RECHTBANK OVERIJSSEL
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Zwolle
Zaaknummer: C/08/350710 / JE RK 26-1343
Datum uitspraak: 25 september 2026
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling
in de zaak van
Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering,
de gecertificeerde instelling, hierna te noemen: de GI,
gevestigd te Leeuwarden,
over
[minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2015 in [geboorteplaats 1] ,
hierna te noemen: [minderjarige 1] ,
[minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2018 in [geboorteplaats 2] ,
hierna te noemen: [minderjarige 2] .
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
[de moeder] ,
hierna te noemen: de moeder,
wonende in [woonplaats 1] ,
[de vader] ,
hierna te noemen: de vader,
wonende in [woonplaats 2] .
1 Het verloop van de procedure
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
-
het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 14 augustus 2026;
-
de reactie van de moeder op het verzoek, ingediend door de GI, ontvangen op 21 augustus 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 25 september 2026. Daarbij waren aanwezig:
- de moeder;
- de vader;
- [naam 1] en [naam 2] namens de GI.
De kinderrechter heeft [minderjarige 1] en [minderjarige 2] naar hun mening gevraagd. [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben hierover een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.
2 De feiten
De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .
[minderjarige 1] woont bij haar vader en [minderjarige 2] woont bij haar moeder.
De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 18 september 2025 de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] verlengd tot 26 september 2026.
3 Het verzoek
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te verlengen voor de duur van zes maanden en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Ter onderbouwing van het verzoek wordt verwezen naar de overgelegde stukken.
Ter aanvulling heeft de GI tijdens de zitting naar voren gebracht dat zij tevreden zijn over de voortgang. Daar waar er eerst sprake was van veel crisissituaties is er nu sprake van meer rust. Ook de hulpverlening ziet meer rust bij de kinderen. Volgens de GI is het inmiddels bijna goed genoeg. Er zijn goede stappen gezet, maar er moeten nog wel stappen gezet worden. Zo krijgen de kinderen nog steeds volwassenzaken mee. Ook moet er nog wat gebeuren in de communicatie tussen de ouders. De aanmelding voor een communicatietraject voor de ouders is gedaan en de ouders staan nu op een wachtlijst. De GI verwacht dat de hulpverlening, waaronder het communicatietraject en hulpverlening vanuit Trias, na deze gevraagde zes maanden kan worden overgedragen naar de gemeente in het vrijwillig kader. Dan zal de gemeente de regierol overnemen van de GI. De GI heeft er vertrouwen in dat het de ouders lukt om problemen bij een terugval met de hulpverlening in het vrijwillig kader zelf op te lossen. De GI wil benadrukken dat het van groot belang is dat de ouders hun eigen belang opzij zetten en dat zij kijken naar wat de kinderen nodig hebben.
4 De standpunten
De moeder is het eens met het verlengingsverzoek. De moeder ervaart de rust die er is als valse rust. Wanneer er tussen de ouders geen communicatie is, is er sprake van rust. Waanneer de ouders met elkaar moeten communiceren, dan ontploft de boel. Daarom is een communicatietraject heel belangrijk. De moeder zou graag zien dat [minderjarige 1] ook bij haar komt wonen.
De vader is het eens met het verlengingsverzoek, al zou hij liever zien dat de ondertoezichtstelling verlengd wordt voor de duur van een jaar. De vader vindt dat de veiligheid en rust van de kinderen voorop staat. Volgens de vader is het wel duidelijk waarom er maar minimale communicatie tussen de ouders plaatsvindt.
5 De beoordeling
De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan.1 De ondertoezichtstelling is daarom nog steeds nodig. De kinderrechter zal de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] verlengen voor de duur van zes maanden. De kinderrechter zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat. De kinderrechter legt hieronder uit waarom.
De kinderrechter constateert dat er sprake is van een positieve ontwikkeling binnen het gezin. De ouders wonen fysiek gescheiden van elkaar en dit heeft gezorgd voor meer rust en duidelijkheid voor de kinderen. Beide ouders zijn vanuit hun eigen overtuiging gericht op het welzijn van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] en zetten zich in voor hun ontwikkeling. Ondanks deze mooie ontwikkelingen is de kinderrechter nog wel van oordeel dat er sprake is van een ernstige bedreiging in de ontwikkeling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . De langdurige dynamiek tussen de ouders werkt door op de kinderen en zij hebben daar last van. Hierdoor is de ontwikkeling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] nog zeer kwetsbaar. [minderjarige 2] lijkt de verschillen in opvoeding nadrukkelijk te ervaren. Bij [minderjarige 1] zijn kwetsbaarheden zichtbaar. [minderjarige 1] lijkt zich verantwoordelijk te voelen en ervaart emotionele belasting. [minderjarige 1] neemt verantwoordelijkheden op zich die niet passen bij haar leeftijd. [minderjarige 1] moet hiervan ontlast worden. Tussen de ouders bestaat er verschil van inzicht over de wijze waarop zij gezamenlijk invulling geven aan belangrijke momenten in het leven van de kinderen. Zo gaat [minderjarige 1] het volgende schooljaar naar de middelbare school en moet er op korte termijn een school gekozen worden. De ouders verschillen van mening over de grondslag en de locatie van de school. Voor [minderjarige 1] voelt het daarmee alsof ze niet alleen een school moet kiezen, maar daarmee ook kiest voor een van de ouders. Dat wil zij niet. Ook voor het maken en naleven van eenduidige afspraken vanuit het gezamenlijk belang van de kinderen hebben de ouders nog iets te leren. De kinderrechter vindt het dan ook fijn dat het communicatietraject waarbij gewerkt wordt aan het verbeteren van de communicatie van de ouders gaat starten. De kinderrechter onderschrijft de stelling van de GI dat het voor de kinderen belangrijk is dat de ouders bij een keuze hun eigen belang opzij zetten en dat zij kijken naar wat de kinderen nodig hebben. De kinderrechter is van oordeel dat het in het belang van de kinderen is dat de GI voor nu de ontwikkeling van de kinderen blijft monitoren en ondersteuning blijft bieden. Mogelijk kan aan het einde van deze termijn toegewerkt worden naar de voortzetting van de hulpverlening in het vrijwillig kader. De kinderrechter hoopt dat het de ouders lukt om dit mogelijk te maken, zodat zij zelf weer volledig de ouderlijke verantwoordelijkheid kunnen dragen.
6 De beslissing
De kinderrechter:
verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] voor de duur van zes maanden, te weten tot 26 maart 2027;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
|
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 25 september 2026 door mr. A.M. Mensink, kinderrechter, in aanwezigheid van J.G.J. Remeijsen als griffier, en op schrift gesteld op 9 oktober 2026. |
||
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
-
degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
-
andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.