Artikel 5:26 Wet op het financieel toezicht

Lid 1

Het is verboden in Nederland zonder een daartoe door Onze Minister verleende vergunning een gereglementeerde markt te exploiteren of te beheren.

Lid 2

Het eerste lid is niet van toepassing op het exploiteren of beheren van een gereglementeerde markt met zetel in een andere lidstaat waarvoor door de toezichthoudende instantie van die andere lidstaat een vergunning is verleend voor zover de marktexploitant in Nederland passende voorzieningen treft om de in Nederland gevestigde leden of deelnemers op afstand beter in staat te stellen toegang te krijgen tot deze markt en erop te handelen.

Lid 3

Onze Minister kan op aanvraag geheel of gedeeltelijk ontheffing verlenen van het eerste lid, indien de aanvrager aantoont dat de doeleinden die dit hoofdstuk beoogt te bereiken anderszins worden bereikt.

Recente uitspraken

Art. 5:26 Wft is sinds 2010 in 5 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, CBb en Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:CBB:2015:379 — 02-12-2015 CBb
    Prejudiciële vragen aan het HvJ EU - Moet een systeem, waaraan meerdere fund agents en brokers deelnemen die binnen dat systeem respectievelijk "open end" beleggingsinstellingen en beleggers vertegenwoordigen in handelstransacties, en dat in feite uitsluitend deze "open end"…
  • ECLI:NL:RBROT:2021:7988 — 12-07-2021 Rb. Rotterdam
    Substantiële stijging van in rekening gebrachte toezichtkosten. Exceptieve toetsing. Besluit en Regeling bekostiging financieel toezicht 2019 niet in strijd met de Wet bekostiging financieel toezicht 2019 en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
  • ECLI:NL:RBAMS:2011:BP5069 — 18-02-2011 Rb. Amsterdam
    artt. 5:54, 5:56 en 5:57 Wet op het financieel toezicht. Delen van voorkennis. Geen sprake van uitoefenen ongeoorloofde druk door verbalisanten. Aanvankelijke verklaringen van verdachte betrouwbaar.
  • ECLI:NL:RBAMS:2010:BO2898 — 03-11-2010 Rb. Amsterdam
    Artt. 5:54 en 5:56 Wft; Medeplegen van handelen met voorwetenschap. Openbaar Ministerie ontvankelijk; niet gebleken van een schending van het zorgvuldigheids- danwel gelijkheidsbeginsel bij vervolging. Gelet op de familierelatie met de bezitter van voorkennis en de afwijking van…
  • ECLI:NL:RBAMS:2010:BO2853 — 03-11-2010 Rb. Amsterdam
    Artt. 5:54 en 5:56 Wft Medeplegen van handelen met voorwetenschap. Openbaar Ministerie ontvankelijk; niet gebleken van een schending van het zorgvuldigheids- danwel gelijkheidsbeginsel bij vervolging. Gelet op de familierelatie met de bezitter van voorkennis en de afwijking van…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.