Artikel 36 Wegenverkeerswet 1994
Lid 1
Aan de eigenaar of houder van een motorrijtuig of een aanhangwagen op de weg dient overeenkomstig bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde regels door de Dienst Wegverkeer een kenteken voor dat voertuig te zijn opgegeven.
Lid 2
Ter zake van de in het eerste lid bedoelde opgave dient overeenkomstig bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde regels door de Dienst Wegverkeer een kentekenbewijs te zijn afgegeven aan de eigenaar of houder van het voertuig.
Lid 3
Het kentekenbewijs dient:
te voldoen aan de bij ministeriële regeling vastgestelde eisen inzake inrichting en uitvoering,
zijn geldigheid niet te hebben verloren,
niet te zijn ingevorderd, en
behoorlijk leesbaar te zijn.
Lid 4
Vervallen.
Lid 5
Motorrijtuigen en aanhangwagens dienen overeen te komen met de gegevens in het voor het betrokken voertuig afgegeven kentekenbewijs en met de gegevens die omtrent het voertuig zijn opgenomen in het kentekenregister, tenzij krachtens artikel 71 een bepaalde afwijking van die gegevens is toegestaan.
Lid 6
Voor overtreding van het eerste tot en met vijfde lid zijn aansprakelijk:
voor zover het betreft een motorrijtuig, de eigenaar of houder die het motorrijtuig op de weg laat staan of daarmee over de weg laat rijden, alsmede in het geval dat met dat motorrijtuig over de weg wordt gereden, de bestuurder, en
voor zover het betreft een aanhangwagen, de eigenaar of houder die de aanhangwagen op de weg laat staan of deze met een motorrijtuig over de weg laat voortbewegen, alsmede in het geval dat de aanhangwagen met een motorrijtuig over de weg wordt voortbewogen, de bestuurder van dat motorrijtuig.
Lid 7
De in het derde lid, onderdeel a, bedoelde eisen kunnen mede dienstbaar zijn aan de heffing van de belasting van personenauto’s en motorrijwielen en van de motorrijtuigenbelasting.
Lid 8
Bij ministeriële regeling worden nadere regels vastgesteld ter uitvoering van het eerste en het tweede lid.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 36 Wvw is sinds 1978 in 27 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Hof 's-Hertogenbosch en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2026:1001 — 30-06-2026 Hoge Raad
Beklag, beslag ex art. 94 Sv op auto onder klager t.z.v. verdenking van rijden zonder geldig kenteken(bewijs). Kon Rb oordelen dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat auto zal worden verbeurdverklaard o.g.v. art. 33a.1 Sr? Rb heeft vastgesteld dat onder klager o.g.v. art. 94… - ECLI:NL:HR:2022:968 — 28-06-2022 Hoge Raad
Rijden met valse Belgische kentekenplaten (art. 41.1.d WVW 1994) en met rijbewijs waarvan geldigheidsduur is verstreken (art. 107.2 WVW 1994). 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep v.zv. gericht tegen overtreding, art. 427.2.a Sv. 2. Bewijs- en kwalificatieklacht. Kan alleen sprake… - ECLI:NL:HR:2019:483 — 05-04-2019 Hoge Raad
Motorrijtuigenbelasting; artt. 7, 13, 34, en 37 Wet MRB; art. 67c AWR; VWEU; prejudiciële vragen rechtbank; naheffing en verzuimboete voor gebruik maken van de weg met een motorrijtuig met buitenlands kenteken; houder is ingezetene van Nederland maar heeft niet de Nederlandse… - ECLI:NL:HR:2008:BD3692 — 16-09-2008 Hoge Raad
Strafmotivering. ’s Hofs strafmotivering vzv. inhoudend dat het feit dat verdachte reeds eerder op 22-6-06 en op 29-9-04 is veroordeeld wegens een overtreding van art. 30 WAM verdachte er kennelijk niet van heeft weerhouden het feit i.c. te plegen, is onbegrijpelijk, in… - ECLI:NL:HR:1996:ZD0139 — 15-10-1996 Hoge Raad
Ongeval met 5 doden; doodslag in het verkeer? Ontoereikend bewijs van voorwaardelijk opzet op de dood van de slachtoffers: rijgedrag duidt niet op tevens op de koop toe nemen van eigen overlijden. Sr art. 287; Sv art. 359.1 en 3; WVW art. 36; WVW 1994 art. 6. Gefaseerde…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.