ECLI:NL:RBOBR:2022:772
Inhoudsindicatie
Werkgever ontslaat werknemer op staande voet voordat arbeidsovereenkomst vanwege rechterllijke ontbinding (9396974 EJ VERZ 21-396, beschikking 6 oktober 2021) eindigt. Volgt vernietiging oosv en veroordeling werkgever in werkelijke proceskosten werknemer. Beoordeling neven- en…
Bovenstaande samenvatting komt van Rechtspraak.nl. Voor de volledige tekst van de uitspraak: uitspraken.rechtspraak.nl »
Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald
- Art. 7:611 BW Burgerlijk Wetboek Boek 7
- Art. 7:625 BW Burgerlijk Wetboek Boek 7
- Art. 7:677 BW Burgerlijk Wetboek Boek 7
- Art. 7:680a BW Burgerlijk Wetboek Boek 7
- Art. 21 Rv Burgelijke Rechtsvordering
- Art. 360 Rv Burgelijke Rechtsvordering
Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen
- ECLI:NL:GHAMS:2019:3750 — 15-10-2019 Hof Amsterdam Civiel recht
Wwz. Hof deelt het oordeel van de kantonrechter dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is gegeven. Het hanteren van een (korte) opzegtermijn door de werkgever brengt mee dat de opzegging niet onverwijld heeft plaatsgevonden en een subjectief dringende reden voor… - ECLI:NL:GHDHA:2015:2117 — 11-08-2015 Hof Den Haag Civiel recht
Ontslag op staande voet niet rechtsgeldig. Fysiek geweld onvoldoende onderbouwd; hof komt niet toe aan verdere bewijslevering. Geen gronden voor matiging loonvordering. - ECLI:NL:RBAMS:2026:95 — 08-01-2026 Rb. Amsterdam Civiel recht
Werknemer meldt zich ziek na val tijdens werk. Werkgever verneemt maanden later dat werknemer kort werkzaamheden heeft uitgevoerd voor andere werkgever en laat onderzoek doen naar activiteiten werknemer. Volgens werkgever volgt daaruit dat werknemer niet open is over… - ECLI:NL:OGEAA:2025:384 — 16-12-2025 Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba Civiel recht
Arbeid. Verklaring voor recht dat het ontslag op staande voet is vernietigd. Matiging loonvordering. Verzoek tot medewerking aan het verlengen van de werkvergunning toegewezen. - ECLI:NL:RBOVE:2025:6051 — 14-10-2025 Rb. Overijssel Civiel recht
Eiser geeft aan grotendeels niet betaald te zijn voor verrichte werkzaamheden, en een spoedeisend belang te hebben bij alsnog uitbetalen van het achterstallige loon voor de bodemprocedure klaar is. De voorzieningenrechter wijst toe de vorderingen van de eiser.