ECLI:NL:RBGEL:2026:7840

Datum uitspraak
03-09-2026
Instantie
Rechtbank Gelderland
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Zaaknummer
C/05/471106 / ZJ RK 26-694
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Ondertoezichtstelling. Afwijzing verzoek tot verlenging. Samengesteld gezin. De onveiligheid en onrust die werd veroorzaakt door de vader van de andere kinderen is voldoende afgenomen. De positieve lijn kan in het vrijwillig kader worden voortgezet.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Zutphen

Zaaknummer: C/05/471106 / ZJ RK 26-694

Datum uitspraak: 3 september 2026

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling

in de zaak van

de gecertificeerde instelling stichting Jeugdbescherming Gelderland, regio Noord, gevestigd te Zutphen,

hierna te noemen de GI,

over

[minderjarige 1] , geboren op [geboortedag] 2012 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen [minderjarige 1] ,

[minderjarige 2] , geboren op [geboortedag] 2013 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen [minderjarige 2] ,

[minderjarige 3] , geboren op [geboortedag] 2014 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen [minderjarige 3] .

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat mr. C.H.J. Willemsen uit Arnhem.

De kinderrechter merkt als informant aan:

[de vader] ,

hierna te noemen de vader,

wonende te [woonplaats] .

1 Het verloop van de procedure

1.1.

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 5 augustus 2026.

1.2.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 3 september 2026. Daarbij waren aanwezig:

- de moeder met haar advocaat;

- een vertegenwoordiger van de GI.

1.3.

De kinderrechter heeft [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] naar hun mening gevraagd. [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] hebben hierover een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] hebben verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.

2 De feiten

2.1.

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] .

2.2.

[minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] wonen bij hun moeder.

3 Het verzoek

3.1.

De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] te verlengen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

3.2

De GI stelt dat het afgelopen jaar de focus vooral geweest is op de onveiligheid en onduidelijkheid gerelateerd aan de vader van de jongere kinderen van de moeder, de [persoon 1] . Dat zorgde ook voor onveiligheid bij de kinderen. Er zijn nog steeds incidenten en de communicatie tussen de moeder en de [persoon 1] is nog beperkt. De GI heeft zorgen over de ontwikkeling van de kinderen en vindt gespecialiseerder hulpverlening noodzakelijk. De GI stelt dat niet met zekerheid kan worden gezegd of de hulpverlening zonder kader van een ondertoezichtstelling de ruimte gaat krijgen om binnen het gezin alles aan te pakken wat nodig is.

4 De standpunten

4.1.

De moeder voert verweer. Toen de ondertoezichtstelling vorig jaar werd uitgesproken was er heel veel gaande en was er zo veel onrust dat zij daar toen mee kon instemmen. De moeder is het afgelopen jaar goed in contact met de hulpverlening geweest en zij heeft zich overal aan gehouden. Inmiddels is de situatie aanzienlijk verbeterd en is er sprake van een rustige thuissituatie voor de kinderen [naam] . De [persoon 1] is veroordeeld en aan hem is een contact- en locatieverbod opgelegd. De moeder staat nog steeds open voor hulpverlening, ook als dat in het vrijwillig kader is. Anders dan voor haar drie jongste kinderen, is de noodzaak voor een ondertoezichtstelling voor [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] niet langer aanwezig. Subsidiair verzoekt de moeder de ondertoezichtstelling voor een kortere periode te verlengen.

5 De beoordeling

5.1.

De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling niet meer wordt voldaan.1 De kinderrechter zal het verzoek van de GI tot verlenging van de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] afwijzen. De kinderrechter legt hieronder uit waarom.

5.2.

In de beschikking van 8 september 2025 heeft de kinderrechter de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] uitgesproken, met name vanwege de onveiligheid in de thuissituatie tijdens de relatie van de moeder met de [persoon 1] , de vader van de drie jongste kinderen van de moeder. Uit de verzoeken van de GI blijkt dat de focus het afgelopen jaar ook heeft gelegen op de onveiligheid en onduidelijkheid gerelateerd aan de [persoon 1] en zijn kinderen.

5.3.

Uit de stukken en de toelichting op de zitting is de kinderrechter gebleken dat de thuissituatie omtrent [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] het afgelopen jaar sterk is verbeterd. Er zijn met hem veiligheidsafspraken gemaakt over de omgang met zijn kinderen en er is begeleiding voor hem ingezet, waardoor de onveiligheid voor de moeder en de kinderen [naam] grotendeels is weggenomen. Er is inmiddels sprake van een stabiele en veilige thuissituatie voor de kinderen. Uit de gesprekken met [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] is de kinderrechter gebleken dat zij het fijn vinden om met de moeder bij [persoon 2] (de huidige partner van de moeder) in [woonplaats] te wonen en dat zij zich daar prettig voelen. Het doet de kinderen zichtbaar goed dat er nu sprake is van rust. De kinderen voelen zich niet meer onveilig en maken zich ook substantieel minder zorgen over de andere kinderen. De kinderrechter is van oordeel dat deze positieve lijn in het vrijwillig kader kan worden voortgezet. Daarbij acht de kinderrechter van belang dat de moeder zelf de ondersteuning en begeleiding van [instelling] heeft ingeschakeld. Zij voeren wekelijks gesprekken met [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] . De moeder staat er ook voor open om deze hulpverlening in het vrijwillig kader voort te zetten.

5.4.

De kinderrechter neemt verder in aanmerking dat de GI nog betrokken zal blijven bij het gezin in het kader van de ondertoezichtstelling van de drie jongste kinderen van de moeder, zodat er in ieder geval zicht blijft op veiligheid in de thuissituatie bij de moeder. Verder bleek op zitting dat, als de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] , [minderjarige 2] en [minderjarige 3] zou worden verlengd, er een andere gezinsvoogd voor de kinderen zal komen, met wie de kinderen eerst weer een vertrouwensband zouden moeten opbouwen. Voor zover er nog sprake is van zorgen over de ontwikkeling van de kinderen vanwege het effect dat de onrust en ruzies van de moeder en haar ex-partners op termijn zou kunnen hebben, heeft de kinderrechter er voldoende vertrouwen in dat de moeder de instanties goed weet te vinden indien de hulpverlening moet worden opgeschaald.

5.5.

Dit maakt dat de kinderrechter de ondertoezichtstelling niet langer noodzakelijk acht en het verzoek daarom zal afwijzen.

6 De beslissing

De kinderrechter:

6.1.

wijst het verzoek af.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 3 september 2026 door

mr. G. Hilberink, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. M.J.B. Geven als griffier, en op schrift gesteld op 17 september 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

  • degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

  • andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »