RECHTBANK ROTTERDAM
Team Jeugd
Zaaknummer: C/10/720620 / JE RK 26-1053
Datum uitspraak: 9 juli 2026
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing
in de zaak van
de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,
gevestigd in Rotterdam, hierna te noemen: de GI,
over
[minderjarige] ,
geboren op [geboortedatum] 2009 in [geboorteplaats] , hierna te noemen: [voornaam minderjarige] .
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
[naam moeder] ,
hierna te noemen: de moeder, wonende in [woonplaats 1] ,
[naam vader] ,
hierna te noemen: de vader, wonende in [woonplaats 2] .
1 Het verloop van de procedure
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
-
het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 29 mei 2026, door de rechtbank ontvangen op diezelfde datum;
-
het bericht met bijlage van de GI van 3 juni 2026, inhoudende het gezinsplan;
-
het bericht met bijlage van de GI van 7 juli 2026, inhoudende het instemmende advies van de Raad voor de Kinderbescherming van 30 juni 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 9 juli 2026. Daarbij waren aanwezig:
-
de moeder;
-
de vader;
-
een vertegenwoordiger van de GI, [persoon A] .
De kinderrechter heeft [voornaam minderjarige] bij uitzondering en mede gelet op zijn leeftijd bijzondere toegang verleend om bij de zitting aanwezig zijn. Tijdens de zitting heeft hij niet het woord gevoerd.
Aangezien de ouders de Nederlandse taal onvoldoende machtig zijn. heeft de
kinderrechter het verhoor doen plaatsvinden met telefonische bijstand van A.W. Osadnik, tolk in de Poolse taal. De kinderrechter heeft vastgesteld dat de tolk is beëdigd overeenkomstig het bepaalde in artikel 12 van de Wet beëdigde tolken en vertalers.
De kinderrechter heeft [voornaam minderjarige] naar zijn mening gevraagd. [voornaam minderjarige] heeft hierover
een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter
samengevat wat [voornaam minderjarige] heeft verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.
2 De feiten
De moeder en de vader zijn belast met het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] .
[voornaam minderjarige] verblijft bij Maatschappelijk Hulp met Daadkracht (MHMD), locatie Tilburg.2.3. Bij beschikking van 23 juni 2025 heeft de kinderrechter de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot 20 juli 2026. Bij diezelfde beschikking heeft de kinderrechter de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengd tot 20 juli 2026.
3 Het verzoek
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] te verlengen tot aan zijn meerderjarigheid. Ook verzoekt de GI de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder te verlengen tot aan zijn meerderjarigheid.
De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
De GI handhaaft op de zitting het verzoek. Het gaat goed met [voornaam minderjarige] . Hij verblijft momenteel bij MHMD, [voornaam minderjarige] heeft deze plek zelf gekozen. Hij voelt zich er prettig, houdt zich aan de afspraken en heeft een goede band met zijn mentor. [voornaam minderjarige] gaat niet meer naar school. Sinds kort heeft hij werk. Dit past beter bij hem. Mogelijk kan hij via zijn werk certificaten halen en doorgroeien naar een vaste baan. Een terugkeer naar een van de ouders is niet haalbaar. [voornaam minderjarige] wil bij MHMD blijven wonen. Hij heeft wel goed contact met beide ouders en gaat bij hen op verlof. Ook reist hij soms met de moeder naar Polen. De komende periode moet duidelijk worden waar [voornaam minderjarige] na zijn achttiende verjaardag kan wonen en welke begeleiding hij dan nodig heeft. [voornaam minderjarige] vertrouwt nieuwe hulpverleners niet snel. Daarom wil de GI de huidige begeleiding zoveel mogelijk behouden. Samen met [voornaam minderjarige] en de ouders wil de GI een plan maken voor zijn meerderjarigheid.
4 De standpunten
De moeder stemt op de zitting in met het verzoek. Zij is tevreden over MHMD en vindt dat [voornaam minderjarige] daar goed wordt begeleid. Zij ziet dat hij rustiger en socialer is geworden. Ook is zij positief over de hulp van het Centrum voor Poolse Gezinnen.
De vader stemt ook in met het verzoek. Hij is blij dat [voornaam minderjarige] werk heeft en plannen maakt voor zijn toekomst. Hij vindt het jammer dat [voornaam minderjarige] zijn school niet heeft afgemaakt, maar vindt het vooral belangrijk dat het goed met hem gaat.
5 De beoordeling
De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan.1 Ook is de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] noodzakelijk in het belang van zijn verzorging en opvoeding.2
De kinderrechter legt hieronder uit waarom.
[voornaam minderjarige] heeft in zijn jeugd veel meegemaakt en op verschillende plaatsen gewoond. Sinds november 2025 verblijft hij bij MHMD in Tilburg. Daar heeft hij rust, structuur en vaste begeleiding gevonden. Hij houdt zich aan de afspraken en heeft vertrouwen in zijn mentor. Ook het contact met zijn ouders is verbeterd. Deze ontwikkeling is positief, maar nog niet stabiel genoeg. [voornaam minderjarige] heeft pas kort werk. Het moet nog blijken of hij dit kan volhouden en of dit voldoende perspectief biedt. Ook is nog niet duidelijk waar hij na zijn achttiende verjaardag kan wonen en welke begeleiding hij daarna nodig heeft.
Een terugkeer naar een van de ouders is niet haalbaar. [voornaam minderjarige] heeft meer dagelijkse structuur en begeleiding nodig dan zijn ouders hem kunnen bieden. Een verandering van verblijfplaats is nu niet in zijn belang. [voornaam minderjarige] heeft moeite met nieuwe mensen en voelt zich veilig bij MHMD. Vanuit deze vertrouwde plek kan hij verder werken aan zijn zelfstandigheid en aan de overgang naar volwassenheid.
De ondertoezichtstelling blijft daarom nodig. De kinderrechter vindt het belangrijk dat de GI de regie houdt en dat een duidelijk toekomstplan voor [voornaam minderjarige] gemaakt wordt. Ook blijft de machtiging tot uithuisplaatsing nodig om het verblijf van [voornaam minderjarige] bij MHMD voort te zetten. De Raad voor de Kinderbescherming heeft in het overgelegde advies ook ingestemd met de verlenging van beide maatregelen voor de verzochte duur. De ondertoezichtstelling en de machtiging tot uithuisplaatsing worden dan ook verlengd tot [voornaam minderjarige] achttien jaar wordt.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.
6 De beslissing
De kinderrechter:
verlengt de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] tot 7 april 2027;
verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 7 april 2027;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
|
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 9 juli 2026 door mr. A.M.I. van der Does, kinderrechter, in aanwezigheid van A.L.I. Janssens als griffier, en op schrift gesteld op 17 juli 2026. |
||
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Den Haag. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
-
degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
-
andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.