RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 12139605 CV EXPL 26-6746
datum uitspraak: 26 juni 2026
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
Zilveren Kruis Zorgverzekeringen N.V.,
vestigingsplaats: Leiden,
eiseres,
die zelf procedeert,
gemachtigde: Syncasso,
tegen
[gedaagde] ,
woonplaats: [woonplaats] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘Zilveren Kruis’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.
1 De procedure
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
-
de dagvaarding van 11 februari 2026, met bijlagen;
-
het antwoord;
-
de repliek, met bijlagen.
[gedaagde] is in de gelegenheid gesteld om te reageren op de repliek, maar van die mogelijkheid heeft zij geen gebruik gemaakt.
2 De beoordeling
Wat is de kern?
Zilveren Kruis heeft met [gedaagde] een zorgverzekeringsovereenkomst gesloten. Op grond van deze overeenkomst moet [gedaagde] elke maand premie aan Zilveren Kruis betalen. [gedaagde] moet ook eigen risico en eigen bijdrage betalen wanneer zij zorgkosten maakt en Zilveren Kruis die kosten voorschiet.
Volgens Zilveren Kruis heeft [gedaagde] de premie over de maanden juni tot en met november 2024 en de maand juli 2025 en meerdere zorgkosten niet betaald. Het gaat om een bedrag van € 915,78 en Zilveren Kruis eist dat [gedaagde] dat betaalt. Omdat zij niet op tijd heeft betaald, worden ook buitengerechtelijke incassokosten van € 107,05 en wettelijke rente van € 83,16 gevorderd. Zilveren Kruis vordert in totaal € 1.105,99 met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
[gedaagde] stelt dat zij in de war is geraakt toen ze zag dat het Centraal Administratie Kantoor (hierna: CAK) de zorgtoeslag inhield. Zij ging ervan uit dat dit voor de schulden was bij het Zilveren Kruis. De zorgtoeslag die door het CAK werd ingehouden, zag echter alleen op betaling van de lopende zorgpremies. Uit het antwoord van [gedaagde] begrijpt de kantonrechter dat [gedaagde] inziet dat het CAK niet haar schuld aan Zilveren Kruis aflost en zij die erkent, maar dat zij hoopt dat ze de proceskosten niet hoeft te betalen, vanwege haar verwarring over de werkwijze van het CAK.
De partijen hebben een betalingsregeling afgesproken
Zilveren Kruis heeft bij repliek gesteld dat zij inmiddels een nieuwe betalingsregeling met [gedaagde] heeft getroffen. [gedaagde] heeft dat niet betwist. Omdat Zilveren Kruis niet heeft toegelicht wat de nieuwe regeling inhoudt, kan die niet in dit vonnis worden opgenomen. Wel heeft de kantonrechter goede nota genomen van de mededeling van Zilveren Kruis dat zij dit vonnis niet ten uitvoer zal leggen zolang [gedaagde] de regeling nakomt.
[gedaagde] moet incassokosten van € 107,05 betalen
De incassokosten van € 107,05 worden toegewezen, omdat aan alle voorwaarden is voldaan om deze kosten vergoed te krijgen (artikel 6:96 BW).
[gedaagde] moet rente betalen
De rente wordt toegewezen, omdat Zilveren Kruis genoeg heeft gesteld waaruit volgt dat deze moet worden betaald en [gedaagde] dat niet heeft betwist.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). De kantonrechter begrijpt dat het voor [gedaagde] verwarrend is geweest dat het CAK zorgtoeslag inhield, maar dit maakt niet dat Zilveren Kruis onterecht proceskosten heeft gemaakt.
De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan Zilveren Kruis moet betalen op € 153,77 aan dagvaardingskosten, € 350,- aan griffierecht, € 288,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten x € 144,-) en € 72,- aan nakosten. Dat is in totaal € 863,77. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat Zilveren Kruis dat eist en [gedaagde] daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.
3 De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om aan Zilveren Kruis te betalen € 1.105,99 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW over een bedrag van € 990,78 vanaf 30 januari 2026 tot de dag dat volledig is betaald;
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van Zilveren Kruis worden begroot op € 863,77;
wijst al het andere af;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. B.J.R. van Tongeren en in het openbaar uitgesproken.
62574