Art. 7:58 Burgerlijk Wetboek Boek 7
Lid 1
Deze titel is van toepassing op kredietovereenkomsten.
Lid 2
Deze titel is niet van toepassing op:
kredietovereenkomsten die gewaarborgd worden door een hypotheek of door een andere vergelijkbare zekerheid op een registergoed, dan wel door een recht op een registergoed tegen voor hypothecaire financiering door de betrokken kredietgever gebruikelijke voorwaarden;
kredietovereenkomsten voor het verkrijgen of het behouden van eigendomsrechten betreffende grond of een bestaand of gepland gebouw;
huur of lease-overeenkomsten, tenzij:
zij een verplichting tot aankoop van het object van de overeenkomst inhouden of een dergelijke verplichting bij afzonderlijke overeenkomst is toegevoegd, waaronder tevens is begrepen dat tot de verplichting tot aankoop eenzijdig door de kredietgever wordt besloten, dan wel
zij als een overeenkomst van goederenkrediet als bedoeld in artikel 84 moeten worden aangemerkt;
kredietovereenkomsten die in de vorm van een geoorloofde debetstand op een rekening worden verleend en die binnen een maand moeten worden afgelost;
kredietovereenkomsten zonder rente en andere kosten, en kredietovereenkomsten waarbij het krediet binnen een termijn van drie maanden moet worden terugbetaald en slechts onbetekenende kosten worden aangerekend;
kredietovereenkomsten waarbij het krediet als nevenactiviteit door een werkgever rentevrij of tegen een jaarlijks kostenpercentage dat lager is dan gebruikelijk op de markt, aan zijn werknemers wordt toegekend, en die niet aan het publiek in het algemeen worden aangeboden;
kredietovereenkomsten die het resultaat zijn van een schikking voor de rechter of een andere daartoe van overheidswege bevoegde instantie;
kredietovereenkomsten die voorzien in kosteloos uitstel van betaling van een bestaande schuld;
kredietovereenkomsten bij het sluiten waarvan van de consument wordt verlangd dat hij bij de kredietgever een goed als zekerheid in bewaring geeft, en waarbij de aansprakelijkheid van de consument zich strikt beperkt tot dit in pand gegeven goed, en
kredietovereenkomsten betreffende leningen die krachtens een wettelijke bepaling met een doelstelling van algemeen belang aan een beperkt publiek worden toegekend tegen een lagere dan op de markt gebruikelijke rentevoet, dan wel rentevrij, of onder andere voorwaarden die voor de consument gunstiger zijn dan de op de markt gebruikelijke voorwaarden en tegen rentetarieven die niet hoger zijn dan de op de markt gebruikelijke.
Lid 3
Op de kredietovereenkomst waarbij het krediet in de vorm van een geoorloofde debetstand op een rekening wordt verleend en op verzoek of binnen een termijn van drie maanden moet worden terugbetaald, zijn uitsluitend de artikelen 57, 58, 61 leden 1, 5 en 6, 63, 67, 69 en de artikelen 71 tot en met 73 van toepassing. De artikelen 59 en 60 zijn slechts van toepassing, voorzover de kredietgever zijn verplichtingen uit de artikelen 4 lid 2 onderdelen a tot en met c en 6 van de Richtlijn betreffende de in reclame en precontractuele informatie op te nemen standaardinformatie niet in acht neemt.
Lid 4
Op kredietovereenkomsten in de vorm van overschrijding zijn uitsluitend de artikelen 57, 58, 70 en 73 van toepassing.
Recente uitspraken
Art. 7:58 BW is sinds 2014 in 134 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Noord-Holland, Rb. Zeeland-West-Brabant en Rb. Midden-Nederland.
- ECLI:NL:HR:2025:1008 — 27-06-2025 Hoge Raad
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Mogelijkheid om achteraf te betalen bij aankoop in webwinkel. Vragen over vorderingen uit hoofde van achteraf-betaalservice en (ambtshalve) beoordeling daarvan door rechter in het licht van afdeling 1 van titel 7:2A BW en Richtlijn… - ECLI:NL:HR:2023:1006 — 30-06-2023 Hoge Raad
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Mogelijkheid om achteraf te betalen bij aankoop in webwinkel. Vragen over vorderingen uit hoofde van achteraf betaalservice en (ambtshalve) beoordeling daarvan door rechter in het licht van afdeling 1 van titel 7:2A BW en Richtlijn… - ECLI:NL:HR:2023:778 — 26-05-2023 Hoge Raad
Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Mogelijkheid om achteraf te betalen bij aankoop in webwinkel. Vragen over vorderingen uit hoofde van achteraf-betaalservice en (ambtshalve) beoordeling daarvan door rechter in het licht van afdeling 1 van titel 7:2A BW en Richtlijn… - ECLI:NL:HR:2016:236 — 12-02-2016 Hoge Raad
Prejudiciële vraag (art. 392 Rv). Telefoonabonnement met ‘gratis’ telefoon; uitwerking van HR 13 juni 2014, ECLI:NL:HR:2014:1385, NJ 2015/477 (Lindorff/Statia). Voldoet ‘all-in prijs’ voor abonnement en toestel aan art. 7:61 lid 2 BW en art. 7A:1576 lid 2 BW? Ambtshalve… - ECLI:NL:HR:2014:1385 — 13-06-2014 Hoge Raad
Prejudiciële vraag; art. 392 Rv. Consumentenrecht. Telefoonabonnement met ‘gratis’ mobiele telefoon. Koop op afbetaling (art. 7A:1576 BW)? Goederenkrediet (art. 1, aanhef en onder a en e, Wck (oud))? Kredietovereenkomst (art. 7:57 lid 1, aanhef en onder c, BW)? Strekking…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.