Artikel 11 Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte
Lid 1
In geval van een verzoek als bedoeld in artikel 7:249 van het Burgerlijk Wetboek doet de huurcommissie uitspraak omtrent de redelijkheid van de overeengekomen huurprijs. Als een dergelijk verzoek wordt mede aangemerkt een verzoek ingevolge artikel 6, eerste lid, aanhef en onderdeel b, indien een aanvraag om een huurtoeslag voor de desbetreffende woonruimte is ingediend binnen de in artikel 7: 249 van het Burgerlijk Wetboek bedoelde termijn en indien en zodra de voorzitter op dat verzoek een verklaring heeft afgegeven waaruit blijkt dat de overeengekomen huurprijs hoger is dan de bij de desbetreffende woonruimte behorende maximale huurprijsgrens.
Lid 2
De huurcommissie toetst in dat geval de redelijkheid van de overeengekomen huurprijs aan de krachtens artikel 10, eerste lid, gegeven regels.
Lid 3
Indien de huurcommissie de overeengekomen huurprijs niet redelijk acht, vermeldt zij in haar uitspraak de huurprijs die zij redelijk acht.
Lid 4
In geval sprake is van een huurovereenkomst als bedoeld in artikel 3 spreekt de huurcommissie, indien de beoordeling, bedoeld in het tweede lid, zou leiden tot een huurprijs boven de in artikel 7:247 van het Burgerlijk Wetboek genoemde grens, uit dat de door partijen overeengekomen huurprijs redelijk is. Indien de huurprijs na de uitspraak van de huurcommissie en in voorkomend geval na de vaststelling ervan door de rechter onherroepelijk is komen vast te staan en niet boven die grens uitkomt, is artikel 7:247 op die huurovereenkomst niet langer van toepassing.
Lid 5
De huurcommissie beoordeelt de kwaliteit van de woonruimte en de redelijkheid van de huurprijs naar de toestand op de datum van ingang van de huurovereenkomst.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 11 Uhw is sinds 2020 in 21 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Midden-Nederland, Rb. Amsterdam en Rb. Noord-Nederland.
- ECLI:NL:HR:2023:1005 — 30-06-2023 Hoge Raad
Huurrecht. Prejudiciele vragen. Toetsing aanvangshuurprijs. Art. 7:249 BW. Is voor waardering van energieprestatie van woning nodig dat bij ingang van huurovereenkomst een energie-index was vastgesteld of energielabel was afgegeven? - ECLI:NL:GHARL:2020:9731 — 24-11-2020 Hof Arnhem-Leeuwarden
Het vonnis van de is kantonrechter weliswaar in strijd met artikel 11 lid 4 Uhw (Uitvoeringswet huurprijzen woonruimte), maar dat levert geen doorbrekingsgrond op. Dat betekent dat het beroep van verhuurder tegen het vonnis ongegrond is. - ECLI:NL:RBAMS:2026:5545 — 21-05-2026 Rb. Amsterdam
procedure bij ktr na uitspraak huurcomissie over puntentelling huurwoning (zaaknummer 2418527) - ECLI:NL:RBGEL:2026:2636 — 21-01-2026 Rb. Gelderland
Renovatie kantoorgebouw tot woonruimte. Toetsing aanvangshuurprijs. De kantonrechter oordeelt dat het aantal toe te kennen punten aan het gehuurde maken dat er sprake is van een geliberaliseerde huurprijs. De gevorderde verklaring voor recht dat huurder legeskosten van de… - ECLI:NL:RBNNE:2025:4854 — 04-11-2025 Rb. Noord-Nederland
Huur van woonruimte. Toetsen aanvangshuurprijs. Er is sprake van een geliberaliseerde huurprijs. De door partijen overeengekomen huurprijs is daarom redelijk. De huurprijs wordt wel tijdelijk verlaagd vanwege gebreken (vocht- en schimmelproblemen). Daarnaast hebben de huurders…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.