Artikel 6:7:4 Wetboek van Strafvordering
Lid 1
Onze Minister doet mededeling aan de veroordeelde van het ingaan van de opschorting van de tenuitvoerlegging die is verbonden aan het indienen van een verzoekschrift.
Lid 2
Indien een verzoekschrift om gratie van een vrijheidsstraf, van de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege of van de maatregel van plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders is ingediend, zonder dat de wet daaraan de opschorting van de tenuitvoerlegging verbindt, kan Onze Minister niettemin bepalen dat de tenuitvoerlegging wordt opgeschort of geschorst zolang op het verzoek niet is beschikt. Hij doet daarvan mededeling aan de veroordeelde.
Lid 3
De opschorting of schorsing gaat in op het moment dat de veroordeelde kennis heeft gekregen van de mededeling, bedoeld in het eerste of het tweede lid. De opschorting of schorsing duurt totdat op het verzoekschrift is beslist.
Lid 4
Onze Minister draagt na de mededeling, bedoeld in het eerste of tweede lid, zorg dat de tenuitvoerlegging van de straf of maatregel waarvan gratie is verzocht, wordt opgeschort of geschorst overeenkomstig de te dien aanzien geldende wettelijke voorschriften.
Recente uitspraken
Art. 6:7:4 Sv is sinds 2020 in 5 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Den Haag, Hof Den Haag en Rb. Noord-Holland.
- ECLI:NL:GHDHA:2020:978 — 09-06-2020 Hof Den Haag
Kort geding. Onrechtmatige daad Staat jegens - voorheen - in buitenland gedetineerde Nederlander door voortgezette tenuitvoerlegging gevangenisstraf in Nederland niet te schorsen? - ECLI:NL:RBDHA:2024:10302 — 03-07-2024 Rb. Den Haag
Kort geding. Tenuitvoerlegging Poolse gevangenisstraf van twee jaar onvoorwaardelijk in Nederland. Voorwaardelijke invrijheidstelling. Gratieverzoek. De Staat heeft naar het oordeel van de voorzieningenrechter in redelijkheid kunnen oordelen dat ten tijde van de strafovername… - ECLI:NL:RBDHA:2023:20816 — 27-07-2023 Rb. Den Haag
Vordering opschorting tenuitvoerlegging gevangenisstraf in afwachting van beslissing op gratieverzoek afgewezen. - ECLI:NL:RBNHO:2022:5998 — 12-07-2022 Rb. Noord-Holland
Ontucht met zes meisjes, gepleegd door handbaltrainer. Bewijsconstructie, deels aan de hand van schakelbewijs. Gevangenisstraf van 48 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk. Overwegingen van de rechtbank over toepassing van vrijheidsstraf bij een verdachte op gevorderde… - ECLI:NL:RBDHA:2021:5961 — 20-04-2021 Rb. Den Haag
Kort geding. Aan de orde is de vraag of de Staat onrechtmatig handelt door de tenuitvoerlegging van de aan eiser opgelegde gevangenisstraf niet op te schorten totdat op het gratieverzoek is beslist en totdat eiser detentiegeschikt is bevonden.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.