RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Bergen op Zoom
zaaknummer : 12316438 OV VERZ 26-1584 / 12316601 OV VERZ 26-1585
dossiernummer : [dossiernummer]datum : 8 oktober 2026
beschikking op een verzoek tot wijziging van de bewindvoerder en opheffing van het mentorschap
op verzoek van:
[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] (Indonesië) op [geboortedag] 1963,
wonende te [adres 1] ,
hierna te noemen: betrokkene,
vertegenwoordigd door [de neef] ,
wonende te [adres 2] ,
hierna te noemen: de neef,
met als bewindvoerder en mentor
[persoon] ,
wonende te [adres 3] ,
vertegenwoordigd door mr. C.G.A. Mattheussens, advocaat te Roosendaal.
procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
-
het verzoek (met bijlagen), ontvangen op 14 juli 2026;
-
de aanvullende stukken van verzoeker, ontvangen op 15 september 2026 en
17 september 2026;
- de bereidverklaring van de voorgestelde opvolgende bewindvoerder, ontvangen op 21 september 2026.
Het verzoek is mondeling behandeld op 24 september 2026.
beoordeling
De maatregelen
Bij beschikking van 21 november 2022 van de kantonrechter te Bergen op Zoom is het vermogen van betrokkene onder bewind gesteld. De grondslag van het bewind is de lichamelijke of geestelijke toestand van betrokkene. Het bewind is ingeschreven in het Centraal curatele- en bewindregister, zoals bedoeld in artikel 1:391 van het Burgerlijk Wetboek. Gelijktijdig met het bewind is over betrokkene een mentorschap ingesteld op grond van de geestelijke of lichamelijke toestand.
De verzoeken
In het inleidende verzoek vraagt betrokkene primair om opheffing van de maatregelen en subsidiair om ontslag van [persoon] als bewindvoerder en mentor en benoeming van een opvolgend bewindvoerder en mentor. De neef heeft zich daarbij schriftelijk bereid verklaard het mentorschap op zich te nemen. Op 21 september 2026 heeft [bewindvoerderskantoor] B.V., Kvkno. [nummer] , [adres 4] , zich schriftelijk bereid verklaard het bewind op zich te nemen.
Ter zitting is het verzoek gewijzigd, in die zin dat nu primair verzocht wordt om wijziging van de bewindvoerder en opheffing van het mentorschap.
De standpunten
Betrokkene stelt, samengevat en zakelijk weergegeven, dat er sprake is van nieuwe medische, juridische en feitelijke ontwikkelingen die zich sinds de instelling van de maatregelen hebben voorgedaan. Uit een ingediend rapport blijkt dat de eerder gestelde diagnose onjuist is geweest, zodat betrokkene mogelijk wel zelfstandig genoeg zal kunnen functioneren. Er zal mogelijk ook gekeken gaan worden naar meer zelfstandig wonen. De verwachting is dat op korte termijn de echtscheiding tussen betrokkene en de bewindvoerder en mentor definitief zal zijn en dan is het beter dat een onafhankelijke, professionele bewindvoerder de financiële belangen van betrokkene behartigt. Er is daarnaast in het geheel geen contact tussen betrokkene en de bewindvoerder en mentor. Betrokkene regelt nu alles zelf. Hij maakt afspraken met artsen, gaat daar zelf naartoe en ondergaat de onderzoeken, steeds zonder mentor. Hij regelt daarnaast zijn eigen sociale contacten en gaat en staat waar hij wil. Betrokkene heeft zelf zijn vervoer geregeld. Hij had om een taxipas gevraagd, maar die kreeg hij niet. Op meerdere verzoeken, kwam geen reactie van de bewindvoerder en mentor. Zonder relatie en vertrouwensband kan iemand hem niet vertegenwoordigen.
De bewindvoerder en mentor stelt, samengevat en zakelijk weergegeven, dat betrokkene zegt alles zelf te regelen, maar in de praktijk regelt hij dat anderen het voor hem doen. Hij heeft dus toch nog wel veel hulp nodig. Zij kan zaken, zoals de omstandigheden rond de taxipas, aan betrokkene uitleggen, maar hij neemt het niet van haar aan. Ze is van mening goed in staat te zijn het bewind uit te voeren, maar ziet ook in dat het in geval van een echtscheiding beter zou zijn als een onafhankelijke derde het overneemt. Het is te vroeg om het mentorschap helemaal op te heffen. Haar relatie met de neef is niet goed, maar ze is er wel mee akkoord als hij mentor wordt. Gelet op wat de bewindvoerder en mentor de afgelopen jaren heeft gezien, ziet zij bij betrokkene geen verbetering ten opzichte van het moment van instelling van de maatregelen. Het is beter als er toch wat begeleiding blijft.
De kantonrechter overweegt als volgt
Gelet op de inhoud van de stukken en de behandeling ter zitting zal de kantonrechter het ontslag aan de bewindvoerder verlenen. Partijen zien in dat de situatie niet langer houdbaar is en dat het, mede gezien de mogelijk ophanden zijnde echtscheiding, een goede stap is het bewind over te dragen aan een onafhankelijke derde. De kantonrechter zal de voorgestelde opvolgend bewindvoerder benoemen, nu daartegen geen bezwaar is.
Uit de stukken en het verhandelde ter zitting is voldoende aannemelijk geworden dat de noodzaak voor het mentorschap niet meer bestaat. De kantonrechter heeft gehoord dat betrokkene voor veel zaken nog wel hulp nodig heeft. Het lukt hem echter zelf die hulp te organiseren en zo in zijn behoeften te voorzien. Hij kan daarbij rekenen op steun van zijn neef, ook zonder formele rol. Het verzoek tot opheffing van het mentorschap zal daarom worden toegewezen.
beslissing
De kantonrechter:
- ontslaat met ingang van twee weken na de datum van deze beschikking als bewindvoerder [persoon], wonende te [adres 3] ;
- benoemt met ingang van twee weken na de datum van deze beschikking tot bewindvoerder [bewindvoerderskantoor] B.V., Kvkno. [nummer] , [adres 4] ;
-
bepaalt dat de bewindvoerder voor de (aanvangs)werkzaamheden en voor de met het bewind gemoeide kosten de in de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren vastgestelde forfaitaire tarieven, ten laste van het vermogen van betrokkene mag brengen;
-
heft het mentorschap ten behoeve van [betrokkene] op met ingang van de dag na de datum van verzending van deze beschikking;
-
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mr. Roose, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 8 oktober 2026.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:
a. door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.