Artikel 26 Wet op de rechterlijke organisatie

Lid 1

Het bestuur stelt een regeling vast voor de behandeling van klachten.

Lid 2

De regeling of een wijziging daarvan behoeft de instemming van de Raad. De artikelen 10:28 tot en met 10:31 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

Lid 3

De instemming kan slechts worden onthouden wegens strijd met het recht of het belang van een goede bedrijfsvoering van het gerecht.

Lid 4

Klachten zijn niet mogelijk ten aanzien van gedragingen waartegen ingevolge een wettelijk geregelde voorziening een procedure bij een rechterlijke instantie openstaat of heeft opengestaan, dan wel beroep openstaat of heeft opengestaan tegen een uitspraak die in een zodanige procedure is gedaan. Klachten kunnen evenmin een rechterlijke beslissing betreffen.

Lid 5

De regeling wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

Lid 6

Afdeling 9.1.2 van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.

Lid 7

Ten aanzien van de bij het gerecht werkzame gerechtsambtenaren, buitengriffiers, senior-gerechtsauditeurs, gerechtsauditeurs en rechters in opleiding zijn titel 9.2 van de Algemene wet bestuursrecht alsmede artikel 1a, tweede lid, en hoofdstuk III van de Wet Nationale ombudsman van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat voor de overeenkomstige toepassing hiervan als bestuursorgaan wordt aangemerkt het bestuur van het gerecht waar de betrokken gerechtsambtenaar, buitengriffier, senior-gerechtsauditeur, gerechtsauditeur of rechter in opleiding werkzaam is.

Recente uitspraken

Art. 26 RO is sinds 2013 in 4 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad en Rb. Oost-Brabant.

  • ECLI:NL:HR:2021:1126 — 09-07-2021 Hoge Raad
    Externe klachtprocedure, vordering Procureur-Generaal (art. 13a RO). Klacht tegen kantonrechter in verband met aan klaagster opgelegd verbod om als werkneemster van een bewindvoerderskantoor bepaalde werkzaamheden uit te voeren, en op de wijze waarop dat verbod tot stand is…
  • ECLI:NL:HR:2018:2197 — 30-11-2018 Hoge Raad
    Externe klachtprocedure (art. 13a RO). Klacht van advocaat tegen president rechtbank en gerechtsbestuur, in verband met doen van melding aan deken over gedraging advocaat. Bevoegdheid Hoge Raad. Is het doen van die melding een gedraging van een rechter in de uitoefening van zijn…
  • ECLI:NL:HR:2013:BZ3450 — 06-03-2013 Hoge Raad
    Klachtprocedure ex art. 13a RO. Bestuur rechtbank gaat in op verzoek om nadere uitleg aan een door de eigen rechtbank gewezen vonnis. Vordering procureur-generaal ex art. 13a RO. Ontvankelijkheid klacht. Het geven van uitleg aan beslissingen die gegeven zijn door met rechtspraak…
  • ECLI:NL:RBOBR:2025:5569 — 04-09-2025 Rb. Oost-Brabant
    Kort geding. De vorderingen van de Staat strekken ertoe om onrechtmatig handelen van gedaagde in de toekomst te voorkomen. Dat onrechtmatig handelen bestaat volgens de Staat uit het aanhangig maken van enorme hoeveelheden veelal bij voorbaat kansloze gerechtelijke procedures en…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.