RECHTBANK AMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer / rekestnummer: 12008497 \ CV FORM 25-17119
Beschikking van 28 juli 2026
in de zaak van
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats],
verzoekende partij,
hierna te noemen: [verzoeker],
procederend in persoon,
tegen
de rechtspersoon naar buitenlands recht
VINTED UAB,
gevestigd te 03228 Vilnius (Litouwen),
verwerende partij,
hierna te noemen: Vinted,
gemachtigde: P. Janikowski.
1 De procedure
In het kader van de Europese procedure voor geringe vorderingen (Verordening (EG) nr. 861/2007, hierna: EPGV-Verordening) heeft [verzoeker] door middel van het
Vorderingsformulier A als bedoeld in artikel 4 lid 1 EPGV-Verordening, met bewijsstukken, een vordering ingesteld, ontvangen op 27 november 2025.
Vinted is bij brief van 15 januari 2026 in de gelegenheid gesteld te reageren door formulier C in te vullen en met eventuele bewijsstukken te retourneren. Bij e-mail van 27 maart 2026 heeft Vinted formulier C geretourneerd in de Litouwse taal. Op verzoek van de griffier heeft Vinted bij e-mail van 3 april 2026 formulier C ingediend in de Engelse taal, door Vinted gelijktijdig verstuurd naar [verzoeker].
[verzoeker] heeft bij e-mail van 3 april 2026 gereageerd op het verweer van Vinted.
Vervolgens is Vinted bij brief van 14 april 2026 in de gelegenheid gesteld om te reageren binnen 30 dagen na ontvangst van deze brief.
Bij brieven van 1 juni 2026 is aan partijen bericht dat van Vinted geen reactie is ontvangen en dat de rechtbank binnen 30 dagen uitspraak zal doen.
Vervolgens heeft Vinted bij e-mail van 4 juni 2026 alsnog een reactie ingediend. Bij brieven van 11 juni 2026 is aan partijen bericht dat de rechtbank binnen 30 dagen uitspraak zal doen.
[verzoeker] heeft daarna bij e-mail van 11 juni gereageerd. Omdat deze e-mail een herhaling van eerdere standpunten bevat, wordt deze reactie verder buiten beschouwing gelaten.
2 Feiten
Op 20 september 2025 heeft [verzoeker] een MacBook Pro 2018 verkocht aan een koper via Vinted voor een bedrag van € 350,00. Door Vinted is daartoe een vooruitbetaald verzendlabel verstrekt voor verzending door DPD.
Op 24 september 2025 is het pakket verkeerd bezorgd bij Carrefour Express in Bouilly in Frankrijk in plaats van op het adres van de koper in [plaats] in Frankrijk. De koper heeft bevestigd dat dit niet het door haar gekozen adres was.
Op 24 september 2025 is het pakket geregistreerd als ‘teruggestuurd naar afzender’, maar het pakket is nooit bij [verzoeker] aangekomen.
Op 22 oktober 2025 heeft [verzoeker] de laptop opnieuw verkocht aan een tweede koper. Deze bestelling is niet verzonden en is op 29 oktober 2025 door Vinted geannuleerd.
Op 16 november 2026 heeft Vinted aan [verzoeker] bericht dat het pakket is teruggestuurd naar de Verification Hub. Om het naar [verzoeker] te verzenden, moet Vinted van [verzoeker] een nieuw vooraf betaald verzendlabel ontvangen.
Op 17 november 2025 heeft [verzoeker] aan Vinted bericht dat hij dit weigert. Volgens [verzoeker] mag een platform van een consument niet eisen dat deze de kosten draagt die voortvloeien uit een eigen tekortkoming in de afhandeling door het platform.
Op 18 november 2025 heeft Vinted bericht dat zij het verzendlabel binnen 30 dagen moet ontvangen. Anders moet zij het artikel mogelijk afvoeren, verkopen of een nieuwe bestemming geven, in overeenstemming met de algemene voorwaarden van Vinted.
Op 20 november 2025 heeft Vinted bericht dat het artikel niet langer aan [verzoeker] kan worden teruggestuurd, aangezien het al meer dan 30 dagen in het magazijn van Vinted ligt zonder dat zij afleverinstructies van [verzoeker] heeft ontvangen. Om die reden en op grond van de algemene voorwaarden van Vinted heeft [verzoeker] zijn recht op ontvangst van het artikel verloren, en mag Vinted het artikel verwijderen, verkopen of hergebruiken.
Op 1 april 2026 heeft Vinted € 350,00 bijgeschreven op de Vinted portemonnee van [verzoeker].
3 Het verzoek
[verzoeker] vordert onder 7 van Vorderingsformulier A veroordeling van Vinted tot teruggave van de laptop op kosten van Vinted en tot betaling van een schadevergoeding van € 2.170,00, wettelijke rente vanaf 24 november 2025 en de kosten van deze procedure.
Aan het verzoek heeft [verzoeker], kort samengevat, ten grondslag gelegd dat Vinted de laptop niet heeft geleverd aan de koper. Dit kwalificeert als wanprestatie en is in strijd met artikel 18 en 22 van de Richtlijn betreffende consumentenrechten (2011/83/EU). Vinted heeft ten onrechte als voorwaarde gesteld dat [verzoeker] zou betalen voor het terugsturen van de laptop en heeft de laptop ten onrechte onder zich gehouden. Dit moet worden aangemerkt als een agressieve handelspraktijk als bedoeld in artikel 6:193h Burgerlijk Wetboek (BW) en de artikelen 6 tot en met 8 van de Richtlijn oneerlijke handelspraktijken (2005/29/EG). Vinted heeft de laptop nooit bij de koper bezorgd en is op grond van artikel 20 van de Richtlijn betreffende consumentenrechten verantwoordelijk gebleven voor de laptop. De handelwijze van Vinted is in strijd met de artikelen 3 tot en met 6 van de Richtlijn (93/13/EEG) betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten. De voorwaarde dat de bepaling waarin staat dat een artikel na 30 dagen mag worden verwijderd, is onrechtmatig (artikel 6:162 BW) en onredelijk bezwarend (artikelen 6:233 tot en met 6:237 BW). Per 23 november 2025 is de laptop, ondanks herhaalde verzoeken aan de klantenservice, nog steeds niet aan een koper geleverd of naar [verzoeker] teruggestuurd. [verzoeker] kiest ervoor om de vordering uit oogpunt van evenredigheid vast te stellen op € 2.170,00 aan schade, bestaande uitde marktwaarde van de laptop (500,00), twee gemiste verkopen (€ 700,00), gemiste kansen (€ 420,00) administratieve kosten (€ 600,00) en immateriële schade (€ 100,00).
Vinted voert als verweer dat aan [verzoeker] een vergoeding is toegekend van € 350,00. Volgens de algemene voorwaarden van Vinted kan alleen een vergoeding worden toegekend tot het verkoopbedrag. Er is door [verzoeker] geen geldige juridische of feitelijke grondslag, noch ondersteunend bewijs, voor de vermeende gevolgschade aangevoerd. De tweede verkoop is door [verzoeker] zelfstandig en op eigen risico aangegaan, terwijl de laptop niet in zijn bezit was. Aan de kopers is de volledige waarde van de transacties terugbetaald nadat de termijn voor het verzenden van de artikelen was verstreken.
4 De beoordeling
Bevoegdheid
Op grond van artikel 17 lid 1 sub c van de Verordening (EU) nr. 1215/2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna: de Verordening Brussel I bis) is de Nederlandse rechter bevoegd om de vordering te beoordelen, omdat uit de door [verzoeker] overgelegde bewijsstukken blijkt dat Vinted commerciële of beroepsactiviteiten ontplooit in Nederland, waar [verzoeker] als consument woonplaats heeft.
Op grond van artikel 18 lid 1 van de Verordening Brussel I bis kan de rechtsvordering die door een consument wordt ingesteld tegen de wederpartij bij de overeenkomst, worden gebracht hetzij voor de gerechten van de lidstaat op het grondgebied waarvan die partij woonplaats heeft, hetzij, ongeacht de woonplaats van de wederpartij, voor het gerecht van de plaats waar de consument woonplaats heeft.
[verzoeker] heeft woonplaats in [woonplaats], zodat de kantonrechter van de rechtbank Amsterdam relatief bevoegd is om van de vordering kennis te nemen.
Toepasselijk recht
Het onderhavige geschil betreft een vordering die voortvloeit uit een verbintenis uit overeenkomst. Om die reden is op het geschil van toepassing de Verordening (EG) nr. 593/2008 betreffende het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (hierna: de Verordening Rome I).
Op grond van artikel 6 lid 1 sub a van de Verordening Rome I wordt de overeenkomst beheerst door Nederlands recht, nu [verzoeker] in Nederland woont en Vinted commerciële of beroepsactiviteiten ontplooit in Nederland.
De vordering
Vinted heeft op 1 april 2026 een bedrag betaald van € 350,00, gelijk aan de waarde van de eerste verkoop van de laptop. Vinted verwijst daartoe naar haar algemene voorwaarden, maar heeft van die algemene voorwaarden alleen een link gedeeld. Vinted heeft niet geconcretiseerd op welke bepalingen in haar algemene voorwaarden zij zich specifiek beroept. Wat daar verder ook van zij, voor het terugsturen van de laptop naar [verzoeker] heeft Vinted feitelijk als voorwaarde gesteld dat zij van [verzoeker] een nieuw vooraf betaald verzendlabel moet ontvangen. Over deze voorwaarde is niet afzonderlijk onderhandeld. Deze voorwaarde brengt naar het oordeel van de kantonrechter mee dat het evenwicht tussen de uit de overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen van de partijen ten nadele van de consument aanzienlijk wordt verstoord, terwijl geen sprake is van een kernbeding. Om die reden is Vinted aan [verzoeker] de verkoopprijs van de laptop verschuldigd. Naar het oordeel van de kantonrechter is de door [verzoeker] gestelde marktwaarde van de laptop van € 500,00 door [verzoeker] namelijk onvoldoende onderbouwd.
Vinted heeft op 1 april 2026, na indiening van het onderhavige verzoek, aan [verzoeker] een bedrag ter hoogte van de verkoopprijs, te weten € 350,00, vergoed.
[verzoeker] heeft geen aanspraak op een vergoeding voor een tweede verkoop van dezelfde laptop. Een laptop kan immers maar één keer verkocht worden en er kan dus één keer aan verdiend worden. [verzoeker] heeft het bedrag waarvoor hij de laptop oorspronkelijk wilde verkopen – de € 350,00 – ook van Vinted ontvangen. Daarbij komt dat [verzoeker] de tweede verkoop zelfstandig en op eigen risico tot stand heeft gebracht, terwijl vaststaat dat [verzoeker] ten tijde van die verkoop niet de beschikking had over de laptop.
Een vergoeding voor gemiste kansen (€ 420,00) kan niet worden gebaseerd op artikel 6:98 BW. De gevorderde vergoeding voor immateriële schade (€ 100,00) is door [verzoeker] onvoldoende onderbouwd. De door [verzoeker] gestelde administratieve kosten van twaalf keer € 50,00 (€ 600,00) moeten geacht worden deel uit te maken van kosten ter voorbereiding van deze procedure, als bedoeld in artikel 241 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De gevorderde wettelijke rente over € 350,00 is als onbestreden toewijsbaar, te rekenen vanaf 24 november 2025 tot 1 april 2026, en bedraagt € 5,68.
De kantonrechter ziet aanleiding om Vinted te veroordelen in de proceskosten. De proceskosten van [verzoeker] worden op basis van het toegewezen bedrag begroot op € 90,00 aan griffierecht (tarief 2025). Het meerdere blijft voor rekening van [verzoeker].
[verzoeker] heeft verzocht om een Engelstalig certificaat van de beslissing te verstrekken. Dat verzoek is toewijsbaar. De rechtbank zal daarom het in artikel 20 lid 2 van de EPGV-Verordening voorgeschreven certificaat afgeven. Deze wordt met de beschikking meegezonden.
5 De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt Vinted om aan [verzoeker] te betalen een bedrag van € 5,68 aan wettelijke rente,
veroordeelt Vinted in de proceskosten van € 90,00,
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.J. Otten en in het openbaar uitgesproken op 28 juli 2026.
33806