Artikel 495a Wetboek van Strafvordering
Lid 1
De verdachte is verplicht in persoon te verschijnen. Bij de dagvaarding wordt hem kennis gegeven dat, indien hij niet aan deze verplichting voldoet, het gerecht zijn medebrenging kan gelasten.
Lid 2
Indien de van misdrijf verdachte in gebreke blijft op de terechtzitting te verschijnen, stelt het gerecht, tenzij aanstonds van nietigheid van de dagvaarding, niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie of onbevoegdheid van het gerecht blijkt, het onderzoek tot een bepaalde dag uit en beveelt het tevens de medebrenging van de verdachte. Het gerecht kan echter indien van de verdachte geen woon- of verblijfplaats bekend is of op grond van bijzondere omstandigheden het geven van een bevel tot medebrenging achterwege laten.
Lid 3
Tegen de verdachte die in gebreke blijft op de terechtzitting te verschijnen, wordt tenzij het gerecht de medebrenging tegen een nader tijdstip gelast, verstek verleend. Het onderzoek wordt daarna voortgezet.
Lid 4
Het eerste, tweede en derde lid zijn niet van toepassing indien ten tijde van de terechtzitting de verdachte inmiddels de leeftijd van achttien jaren heeft bereikt.
Recente uitspraken
Art. 495a Sv is sinds 2003 in 5 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Hof Arnhem-Leeuwarden en Rb. Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2014:955 — 22-04-2014 Hoge Raad
Artt. 509a, c, d en 495a Sv. Ex art. 509d Sv kan de rechter, indien de verdachte niet ter terechtzitting is verschenen, een bevel tot medebrenging van verdachte a.b.i. art. 495.2 Sv achterwege laten indien de persoonlijke verschijning van verdachte “noch noodzakelijk noch… - ECLI:NL:HR:2004:AO5056 — 18-05-2004 Hoge Raad
Uitleg art. 495a Sv. Art. 495a.2 Sv ziet op het geval dat de verdachte in gebreke blijft om op de in de dagvaarding genoemde terechtzitting te verschijnen en heeft, gelet op art. 495a.3 Sv, geen betrekking op het geval dat de verdachte, nadat met inachtneming van dat artikel… - ECLI:NL:HR:2003:AH9978 — 28-10-2003 Hoge Raad
Jeugdstrafprocesrecht. Verdediging bij verstek. 1. Art. 279 Sv van toepassing, behalve in de situatie van art. 503 Sv. 2. Verhouding van verdediging door gemachtigde raadsman ex art. 279 Sv tot verschijningsplicht art. 495a Sv. - ECLI:NL:GHARL:2024:3635 — 08-05-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
Aanwezigheidsplicht van verdachte vanwege minderjarigheid. Verdachte is door de kinderrechter bij verstek veroordeeld. Terugwijzing van de zaak naar de rechtbank omdat de kinderrechter de zaak ten minste eenmaal had moet aanhouden om de verschijning van verdachte mogelijk te… - ECLI:NL:RBAMS:2020:4640 — 22-09-2020 Rb. Amsterdam
De 50-jarige man die op 5 juli 2019 in de Warmoesstraat in het centrum van Amsterdam op klaarlichte dag een 29-jarige man doodstak is veroordeeld tot 8 jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. Uit niets blijkt dat er sprake was van een vooropgezet plan. De man bedreigde…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.