ECLI:NL:RBZWB:2026:9194

Datum uitspraak
23-09-2026
Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Zaaknummer
C/02/432473/HA ZA 25-122 (E)
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Ondervrijwaring. In de hoofdzaak is geoordeeld bij tussenvonnis dat de door gedaagde in ondervrijwaring geproduceerde gevelplaten gebrekkig zijn. Gedaagde in ondervrijwaring heeft aangevoerd dat dit onjuist is. De rechtbank oordeelt dat gedaagde in de ondervrijwaring onvoldoende gemotiveerd heeft betwist dat de gevelplaten gebrekkig zijn. De algemene voorwaarden staan niet aan toewijzing van de vordering van eiser in de weg.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK Zeeland-West-Brabant

Civiel recht

Zittingsplaats Breda

Zaaknummer: C/02/432473 / HA ZA 25-122

Vonnis in ondervrijwaring van 23 september 2026

in de zaak van

MAAS REUSEL ZAGERIJ B.V.,

te Reusel,

eisende partij,

hierna te noemen: Maas Reusel,

advocaat: mr. R. van den Berg Jeths,

tegen

ETERNIT N.V.,

te Kapelle-op-den-Bos (België),

gedaagde partij,

hierna te noemen: Eternit,

advocaat: mr. R. Bosman.

1 De zaak in het kort

1.1.

Deze zaak betreft een procedure in ondervrijwaring. Daarnaast loopt de hoofdzaak tussen NBU en BMN (zaaknummer C/02/423664 / HA ZA 24-329) en een procedure in vrijwaring tussen BMN en Maas Reusel (zaaknummer C/02/427617 / HA ZA 24-574).

1.2.

NBU heeft gevelbeplating gekocht bij BMN. NBU heeft de gevelbeplating aangebracht op woningen. De gevelplaten zijn in de loop van de tijd vervormd of losgekomen. In de hoofdzaak vordert NBU deugdelijke nakoming van de overeenkomst door BMN. Ook wil NBU schadevergoeding. In de hoofdzaak is bij tussenvonnis geoordeeld dat de gevelplaten gebrekkig zijn. Er is een deskundige benoemd om de schade te kunnen vaststellen.

1.3.

BMN heeft de betreffende gevelplaten op haar beurt gezaagd ingekocht bij Maas Reusel. BMN spreekt Maas Reusel in vrijwaring aan voor datgene waartoe zij jegens NBU veroordeeld zal worden. Het vonnis in de procedure in vrijwaring wordt ook vandaag uitgesproken.

1.4.

Maas Reusel heeft de gevelplaten op haar beurt ingekocht bij de fabrikant, Eternit. Maas Reusel heeft Eternit betrokken in een procedure in ondervrijwaring om de claim op haar door te leggen naar Eternit. Daar gaat deze procedure over.

1.5.

De rechtbank wijst de vordering van Maas Reusel op Eternit toe. De rechtbank licht dit hierna onder het kopje ‘de beoordeling’ toe.

2 De procedure

2.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

 het tussenvonnis van 28 januari 2026 en de daarin genoemde processtukken,

 de mondelinge behandeling van 8 september 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt,

 de spreekaantekeningen van de advocaten van partijen, zoals zij die tijdens de mondelinge behandeling hebben voorgelezen.

2.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

3 De feiten

3.1.

Maas Reusel is een zagerij die zich bezighoudt met het bewerken en assembleren van hout en plaatmateriaal. Zij produceert zelf geen producten.

3.2.

Eternit is een bedrijf dat onder meer gevel- en golfplaten produceert.

3.3.

BMN heeft gevelplaten besteld bij Maas Reusel ten behoeve van haar opdrachtgever NBU. Het gaat om gevelplaten van het merk/type Equitone Tectiva.

3.4.

Maas Reusel heeft ter uitvoering van deze opdracht op 28 juni 2018 gevelplaten besteld bij Eternit. Eternit heeft de bestelling bevestigd en uitgevoerd.

3.5.

Op de facturen die Eternit aan Maas Reusel heeft verzonden staat vermeld dat de algemene voorwaarden van Eternit van toepassing zijn.

3.6.

