Artikel 18c Zorgverzekeringswet
Lid 1
Indien ten aanzien van een zorgverzekering, rente en incassokosten buiten beschouwing latend, een premieschuld ter hoogte van zes of meer maandpremies is ontstaan, meldt de zorgverzekeraar dit, onder vermelding van de voor de heffing van de bestuursrechtelijke premie alsmede voor de uitvoering van artikel 34a noodzakelijke persoonsgegevens van de verzekeringnemer en de verzekerde, aan het CAK, de verzekeringnemer en, indien deze een ander is dan de verzekeringnemer, aan de verzekerde.
Lid 2
De melding geschiedt niet:
in geval van tijdige betwisting als bedoeld in artikel 18b, eerste lid, zolang de zorgverzekeraar zijn standpunt dienaangaande niet aan de verzekeringnemer en, indien dit een ander dan de verzekeringnemer is, aan de verzekerde heeft kenbaar gemaakt;
gedurende de termijn, genoemd in artikel 18b, tweede lid;
ingeval van tijdige voorlegging van het geschil aan een onafhankelijke instantie of aan de burgerlijke rechter als bedoeld in artikel 18b, tweede lid, zolang op het geschil niet onherroepelijk is beslist;
ingeval de verzekeringnemer zich heeft aangemeld bij een schuldhulpverlener als bedoeld in artikel 48 van de Wet op het consumentenkrediet en aantoont dat hij in het kader daarvan een schriftelijke overeenkomst tot stabilisatie van zijn schulden heeft gesloten;
ingeval het adres van de verzekeringnemer en, indien dit een ander is dan de verzekeringnemer, de verzekerde, niet in de basisregistratie personen voorkomt of het adres zoals dat is opgenomen in de administratie van de zorgverzekeraar afwijkt van het adres waaronder deze persoon of personen in de basisregistratie personen als ingezetene staat of staan ingeschreven, tenzij deze afwijking het gevolg is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 4a, derde lid, onderdeel a tot en met c.
Lid 3
Onderdeel van de melding vormt een verklaring van de zorgverzekeraar, inhoudende dat hij artikel 18b en het tweede lid in acht heeft genomen.
Lid 4
Na de melding verleent de zorgverzekeraar aantoonbaar voldoende medewerking aan activiteiten van de verzekeringnemer of derden, gericht op aflossing van de jegens de zorgverzekeraar bestaande, uit de zorgverzekering voortvloeiende schuld.
Lid 5
Bij ministeriële regeling wordt bepaald wanneer sprake is van het verrichten van aantoonbaar voldoende medewerking als bedoeld in het vierde lid.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 18c Zvw is sinds 2017 in 5 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Gelderland, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof 's-Hertogenbosch.
- ECLI:NL:GHARL:2022:7297 — 23-08-2022 Hof Arnhem-Leeuwarden
Regeling wanbetalers artikel 18c Zvw. Wat moet aan wie worden betaald? - ECLI:NL:GHSHE:2017:5734 — 19-12-2017 Hof 's-Hertogenbosch
Premieachterstand Zorgverzekering, aanmelding Zorginstituut Uitkering zorgverzekeraar aan crisisopvang. Geneeskundige behandelingsovereenkomst? - ECLI:NL:RBGEL:2023:4832 — 26-07-2023 Rb. Gelderland
Verzekerde vordert een bedrag terug van verzekeraar op grond van onrechtmatige daad. Wanbetalersregeling CAK. Verrekening. - ECLI:NL:RBROT:2022:1030 — 11-02-2022 Rb. Rotterdam
Niet nakomen verplichtingen Zorgverzekeringswet - ECLI:NL:RBGEL:2021:6351 — 01-12-2021 Rb. Gelderland
Ziektekostenverzekeraar vordert ong. € 7.000,- aan premieachterstand vanaf 2007. Deels verjaard. Deels onaanvaardbaar naar maatstaven van R&B omdat niet is gebleken dat de zorgverzekeraar wanbetalersmaatregelen, bepaald in art.18a e.v. Zvw, heeft gevolgd.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.