ECLI:NL:RBZWB:2026:8759

Datum uitspraak
10-09-2026
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Zaaknummer
BRE 26/2846
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Beroep te laat | niet verontschuldigbaar | niet-ontvankelijk

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 26/2846

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 september 2026 in de zaak tussen

[eiser], uit [plaats], eiser

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Gilze en Rijen, het college.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen het bestreden besluit van het college van 17 maart 2026.

1.1.

Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank komt tot het oordeel dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat het te laat is ingediend en het te laat indienen niet verschoonbaar is. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.

Toetsingskader

3. Voor het indienen van een beroepschrift geldt een termijn van zes weken.1 Deze termijn begint op de dag na de dag waarop het besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze is bekendgemaakt.2 Dat is in dit soort gevallen de dag na de dag waarop het besluit is toegezonden/gepubliceerd.

Een beroepschrift is op tijd ingediend wanneer het voor het einde van de termijn is ontvangen.3

3.1.

Als iemand een beroepschrift te laat indient, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet tijdig indienen van het beroepschrift verontschuldigbaar is. Dan laat de rechtbank niet-ontvankelijkverklaring op grond van die te late indiening achterwege.4

Is het beroep te laat ingediend?

4. Vast staat dat het college het bestreden besluit bekend heeft gemaakt op 17 maart 2026 door verzending per post, zodat de termijn voor het indienen van een beroepschrift eindigde op 28 april 2026.

4.1.

Eiser heeft het beroepschrift bij de rechtbank afgegeven op 30 april 2026. Het beroepschrift is dus niet tijdig ingediend.

Is het te laat indienen verontschuldigbaar?

5. Eiser heeft voor de termijnoverschrijding de volgende reden gegeven. Hij heeft het besluit pas anderhalve week na verzending door het college ontvangen. Hij woont in [plaats] en was in die periode bezig met een ziek familielid waardoor zijn aandacht en mogelijkheden om tijdige te reageren beperkt waren. Bovendien is sprake van een termijnoverschrijding van slechts twee dagen.

5.1.

Dat is geen verontschuldiging voor dit verzuim. Eiser heeft – als het bestreden besluit inderdaad pas na anderhalve week is ontvangen – nog steeds viereneenhalve week de tijd gehad om beroep in te stellen. Hij had ook digitaal een pro-forma beroepschrift – een beroepschrift op nader aan te vullen gronden – kunnen indienen. Daarbij speelt afstand geen rol. Dat eiser gedurende viereneenhalve week vanwege ziekte van een familielid op geen enkel moment in staat was om (digitaal) pro-forma beroep in te stellen, heeft hij enkel gesteld en niet met stukken onderbouwd.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt en dat het bestreden besluit in stand blijft. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Breeman, rechter, in aanwezigheid van drs. A. Lemaire, griffier, op 10 september 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier

rechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »