Artikel 123 Faillissementswet
De schuldeiser, wiens vordering betwist wordt, is tot staving daarvan tot geen nader of meerder bewijs gehouden, dan hij tegen de gefailleerde zelf zoude moeten leveren.
Recente uitspraken
Art. 123 Fw is sinds 2015 in 6 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Hof Amsterdam en Hof Arnhem-Leeuwarden.
- ECLI:NL:GHARL:2024:4798 — 23-07-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
Op de verificatievergadering in een faillissement betwisten de curator en de bank een door een (andere) schuldeiser ingediende vordering. Na verwijzing op grond van 112 Fw. verklaart de rechtbank zich onbevoegd om van het geschil kennis te nemen vanwege een… - ECLI:NL:GHAMS:2021:3151 — 19-10-2021 Hof Amsterdam
Renvooiprocedure. Betwisting ingediende vordering door crediteur. Wijziging van de grondslag van de ingediende vordering in de renvooiprocedure. - ECLI:NL:GHSHE:2016:1829 — 10-05-2016 Hof 's-Hertogenbosch
art. 157 lid 1 en lid 2 Rv (bewijskracht notariële akte), artt. 151 en 152 Rv (tegenbewijs, ook tegen dwingend bewijs , door alle middelen), art. 160 lid 1 Rv (kracht schriftelijk bewijs in de oorspronkelijke akte) - ECLI:NL:RBROT:2019:824 — 06-02-2019 Rb. Rotterdam
Uitleg (liquidatie-)akkoord. Art. 136 Fw. - ECLI:NL:RBAMS:2018:6634 — 05-09-2018 Rb. Amsterdam
Twee renvooiprocedures. De ter verificatie ingediende vorderingen zijn betwist door een mede-schuldeiser. Algemene overwegingen over stelplicht en bewijslast (artikel 123 Fw) en de betekenis van een jaarrekening van de failliet in de bewijssfeer. Ad procedure 1: De eiser tot…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.