Artikel 195b Wetboek van Strafvordering

Lid 1

De verdachte kan binnen veertien dagen nadat hem de uitslag van het DNA-onderzoek schriftelijk is kennisgegeven, de rechter-commissaris verzoeken een andere door hem aangewezen deskundige, verbonden aan één van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen laboratoria, te benoemen met de opdracht een DNA-onderzoek te verrichten. Indien daartoe voldoende celmateriaal beschikbaar is, willigt de rechter-commissaris het verzoek in. De deskundige brengt aan de rechter-commissaris een met redenen omkleed verslag uit. Artikel 195a, vierde lid, eerste volzin, vijfde en zesde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Lid 2

In geval van toepassing van het eerste lid, wordt de verdachte een deel van de kosten van het onderzoek, waarvan de hoogte bij algemene maatregel van bestuur wordt vastgesteld, in rekening gebracht, indien dit onderzoek het in opdracht van de rechter-commissaris verrichte onderzoek bevestigt.

Lid 3

Bij toepassing van artikel 228, vierde lid, blijft het eerste lid buiten toepassing.

Recente uitspraken

Art. 195b Sv is sinds 2002 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad.

  • ECLI:NL:HR:2011:BP8821 — 12-07-2011 Hoge Raad
    Contra-expertiserapport en Wet deskundige in strafzaken. Het WvSv voorziet op diverse plaatsen in een mogelijkheid voor de verdachte aan de Officier van Justitie of de rechter(-commissaris) te verzoeken een deskundige te benoemen voor het verrichten van (tegen) onderzoek. Voorts…
  • ECLI:NL:HR:2005:AU2250 — 22-11-2005 Hoge Raad
    Het ter terechtzitting in appèl gedane verzoek tot aanvulling van het dossier met “de piekprofielen behorende bij het DNA-onderzoek door het NFI” is een verzoek ex art. 328 jo. 331 jo. 315.1 Sv. Maatstaf voor beoordeling van zo’n verzoek is of de noodzaak daarvan is gebleken.…
  • ECLI:NL:HR:2002:AE5654 — 08-10-2002 Hoge Raad
    -

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.