Artikel 13 Participatiewet
Lid 1
Geen recht op bijstand heeft degene:
aan wie rechtens zijn vrijheid is ontnomen;
die zich onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel;
die zijn militaire of vervangende dienstplicht vervult;
die wegens werkstaking of uitsluiting niet deelneemt aan de arbeid, voorzover diens gebrek aan middelen daarvan het gevolg is;
die per kalenderjaar langer dan vier weken verblijf houdt buiten Nederland dan wel een aaneengesloten periode van langer dan vier weken verblijf houdt buiten Nederland;
die jonger is dan 18 jaar;
die bijstand vraagt ter gedeeltelijke of volledige aflossing van een schuldenlast en die overigens bij het ontstaan van de schuldenlast, dan wel nadien, beschikte of beschikt over de middelen om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien;
die een uitreiziger is.
Lid 2
Geen recht op algemene bijstand heeft degene:
van 18, 19 of 20 jaar die in een inrichting verblijft;
die onbetaald verlof geniet als bedoeld in artikel 1, onderdeel g, van de Werkloosheidswet of die gehuwd is met een zodanig persoon, voor zover diens gebrek aan middelen daarvan het gevolg is, tenzij de belanghebbende alleenstaande ouder is en hij verlof geniet als bedoeld in hoofdstuk 6 van de Wet arbeid en zorg;
die jonger is dan 27 jaar en uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs kan volgen en:
in verband daarmee aanspraak heeft op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000, dan wel
in verband daarmee geen aanspraak heeft op studiefinanciering en dit onderwijs niet volgt;
die jonger is dan 27 jaar en uit wiens houding en gedragingen ondubbelzinnig blijkt dat hij de verplichtingen, bedoeld in artikel 9, eerste lid, of artikel 55 niet wil nakomen.
Lid 3
Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing op bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën personen waarbij tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel plaatsvindt buiten een penitentiaire inrichting, een instelling voor de verpleging van ter beschikking gestelden of een inrichting als bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen. Het eerste lid, onderdelen a en b, is niet van toepassing op de persoon aan wie rechtens zijn vrijheid is ontnomen op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg, de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten of, voor zover het het recht op bijzondere bijstand betreft, na ontslag van alle rechtsvervolging, van artikel 37b, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht of op de persoon die zich onttrekt aan de tenuitvoerlegging van een vrijheidsbenemende maatregel op grond van die artikelen.
Lid 4
In afwijking van het eerste lid, onderdeel e, geldt voor personen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, een periode van dertien weken.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 13 Pw is sinds 2012 in 20 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Midden-Nederland, Rb. Den Haag en Hoge Raad.
- ECLI:NL:HR:2023:1291 — 22-09-2023 Hoge Raad
Arbeidsrecht (art. 7:611 BW). Pensioenrecht; voorwaardelijke indexatieverplichting in pensioenovereenkomst (art. 13 Pw). Kunnen goed werkgeverschap of redelijkheid en billijkheid meebrengen dat werkgever gehouden is werknemer te compenseren voor verslechtering van kans op… - ECLI:NL:HR:2022:1267 — 23-09-2022 Hoge Raad
Pensioenrecht. Overdracht door voormalig pensioenfonds aan pensioenverzekeraar van door (gewezen) deelnemers en gepensioneerden onder pensioenregeling van werkgever opgebouwde (gekorte) nominale pensioenrechten en pensioenaanspraken zonder voorwaardelijk indexatieperspectief;… - ECLI:NL:GHARL:2020:10085 — 03-12-2020 Hof Arnhem-Leeuwarden
Ontslag bewindvoerder wegens gewichtige redenen; aansprakelijkheid wegens toerekenbaar tekortschieten door bewindvoerder; stelplicht en bewijslast. Artikelen 1:448 BW, 1:444 BW Hoger beroep mogelijk: tussen of eindbeschikking? Artikel 358 lid 4 Rv. - ECLI:NL:GHSHE:2020:2034 — 07-07-2020 Hof 's-Hertogenbosch
De (voormalig) bewindvoerder is aansprakelijk jegens de rechthebbende omdat hij in de zorg van een goed bewindvoerder tekort is geschoten (1:444 BW), door na te laten bezwaar te maken tegen het besluit van de gemeente tot intrekking van bijstandsuitkering van de rechthebbende.… - ECLI:NL:RBOBR:2026:651 — 02-02-2026 Rb. Oost-Brabant
Intrekking en terugvordering bijstand, beroep ongegrond, eiser is te lang in het buitenland verbleven. Dit was wegens ziekte, maar de verwijtbaarheid van het langere verblijf in het buitenland is niet relevant. Dringende reden niet gebleken.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.