Artikel 126 Wetboek van Strafvordering

Lid 1

In geval van verdenking van een misdrijf, waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd en waardoor op geld waardeerbaar voordeel van enig belang kan zijn verkregen, kan overeenkomstig de bepalingen van deze afdeling een strafrechtelijk financieel onderzoek worden ingesteld.

Lid 2

Een strafrechtelijk financieel onderzoek is gericht op de bepaling van het door de verdachte wederrechtelijk verkregen voordeel, met het oog op de ontneming daarvan op grond van artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.

Lid 3

Het strafrechtelijk financieel onderzoek wordt ingesteld krachtens een met redenen omklede machtiging van de rechter-commissaris, op vordering van de officier van justitie die met de opsporing van het strafbare feit is belast, verleend.

Lid 4

De vordering van de officier van justitie is met redenen omkleed. Bij de vordering wordt een lijst van voorwerpen overgelegd die reeds op grond van artikel 94a, tweede, vierde en vijfde lid, in beslag zijn genomen.

Lid 5

De officier van justitie informeert periodiek uit eigen beweging of op diens verzoek de rechter-commissaris over de voortgang van het strafrechtelijk financieel onderzoek. De rechter-commissaris licht de rechtbank in, indien hij zulks met het oog op artikel 126e, eerste lid, nodig oordeelt. De rechter-commissaris doet hiervan mededeling aan de officier van justitie.

Recente uitspraken

Art. 126 Sv is sinds 2001 in 88 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Den Haag en Rb. Zeeland-West-Brabant.

  • ECLI:NL:HR:2026:167 — 03-02-2026 Hoge Raad
    Profijtontneming, w.v.v. uit gewoontewitwassen. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.3 Sr. Beginpunt van redelijke termijn in eerste aanleg. Kon hof oordelen dat niet moment waarop betrokkene ervan op de hoogte is geraakt dat tegen hem strafrechtelijk financieel…
  • ECLI:NL:HR:2019:1591 — 15-10-2019 Hoge Raad
    OM-cassatie. Beklag, (door RC afgewezen vordering tot machtiging van OvJ tot leggen van) beslag ex art. 94a Sv onder klager op niet nader omschreven voorwerpen t.z.v. ontneming w.v.v. Moet vordering tot machtiging van OvJ concrete voorwerpen noemen waarop beslag betrekking…
  • ECLI:NL:HR:2017:3065 — 05-12-2017 Hoge Raad
    OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 en 94a Sv. 1. Disproportioneel beslag ex art. 94a Sv? 2. Art. 94 Sv, strafvorderlijk belang? Ad 1. HR herhaalt ECLI:NL:HR:2015:2881 m.b.t. de proportionaliteits- en subsidiariteitstoets. Het oordeel van de Rb. dat de voortzetting van het…
  • ECLI:NL:HR:2016:314 — 23-02-2016 Hoge Raad
    Artt. 126a en 552a Sv. Bevel om opgave te doen of inzage of afschrift te geven van bescheiden en gegevens ex. art. 126a.1.a Sv. De Rb heeft met juistheid geoordeeld dat klaagster ontvankelijk is in haar ex art. 552a Sv ingediende klaagschrift tegen de vordering gegevens ex art.…
  • ECLI:NL:HR:2015:3255 — 10-11-2015 Hoge Raad
    Profijtontneming. 1. Motivering schatting w.v.v. Art. 359.3, 511f en 511g Sv. 2. Verwerping verweer m.b.t. het terugstorten van gelden aan de Vereniging van Eigenaren. 3. Oordeel Hof m.b.t. aanvangsmoment redelijke termijn. Ad. 1. HR herhaalt relevante overwegingen uit…

Bekijk alle 88 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.