In de algemene voorwaarden van Eternit is onder andere bepaald (artikel 17):

“Onze aansprakelijkheid is beperkt tot de factuursom van de geleverde diensten of goederen waarvoor de aansprakelijkheid wordt ingeroepen. De immateriële gevolgschade is altijd uitgesloten. (…) Kosten van herplaatsing zijn nooit ten onze laste.”

3.7.

Maas Reusel heeft de gevelplaten conform de door BMN aangeleverde specificaties vanaf medio 2018 tot begin 2019 op maat gezaagd en genummerd afgeleverd.

3.8.

BMN heeft Maas Reusel bij brief van 25 juli 2023 aansprakelijk gesteld voor gebreken in de gevelplaten. Eternit heeft deze aansprakelijkstelling doorgelegd naar Eternit per e-mail van 1 augustus 2023.

3.9.

Maas Reusel heeft aansprakelijkheid afgewezen per e-mail van 22 september 2023. Daarbij heeft zij BMN verwezen naar fabrikant Eternit.

3.10.

Eternit heeft de aansprakelijkstelling op 19 september 2023 van de hand gewezen.

3.11.

Partijen hebben in onderling overleg gezocht naar een oplossing maar zijn niet geslaagd in het bereiken daarvan.

4 Het geschil

4.1.

Maas Reusel vordert– samengevat – dat de rechtbank Eternit bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeelt om aan Maas Reusel te voldoen c.q. na te komen al datgene waartoe Maas Reusel als gedaagde in de zaak jegens BMN mocht worden veroordeeld, met inbegrip van de proceskostenveroordeling. Maas Reusel vordert dat Eternit in de kosten van de procedure in ondervrijwaring wordt veroordeeld.

4.2.

Eternit voert verweer. Eternit concludeert tot afwijzing van de vorderingen van Maas Reusel, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van Maas Reusel in de kosten van deze procedure, vermeerderd met wettelijke rente.

4.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

5 De beoordeling

De procedure in vrijwaring

5.1.

De rechtbank heeft vandaag eveneens vonnis gewezen in de procedure in vrijwaring tussen BMN en Maas Reusel. In die procedure heeft de rechtbank Maas Reusel veroordeeld om jegens BMN na te komen al datgene waartoe BMN in de hoofdzaak jegens NBU mocht worden veroordeeld, met veroordeling van Maas Reusel in de proceskosten. BMN had in vrijwaring ook gevorderd om Maas Reusel te veroordelen om aan BMN te voldoen al datgene waartoe Maas Reusel als gedaagde in de hoofdzaak jegens NBU mocht worden veroordeeld. Dit deel van de vordering (dat dus ziet op betaling) is afgewezen. Dit betekent dat de door NBU geleden schade zoals aan de orde in de hoofdzaak niet in de ondervrijwaring speelt.

5.2.

Nu Maas Reusel in de procedure in vrijwaring veroordeeld is tot nakoming en tot betaling van de proceskosten, komt de rechtbank toe aan een beoordeling van de vorderingen van Maas Reusel in ondervrijwaring.

Toepasselijk recht

5.3.

De rechtbank heeft bij vonnis in incident van 28 januari 2026 geoordeeld dat zij bevoegd is om van de vorderingen van Maas Reusel kennis te nemen.

5.4.

Eternit heeft in haar conclusie van antwoord in ondervrijwaring, tevens houdende exceptie van onbevoegdheid gesteld dat Belgisch recht van toepassing is op de zaak. Dit punt is tijdens de mondelinge behandeling besproken. Beide partijen hebben vervolgens tijdens de mondelinge behandeling aangegeven Nederlands recht van toepassing te willen laten zijn op deze zaak in ondervrijwaring.

5.5.

Partijen hebben daarmee een rechtskeuze gemaakt voor Nederlands recht (artikel 3 lid 1 Rome I). De rechtbank past daarom Nederlands recht toe op deze zaak in ondervrijwaring.

Gebrekkigheid van de gevelplaten

5.6.

Maas Reusel voert ter onderbouwing van haar vorderingen aan dat uit onderzoeken door Afbouw Gevelsupport (subproductie 4 in productie 1 bij dagvaarding in ondervrijwaring) en lijmfabrikant Bostik is gebleken dat de eigenschappen/kwaliteit van de gevelpanelen gebrekkig/niet deugdelijk is/zijn. Nu Eternit die gevelpanelen geproduceerd heeft, is zij daarvoor verantwoordelijk en aansprakelijk.

5.7.

Eternit voert verweer. In de eerste plaats geldt dat Maas Reusel onvoldoende heeft onderbouwd dat en waarom de gevelplaten gebrekkig zijn. Het enkele verwijzen naar producties is onvoldoende. Voor zover de rechtbank oordeelt dat Maas Reusel voldoende concreet naar haar producties heeft verwezen, volgt een inhoudelijke weerlegging van Eternit. Volgens haar zijn de gevelplaten niet gebrekkig. Het hol-trekken van de gevelplaten is namelijk veroorzaakt door differentiële carbonatatie van de voorkant van de gevelplaat ten opzichte van de achterkant van de plaat. Dat verschil is veroorzaakt door (i) het ontbreken van voldoende ventilatie aan de achterkant van de gevelplaat en/of (ii) het overmatig aanbrengen van primer op de achterkant van de gevelplaat, waarbij elk van deze factoren kan leiden tot differentiële carbonatatie, en als ze beiden aanwezig zijn nog een groter effect kunnen hebben. De verbinding tussen de plaatprimer en de lijmril is de zwakste schakel, en is niet in staat deze vervorming door het verschil in carbonatatie op te vangen. Het hol-trekken van de gevelplaten is dus veroorzaakt door andere factoren en niet door een gebrek in de gevelplaat zelf. Tot slot beroept Eternit zich op artikel 17 van haar algemene voorwaarden. Voor zover de rechtbank zou oordelen dat de gevelplaten gebrekkig zijn en Eternit daarom aansprakelijk is jegens Maas Reusel, dan is die aansprakelijkheid beperkt tot het bedrag van de factuursom.

5.8.

De rechtbank passeert het beroep van Eternit op schending van de stelplicht door Maas Reusel. Het is voor partijen in deze zaak voldoende duidelijk waar Maas Reusel op doelt met haar stelling dat de gevelplaten gebrekkig zijn, mede gezien haar verwijzing naar het rapport van Afbouw Gevelsupport. Dat dit duidelijk was voor Eternit, blijkt uit haar inhoudelijke weerlegging van de gestelde gebrekkigheid van de gevelplaten.

5.9.

Ter onderbouwing van haar betwisting van de gebrekkigheid van de gevelplaten verwijst Eternit naar een als productie 6 ingebracht rapport van Eternit. De wetenschappers van Eternit hebben in dit rapport het rapport van Afbouw Gevelsupport van commentaar voorzien. De rechtbank citeert uit het rapport:

“Dit expertiserapport is zeer diepgaand en bevat mooi onderzoek. Toch zijn we overtuigd dat er een fout in staat wat leidt tot verkeerde conclusie. (…)

2.1.

Carbonatatie als mogelijke oorzaak van vervorming

[printscreen uit het rapport van Afbouw Gevelsupport]

Uitleg/commentaar Etex:

  • De proeven met behulp van PP indicator en microscopie zijn prima uitgevoerd. Men concludeert hieruit correct: “t.. aanbrengen van primer/coating aan de achterzijde van panelen zorgt dat daar minder carbonatatie optreedt; zowel minder diep en minder intensief”.

  • Volgende conclusie is foutief: Carbonatatie geeft een volumevergroting en in dat geval gaat een plaat gemonteerd aan de gevel door eenzijdige volumevergroting aan het oppervlak bol staan en niet hol staan zoals we hier zien.

o Carbonatatie van cementproducten leidt tot een volumeverkleining = krimp. Zie bijvoorbeeld ‘[link] (…)

Als gevolg van bovenstaande besluiten we dat het afsluiten van de achterzijde door overmatig gebruik van primer leidt wel degelijk leidt tot het hol staan van de platen.

2.2.

Damp en vochtopname in de platen

[printscreen uit het rapport van Afbouw Gevelsupport]

Uitleg/commentaar Etex:

  • Het rapport besluit correct dat de primer een barrière is voor vocht en aldus ook voor carbonatatie. Het rapport besluit tevens (zie voorgaande sectie) dat carbonatatie leidt tot een verandering van de microstructuur/poriën.

  • Bovenstaande is dan ook de reden dat er aan de voorzijde een andere microstructuur wordt waargenomen dan aan de achterzijde.

2.3.

Werking/krimp van panelen door vochtopname

[printscreen uit het rapport van Afbouw Gevelsupport]

Uitleg/commentaar Etex:

Over mogelijkse onvolledige cementverharding:

Equitone Tectiva platen worden uitgehard door middel van autoclavering. Uitgestelde hydratatiekrimp is daarbij uit den boze.

Over het krimpen door drogen van de vezels:

Het is correct dat vezelcement, zoals bijna elk bouwproduct, beperkt zal krimpen/uitzetten wanneer blootgesteld aan meer/minder vocht. Deze krimp-uitzetting staat ook vermeldt op de Material Information Sheet en is van bepekte en tijdelijke aard.

Over de duurzaamheid van de hydrofobering:

Het is correct dat het parelend effect na enkele maanden niet meer zichtbaar is. Desondanks blijft de wateropname, wanneer bepaald zou worden via [naam] test, beperkt. Dit omdat de verdichte matrix, door carbonatatie, de waterabsorptie tegenhoudt.

Het rapport stelt: ‘Het roept vragen op over de reden van behandeling en in hoeverre Eternit zelf wetenschap heeft van de degradatieprocessen die daardoor bij montage van panelen aan de gevel zullen ontstaan.’

Eternit heeft hier zeker wetenschap van en stelt dat carbonatie de waterindringing verhindert wanneer de hydrofobatielaag zijn performantie verliest.

Over al dan niet correct aanwezig zijn van ventilatie:

Indien er onvoldoende ventilatie is langs de achterzijde, zal dit (net zoals een overmaat aan primer) aanleiding geven tot differentiële carbonatatie en het hol trekken van het paneel.

2.4.

Microvezels en structuur/gedrag panelen met vezels

[printscreen uit het rapport van Afbouw Gevelsupport]

Uitleg/commentaar Etex:

Eternit NV beschikt over een uitgebreide controle van kwaliteit. Dit zowel tijdens het proces als op het eindproduct. Indien gewenst kan er meer info bezorgd worden zoals ook sporadisch gebeurt via auditeurs.

2.5.

Vlakheid & productspecificatie

[printscreen uit het rapport van Afbouw Gevelsupport]

Uitleg/commentaar Etex:

Het rapport stelt correct ‘Dit leidt tot de interpretatie dat de gevelplaten bij correcte toepassing en verwerking in principe vlak behoren te blijven, en dus niet zullen/kunnen vervormen door kromtrekken in het vlak.’

2.6.

Specificatie Equitone TE15 — vragen aan Eternit

[printscreen uit het rapport van Afbouw Gevelsupport]

Uitleg/commentaar Etex:

  • Eternit NV beschikt over een uitgebreide controle van kwaliteit. Dit zowel tijdens het proces als op het eindproduct. Indien gewenst kan er meer info bezorgd worden zoals ook sporadisch gebeurt via auditeurs.

  • Zie ook sectie 2.3 voor extra uitleg rond de hydrofobatie.

2.7.

Hersteladvies — nader uit te werken door Eternit

Uitleg/commentaar Etex:

Etex deelt de mening dat, tevens gelet op twijfelachtige ventilatie (zie verwijzingen naar condens/rotting), het aanbevolen is om nieuwe platen met schroeven te monteren.

2.8.

Extra opmerking: Lijmhechting

In de conclusie komen de testresultaten van de lijmverbinding niet meer aan bod. Dit desondanks deze eigenaardige resultaten vertonen:

o Op de werf was te zien dat er mogelijks verschillende primers werden gebruikt.

o Op de werf was te zien dat de zwakste schakel meestal tussen plaatprimer en lijmril ligt.

o De laboproeven tonen aan dat de lijmverbinding bijzonder sterk is en de breuk steeds plaatsvindt in het vezelcement paneel.

Er wordt geen verklaring gegeven waarom op de werf de breuk plaatsvindt tussen lijmprimer en lijmril. Dit terwijl men, volgens laboproeven, breuk zou verwachten in de plaat. Dit, samen met de vaststelling dat er verschillende primers werden gebruikt, wekt vragen op over de kwaliteit van de effectief aangebrachte lijmverbinding.

3 CONCLUSION

Bovenstaande in acht nemende concluderen we dat:

  • Het hol-trekken van de platen veroorzaakt is door carbonatie van de voorkant en ontbreken van carbonatatie van de achterkant.

  • Dit verschil in carbonatie is veroorzaakt door:

o Het overmatig aanbrengen van primer op de achterzijde = barrière voor vocht+C02

o Ter discussie: Het afwezig zijn van voldoende ventilatie van de achterzijde.

De verbinding tussen plaatprimer en lijmril de zwakste schakel is en niet in staat is deze uitzonderlijke vervorming op te vangen.

Als gevolg is het probleem veroorzaakt door de applicatie, en is er niets dat erop wijst dat er een kwaliteitsprobleem is met de vezelcementplaten zelf.

5.10.

De medewerkers van Eternit hebben het rapport van Afbouw Gevelsupport derhalve volledig doorgenomen en van commentaar voorzien op punten waar zij daartoe aanleiding zagen. Eternit vermeldt dat Afbouw Gevelsupport zeer diepgaand onderzoek heeft gedaan.

5.11.

De rechtbank constateert dat de conclusies van Eternit feitelijk enkel op het onderwerp van carbonatatie afwijken van de conclusies van Afbouw Gevelsupport. Het rapport van Eternit geeft onder 2.8 aan dat er vragen zijn over de kwaliteit van de effectief aangebrachte lijmverbinding, maar gaat hier zelf verder niet op in en wijst dit ook niet aan als oorzaak van het hol trekken van de platen. Ook wordt het onderwerp ventilatie benoemd, maar ‘ter discussie’. Deze suggesties zijn onvoldoende om afbreuk te doen aan het rapport van Afbouw Gevelsupport op deze onderwerpen.

5.12.

Eternit wijst carbonatatie aan als oorzaak van het hol trekken van de gevelplaten. Carbonatatie leidt volgens Eternit tot volumevermindering, waar Afbouw Gevelsupport in haar rapport volumevermeerdering als gevolg noemt. Eternit onderbouwt haar stelling met een verwijzing naar een wetenschappelijk artikel over de krimpeigenschappen van beton. Dit verschil maakt dat carbonatatie volgens Eternit wel de oorzaak kan zijn van het hol trekken van de gevelplaten.

5.13.

Het ontstaan van carbonatatie aan de voorkant van de platen en het ontbreken van dit proces aan de achterkant van de platen wordt volgens Eternit veroorzaakt door het overmatig aanbrengen van primer op de achterzijde. Het overmatig primeren is volgens Eternit dus in de kern de oorzaak van het probleem. Ter nadere onderbouwing van het effect van volledig primeren van Equitone Tectiva platen heeft Eternit als productie 3 een rapport van een algemeen onderzoek door haar technische team ingebracht, waarin wordt geconcludeerd:

“The application of primer on the entire backside of Tectiva boards results in an obstructed water transport through the backside of the boards. It is leading to a difference in moisture absorption, as well as carbonation, between the front and the primered backside surface. As a result of this, the board will excessively curl/bow when exposed to variable climate conditions. (…)”

5.14.

De rechtbank is van oordeel dat Eternit hiermee onvoldoende gemotiveerd heeft betwist dat de geleverde gevelplaten gebrekkig zijn, zoals door Afbouw Gevelsupport geconcludeerd. Afbouw Gevelsupport heeft ter plaatse geconstateerd dat er gevelplaten geheel geprimerd waren aan de achterzijde, maar ook dat er gevelplaten waren die alleen langs de randen van het paneel waren geprimerd. Beide panelen vertoonden de kromtrekking. Het rapport van Afbouw Gevelsupport maakt melding van het feit dat Eternit in het stadium van het onderzoek heeft aangegeven dat de kromtrekking gerelateerd kan zijn aan de volledige primerlaag op de achterzijde. Afbouw Gevelsupport heeft in haar onderzoek dan ook specifiek aandacht besteed aan het primeren. Afbouw Gevelsupport heeft meerdere platen in haar onderzoek betrokken, zowel platen met een volledige primerlaag als platen met een gedeeltelijke primerlaag, en heeft geconcludeerd dat dit niet de oorzaak van de kromtrekking is. Eternit gaat in haar rapport (productie 6) uit van het overmatig primeren van de achterzijde van de gevelplaten, maar laat onbesproken hoe het kan dat platen die niet voorzien zijn van een overmatige primerlaag dezelfde kromtrekking vertonen. Het rapport dat is ingebracht als productie 3 laat dit onderwerp eveneens onbesproken, waarbij bovendien geldt dat dit rapport niet is opgesteld naar aanleiding van de problemen met de gevelplaten die in deze procedure centraal staan. Hierbij komt nog dat door Eternit slechts volledig geprimerde platen lijken te zijn onderzocht, en niet tevens ongeprimerde of deels geprimerde platen ter controle, zoals Afbouw Gevelsupport nu juist wel heeft gedaan. Het verschil dat Eternit constateert wat betreft het gevolg van carbonatatie (volumevermindering of volumevermeerdering), kan – welke gevolgtrekking dan ook juist is, wat de rechtbank niet kan beoordelen – naar het oordeel van de rechtbank niet leiden tot afbreuk aan de eindconclusie van Afbouw Gevelsupport dat de gevelplaten gebrekkig zijn.

De algemene voorwaarden

5.15.

Eternit doet tot slot een beroep op artikel 17 uit haar algemene voorwaarden. De algemene voorwaarden zijn niet in het geding gebracht. Partijen zijn het er echter over eens dat de algemene voorwaarden van toepassing zijn, en zijn het er ook over eens dat artikel 17 zoals geciteerd door Eternit (zie 3.6) daarin is opgenomen. De rechtbank gaat daar dan ook vanuit.

5.16.

De rechtbank is van oordeel dat artikel 17 niet in de weg staat aan toewijzing van de vordering van Maas Reusel, nu deze ziet op nakoming (levering van deugdelijke gevelplaten). Nu vast is komen te staan dat de platen niet voldeden aan wat mocht worden verwacht, is Eternit gehouden tot het leveren van nieuwe platen. Maas Reusel is in de vrijwaringsprocedure ook veroordeeld tot het op maat zagen, merken en verpakken hiervan nu zij hiertoe jegens BMN gehouden was. Deze werkzaamheden zijn echter niet met Eternit overeengekomen, zodat zij hier niet toe kan worden veroordeeld.

5.17.

De vordering van Maas Reusel ziet daarnaast op de door BMN in de vrijwaring gemaakte proceskosten, tot betaling waarvan Maas Reusel in vrijwaring is veroordeeld. Hierop is artikel 17 wel van toepassing, nu sprake is van schade. Artikel 17 staat echter niet aan toewijzing van het gevorderde in de weg, nu Maas Reusel veroordeeld is in de proceskosten van BMN tot het bedrag van € 5.879,22 en dit bedrag ruim onder de factuursom van de geleverde goederen blijft. Eternit zal dan ook worden veroordeeld tot vergoeding hiervan.

5.18.

Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de vordering van Maas Reusel toewijsbaar is.

Proceskosten

5.19.

Eternit is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Maas Reusel worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding € 142,00

- salaris advocaat € 2.580,00 (2 punten x € 1.290,00)

- nakosten € 189,00 (plus de verhoging zoals

vermeld in de beslissing)

Totaal € 2.911,00

6 De beslissing

De rechtbank

6.1.

veroordeelt Eternit om aan Maas Reusel na te komen al datgene waartoe Maas Reusel als gedaagde in de zaak jegens BMN is veroordeeld, voor zover het gaat om de levering van deugdelijke gevelbeplating, met inbegrip van de proceskostenveroordeling tot het bedrag van € 5.879,22,

6.2.

veroordeelt Eternit in de proceskosten van € 2.911,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Eternit niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

6.3.

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

6.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. Vermariën en bij vervroeging in het openbaar uitgesproken op 23 september 2026.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »