ECLI:NL:RBZWB:2020:1751
Inhoudsindicatie
Onrechtmatig handelen door uiten van ernstige beschuldigingen aan het adres van de gemeente, burgemeester en gemeentesecretaris in brief aan Commissaris van de Koning en tijdens bestuursrechtelijke procedure, terwijl eisers wisten of behoorden te weten dat die beschuldigingen…
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 7:611 BW Burgerlijk Wetboek Boek 7
- Art. 45 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 111 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 120 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 122 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 128 Rv Burgelijke Rechtsvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:RBZWB:2020:1911 — 08-04-2020 Rb. Zeeland-West-Brabant Civiel recht
Onrechtmatig handelen door uiten van ernstige beschuldigingen aan het adres van de gemeente, burgemeester en gemeentesecretaris in brief aan Commissaris van de Koning en tijdens bestuursrechtelijke procedure, terwijl eisers wisten of behoorden te weten dat die beschuldigingen… - ECLI:NL:RBDHA:2023:21758 — 24-08-2023 Rb. Den Haag Civiel recht
huur woonruimte, ontbinding overeenkomst - ECLI:NL:RBNHO:2022:5115 — 20-04-2022 Rb. Noord-Holland Civiel recht
Vordering schadevergoeding ex art 7:658, 6:162 afgewezen. Causaal verband tussen psychische en fysieke klachten en werkomstandigheden niet aangetoond. Omkeringsregel niet aan de orde vanwege multi-causale karakter klachten. Geen schending zorgplicht werkgever. - ECLI:NL:RBARN:2010:BO6162 — 24-11-2010 Rb. Arnhem Civiel recht
Nu gedaagde door de inhoud van de dagvaarding weet wie eisers zijn, wordt gedaagde door het ontbreken van de woonplaats van eisers in de dagvaarding niet bemoeilijkt in het voeren van verweer. Beroep op nietigheid van de dagvaarding daarom verworpen. Eisers wordt wel bevolen een… - ECLI:NL:RBNHO:2026:4860 — 29-04-2026 Rb. Noord-Holland Civiel recht
Tussenvonnis: partijn dreven een vof die in 2024 is ontbonden. Partijen hebben geen overeenstemming over de verdeling van het vennootschapsvermogen. De rechtbank beveelt in het tussenvonnis gedaagde om zijn verweer dat beide vennoten onttrekkingen uit het vermogen van de…