Artikel 5.2.6 Wet maatschappelijke ondersteuning 2015
Derden die beroepshalve beschikken over inlichtingen die noodzakelijk kunnen worden geacht om een situatie van huiselijk geweld of kindermishandeling te beëindigen of een redelijk vermoeden daarvan te onderzoeken, kunnen aan Veilig Thuis deze inlichtingen desgevraagd of uit eigen beweging verstrekken zonder toestemming van degene die het betreft en indien nodig met doorbreking van de plicht tot geheimhouding op grond van een wettelijk voorschrift of op grond van hun ambt of beroep.
Recente uitspraken
Art. 5.2.6 Wmo2015 is sinds 2020 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Den Haag en Rb. Overijssel.
- ECLI:NL:GHDHA:2024:1722 — 08-10-2024 Hof Den Haag bron
Onderzoek van een Veilig Thuis-organisatie naar aanleiding van een melding. Reikwijdte van de bevoegdheden van Veilig Thuis-organisaties bij de uitvoering van de taken, geregeld in artikel 4.1.1 Wmo 2015. Interactie tussen Veilig Thuis-organisaties en zorgverleners. Verhouding… - ECLI:NL:GHDHA:2020:877 — 12-05-2020 Hof Den Haag bron
- - ECLI:NL:RBOVE:2023:3437 — 23-08-2023 Rb. Overijssel bron
Vordering tot vernietiging en rectificatie rapport jeugdhulpaanbieder niet toewijsbaar. Evenmin sprake van onrechtmatig handelen van jeugdhulpaanbieder en Veilig thuis.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.