelijk vanwege termijnoverschrijding. Beroep ongegrond.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 26/2672

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 september 2026 in de zaak tussen

[eiser] , uit [plaats] , eiser

en

CAK.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen het bestreden besluit van CAK van 11 maart 2026. Met dit bestreden besluit heeft CAK twee bezwaarschriften van eiser niet-ontvankelijk verklaard omdat zij niet tijdig zijn ingediend.

1.1.

Omdat het beroep kennelijk ongegrond is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. CAK heeft de bezwaren niet-ontvankelijk verklaard omdat deze niet tijdig waren ingediend. De rechtbank komt tot het oordeel dat de bezwaren te laat zijn ingediend en het te laat indienen in beide gevallen niet verschoonbaar is. CAK heeft de bezwaren terecht niet-ontvankelijk verklaard. Daarom is het beroep kennelijk ongegrond.

Toetsingskader

3. Voor het indienen van een bezwaarschrift geldt een termijn van zes weken.1 Deze termijn begint op de dag na de dag waarop het besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze is bekendgemaakt.2 Dat is in dit soort gevallen de dag na de dag waarop het besluit is toegezonden.

Een – digitaal ingediend – bezwaarschrift is op tijd ingediend wanneer het voor het einde van de termijn is ontvangen.3

3.1.

Als iemand een bezwaarschrift te laat indient, kan het bestuursorgaan het bezwaar niet-ontvankelijk verklaren. Dat is anders als het niet tijdig indienen van het bezwaarschrift verontschuldigbaar is. Dan laat het bestuursorgaan niet-ontvankelijkverklaring op grond van die te late indiening achterwege.4

Is het bezwaarschrift te laat ingediend?

4. Vast staat dat CAK het besluit dat ziet op de eigen bijdrage over 2024 bekend heeft gemaakt op 1 maart 2024 door verzending per post, zodat de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift tegen dit besluit eindigde op 12 april 2024.

4.1.

Eiser heeft via het contactformulier op de website van CAK bezwaar gemaakt tegen de vaststelling en inning van zijn eigen bijdrage over de periode 1 januari 2024 tot en met 31 oktober 2025. Het is bij CAK op dezelfde dag – 15 januari 2026 – ontvangen. Het bezwaarschrift is dus niet tijdig ingediend.

5. Ook staat vast dat CAK het besluit dat ziet op de eigen bijdrage over 2025 bekend heeft gemaakt op 14 januari 2025 door verzending per post, zodat de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift tegen dit besluit eindigde op 25 februari 2025.

5.1.

Tegen dit besluit heeft eiser eveneens via het contactformulier op de website van CAK bezwaar gemaakt, nu daar de vaststelling en inning van zijn eigen bijdrage over de periode 1 januari 2024 tot en met 31 oktober 2025 wordt benoemd. Het is bij CAK op dezelfde dag – 15 januari 2026 – ontvangen. Ook dit bezwaarschrift is dus niet tijdig ingediend.

Is het te laat indienen verontschuldigbaar?

6. Eiser heeft de volgende reden gegeven voor de termijnoverschrijding. Hij heeft veel tijd nodig gehad om objectief vast te stellen dat de zorgverlening feitelijk niet overeenkwam met de administratieve administratie en dat de eigen bijdrage dus op een onjuiste materiele grondslag berust. Zo spoedig mogelijk nadat hij dit duidelijk had, heeft hij bezwaar gemaakt.

6.1.

Een verontschuldiging voor overschrijding van de termijn kan gelegen zijn in bijzondere omstandigheden die eiser betreffen zoals een ernstige ziekte of ongeval of externe omstandigheden zoals een natuurramp of woningbrand.5 Het zijn omstandigheden die maken dat een eisende partij niet in de gelegenheid was om eerder – binnen de daarvoor gestelde termijn van zes weken na verzending van het besluit – bezwaar te maken of beroep in te stellen. Van een dergelijke verhindering is niet gebleken. Hoewel ook bij een geringe verwijtbaarheid reden kan bestaan om de termijnoverschrijding niet aan eiser toe te rekenen, vormt de door eiser aangevoerde reden niet een zodanige reden. Daarbij is mede in aanmerking genomen de omvang van de termijnoverschrijding. De door eiser genoemde reden is eerder een nieuw feit of omstandigheid waarbij hij het bestuursorgaan zou kunnen vragen of dat aanleiding geeft om de besluiten van 1 maart 2024 en 14 januari 2025 te herzien. Het is in ieder geval geen verontschuldiging voor het niet tijdig indienen van de bezwaarschriften.

Conclusie en gevolgen

De bezwaren zijn daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het beroep is daarom ongegrond. Dat betekent dat het bestreden besluit in stand blijft. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.M.L. van de Sande, rechter, in aanwezigheid van drs. A. Lemaire, griffier, op 28 september 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De griffier is verhinderd om de uitspraak te ondertekenen.

griffier

rechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »