Uitspraken over Artikel 55 Wetboek van Strafrecht
Art. 55 Sr is sinds 1958 in 1806 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Overijssel, Rb. Amsterdam en Rb. Rotterdam.
Pagina 3 van 40 — 1833 uitspraken in totaal, gesorteerd op gezagsvolgorde (Hoge Raad → Hof → Rechtbank). Getoond worden de eerste 1000; zoek gericht via zoeken.
- ECLI:NL:HR:2009:BG4817 — 03-02-2009 Hoge Raad Strafrecht
Economisch delict. OM-cassatie. 1. Art. 55 Sr. 2. Art. 65.3 (oud) Ffw. ’s Hofs oordeel dat het bewezenverklaarde vangen van kraaien i.c. niet strafbaar is en dat verdachte daarom moet worden ontslagen van alle rechtsvervolging, is onjuist noch ontoereikend gemotiveerd. - ECLI:NL:HR:2008:BC8651 — 16-09-2008 Hoge Raad Strafrecht
Oormerkverplichting. 1. Oormerken schending van in art. 36 Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GWWD) neergelegde verbod op dierenmishandeling? 2. Verhouding Verordening (EG) nr. 21/2004 en Richtlijn 92/102/EEG. Ad 1. De opvatting dat verdachte niet kan worden verweten dat… - ECLI:NL:HR:2006:AW0476 — 30-05-2006 Hoge Raad Strafrecht
OM-cassatie. Verhouding art. 266.1 en 285.1 (oud) Sr tot art. 285b.1 Sr in het licht van art. 55.2 Sr. ’s Hofs oordeel dat sprake is van “een systematische specialis verhouding” tussen enerzijds art. 266.1 Sr en art. 285.1 (oud) Sr en anderzijds art. 285b Sr, dus dat elk van… - ECLI:NL:HR:2004:AR2437 — 16-11-2004 Hoge Raad Strafrecht
Art. 55.1 Sr en kwalificatie. Het hof heeft terecht art. 55.1 Sr vermeld als wettelijk voorschrift waarop de straf mede berust en de bepaling toegepast waarbij de zwaarste hoofdstraf is gesteld. Het hof heeft - gelijk het kon doen - de strafbare feiten (afpersing en bedreiging)… - ECLI:NL:HR:2004:AP4226 — 14-09-2004 Hoge Raad Strafrecht
1. In een op art. 285b Sr toegesneden tenlastelegging behoeft wat betreft het bestanddeel “met het oogmerk de ander te dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden dan wel vrees aan te jagen” niet te worden gespecificeerd op welk doen, nalaten of dulden het oogmerk van de… - ECLI:NL:HR:2004:AO3226 — 23-03-2004 Hoge Raad Strafrecht
Art. 55 lid 1 Sr en kwalificatie. Hetzelfde feit vervult de delictsomschrijving van art. 242 en 246 Sr en is als feit 1 en 2 als afzonderlijke overtredingen van deze bepalingen tenlastegelegd, bewezenverklaard en gekwalificeerd. Met de aanhaling van art. 55 Sr heeft het Hof tot… - ECLI:NL:HR:2002:AE9045 — 12-11-2002 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:2002:AE2129 — 12-11-2002 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:2002:AD6248 — 08-01-2002 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:2001:AD4300 — 25-09-2001 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:1999:AA3802 — 23-11-1999 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:1999:AA3794 — 23-11-1999 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:1999:AA3838 — 02-11-1999 Hoge Raad Strafrecht
- - ECLI:NL:HR:1997:ZD0608 — 07-01-1997 Hoge Raad Strafrecht
Stiefkind. - ECLI:NL:HR:1994:AD2076 — 29-03-1994 Hoge Raad Strafrecht
Voortgezette handeling van medeplegen invoer van cocaïne (art. 2.A Opiumwet) en deelnemen aan criminele organisatie (art. 140.1 Sr). 1. Beroep op niet-ontvankelijkheid OM in vervolging wegens het op onjuiste wijze wijzigen van dagvaarding. 2. Had Hof aan vastgestelde schending… - ECLI:NL:HR:1991:2 — 26-02-1991 Hoge Raad Strafrecht
Militaire zaak. Weigeren van bloedproef (art. 33a.6 WVW) en doorrijden na aanrijding (art. 30.1.a WVW). Onrechtmatig verkregen bewijs verweer. 1. Bevoegdheid tot binnentreden opsporingsambtenaren. Is legeringskamer in legeringsgebouw, waarin zich 3 mariniers bevinden, aan te… - ECLI:NL:HR:1990:AD1139 — 29-05-1990 Hoge Raad Strafrecht
Medeplegen uitvoer hashish naar Duitsland, meermalen gepleegd (art. 3.A Opiumwet). 1. Geldigheid inleidende dagvaarding. Is tenlastelegging innerlijk tegenstrijdig? 2. Beroep op onrechtmatig verkregen bewijs. 3. Onttrekking aan het verkeer van diverse voorwerpen. 4.… - ECLI:NL:HR:1987:AC9971 — 22-09-1987 Hoge Raad Strafrecht
Opzettelijke brandstichting, waarbij gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor een ander was te duchten; geen eendaadse, maar meerdaadse samenloop van de misdrijven van art. 157 onder 1° en 157 onder 2° Sr. - ECLI:NL:HR:1984:AC8252 — 17-01-1984 Hoge Raad Strafrecht
Aanslag op Turkse consul te Rotterdam in 1982. 1. Bedreiging tegen het leven gericht, art. 285 Sr. 2. Art. 284 Sr lex specialis art. 285 Sr? Ad 1. Het Hof heeft kennelijk geoordeeld - en ook kunnen oordelen -, dat in de weergegeven f&o besloten ligt dat de bedreiging is geschied… - ECLI:NL:HR:1980:AC6817 — 19-02-1980 Hoge Raad Strafrecht
Opzetheling (art. 416.1.b Sr) en voorhanden hebben vuurwapen en munitie (art. 3 Vuurwapenwet 1919). Eendaadse samenloop, art. 55.1 Sr? Bewezen verklaarde gedragingen kunnen nooit één feit ex art. 55.1 Sr opleveren dan wel als voortgezette handeling a.b.i. art. 56 Sr worden… - ECLI:NL:HR:1958:72 — 13-05-1958 Hoge Raad Strafrecht
Medeplegen uitlokking van moord en van medeplegen moord in 1956 in Heer, art. 289 Sr. TBR met dwangverpleging opgelegd. 1. Verzuim niet verschenen getuige op te roepen. 2. Kon hof zaak onderzoeken o.g.v. onderzoek ttz. in eerste aanleg, nu dit onderzoek nietig was? 3. Geldigheid… - ECLI:NL:CBB:2018:400 — 14-08-2018 CBb Bestuursrecht
Hoger beroep. Boete wegens feitelijk leidinggeven aan overtreding van artikel 5:25i, tweede lid en artikel 5:58, eerste lid, aanhef en onder d van de Wet financieel toezicht. Informatie als bedoeld in artikel 5:53 van de Wet financieel toezicht (koersgevoelige informatie) niet… - ECLI:NL:GHDHA:2026:3079 — 15-10-2026 Hof Den Haag Strafrecht
Artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het voorhanden hebben van een vuurwapen, munitie en een patroonmagazijn en aan een poging tot het verhandelen van vuurwapens, terwijl hij daarvan een gewoonte heeft gemaakt.… - ECLI:NL:GHDHA:2026:3048 — 14-10-2026 Hof Den Haag Strafrecht
Opiumwet. De verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan het bereiden, bewerken, verwerken en opzettelijk aanwezig hebben van 50 liter van een materiaal bevattende morfine en meer dan 150 kilogram van een materiaal bevattende heroïne. Bevestiging vonnis van de… - ECLI:NL:GHSHE:2026:2771 — 13-10-2026 Hof 's-Hertogenbosch Strafrecht
De verdachte wordt veroordeeld voor het medeplegen van het invoeren van respectievelijk 500 kg (+ de uitvoer daarvan), 812 kg en 100 kg cocaïne, voor het treffen van voorbereidingshandelingen gericht op de invoer van cocaïne en voor het witwassen van een geldbedrag van in totaal…
Bron: Rechtspraak.nl. Koppelingen worden gemaakt op basis van artikelverwijzingen in de uitspraaktekst.