ECLI:NL:RBNHO:2025:13509

Datum uitspraak
19-11-2025
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Zaaknummer
11553443 \ CV EXPL 25-1209
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Luchtvaart. Bevoegdheidsincident. Statutaire zetel luchtvaartmaatschappij gelegen in Marokko. Plaats van uitvoering in Rotterdam. Kantonrechter rechtbank Noord-Holland niet bevoegd. Doorverwijzing rechtbank Rotterdam.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 11553443 \ CV EXPL 25-1209

Uitspraakdatum: 19 november 2025

Vonnis van de kantonrechter in het incident in de zaak van:

[eiser]

wonende te [plaats]

eiser

hierna te noemen: de passagier

gemachtigde: [gemachtigde] (Yource B.V.)

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

Royal Air Maroc

gevestigd te Schiphol

gedaagde

hierna te noemen: de vervoerder

gemachtigde: mr. T. Teke (Advocatenpraktijk Teke)

1 Het procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding:

- de incidentele conclusie tot onbevoegdheid.

1.2.

De passagier heeft niet meer gereageerd. Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

De passagier heeft een vervoersovereenkomst gesloten. Op grond daarvan moest de vervoerder hem op 4 augustus 2024 vervoeren van Rotterdam naar Oujda, Marokko, met vlucht AT1685 (hierna: de vlucht).

2.2.

De passagier is met een vertraging van meer dan drie uur aangekomen op de eindbestemming.

2.3.

De passagier heeft daarom compensatie van de vervoerder gevorderd.

2.4.

De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3 Het geschil in het incident

3.1.

De vervoerder heeft de kantonrechter verzocht zich onbevoegd te verklaren, met veroordeling van de passagier in de kosten van het incident.

3.2.

De vervoerder legt – samengevat – aan zijn vordering ten grondslag dat de vlucht vertrok vanuit Rotterdam. Dit betekent dat de plaats van uitvoering van de verbintenis in Rotterdam is gelegen. Ook is hij niet statutair gevestigd in Nederland en is het kantoor van de vervoerder op Schiphol niet betrokken geweest bij de totstandkoming van de vervoersovereenkomst.

4 De beoordeling

4.1.

In dit incident staat de vraag centraal of de kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland bevoegd is kennis te nemen van het geschil.

4.2.

De kantonrechter stelt voorop dat in dit geval de rechtsmacht van de Nederlandse rechter beoordeeld moet worden aan de hand van het Nederlandse procesrecht.1 Daaruit volgt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft als de gedaagde partij zijn woonplaats of gewone verblijfplaats in Nederland heeft.2 De woonplaats van een rechtspersoon is daar waar hij zijn statutaire zetel heeft.3

4.3.

De passagier stelt in de dagvaarding dat de vervoerder statutair gevestigd is te Schiphol. De vervoerder betwist dit en voert aan dat zijn statutaire zetel is gelegen in Casablanca, Marokko. De passagier heeft hier niet meer op gereageerd. Naar het oordeel van de kantonrechter heeft de vervoerder hiermee voldoende aannemelijk gemaakt dat hij geen woonplaats heeft in Nederland. Ook heeft hij voldoende concreet gesteld en onderbouwd dat zijn kantoor op Schiphol niet betrokken is geweest bij de uitvoering van de vervoersovereenkomst. Daarom kan de kantonrechter haar bevoegdheid niet aan deze grondslag ontlenen.

4.4.

De Nederlandse rechter heeft eveneens rechtsmacht in zaken over verbintenissen uit overeenkomst als de verbintenis die aan de eis ten grondslag ligt in Nederland is uitgevoerd.4 Bij diensten is de plaats van uitvoering in Nederland gelegen als deze dienst volgens de overeenkomst in Nederland verstrekt werd of verstrekt had moeten worden.5 De vlucht vertrok vanaf de luchthaven van Rotterdam. Daarom is de Nederlandse rechter bevoegd om kennis te nemen van het geschil.

4.5.

Omdat de diensten volgens de vervoersovereenkomst in Rotterdam werden verstrekt, is de kantonrechter van de rechtbank Noord-Holland echter onbevoegd om van de vordering van de passagier kennis te nemen. De kantonrechter moet de zaak verwijzen naar de bevoegde rechter, namelijk de rechtbank Rotterdam, sector kanton.6 De kantonrechter zal de zaak dan ook - in de stand waarin deze zich bevindt - verwijzen naar de rechtbank Rotterdam, sector kanton.

4.6.

De kantonrechter wijst partijen er op dat voor de voortzetting van de procedure vereist is dat een van de partijen de andere partij bij exploot oproept tegen een nieuwe roldatum.7

4.7.

De passagier wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten van dit incident.

5 De beslissing

De kantonrechter:

5.1.

verklaart zich onbevoegd van de zaak kennis te nemen;

5.2.

verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de rechtbank Rotterdam, sector kanton;

5.3.

veroordeelt de passagier tot betaling van de proceskosten in het incident, die tot en met vandaag voor de vervoerder worden vastgesteld op een bedrag van € 82,00;

5.4.

verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Kleij, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »