ECLI:NL:RBAMS:2026:10118

Datum uitspraak
07-07-2026
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Rechtsgebied
Civiel recht; Personen- en familierecht
Zaaknummer
C/13/789674 / FA RK 26/4881
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Wvggz. ZM verleend. Geen vrijwilligheid.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd

zaaknummer / rekestnummer: C/13/789674 / FA RK 26/4881

kenmerk: ZM/IND/205841

Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

Beschikking van 7 juli 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene],

geboren op [geboortedag] 1992 te [geboorteplaats],

wonende te [adres 1],

verblijvende te [adres 2],

zorgaanbieder: GGZ inGeest,

hierna te noemen: betrokkene,

advocaat: mr. J.K. Gaasbeek te Haarlem.

1 Procesverloop

1.1.

Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 17 juni 2026.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 7 juli 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder op de locatie [locatie].

Tijdens de mondelinge behandeling waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:

- betrokkene;

- bovengenoemde advocaat;

- dhr. [naam 1], psychiater;

- mw. [naam 2], arts.

Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.

2 Beoordeling

2.1.

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van een manische episode in het kader van een bipolaire 1 stoornis en een stoornis in het gebruik van cannabis.

2.2.

Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, maatschappelijke teloorgang en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.

2.3.

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.

2.4.

De advocaat heeft namens betrokkene afwijzing van het verzoek bepleit, omdat behandeling in een vrijwillig kader mogelijk is. Betrokkene had een zelfbindingsverklaring en hem moet het vertrouwen worden gegeven om naar deze situatie terug te keren. Hij heeft voor de zelfbindingsverklaring gevochten. Toen het slechter met betrokkene ging heeft hij om een time-out opname verzocht, maar dit is niet gelukt aan de kant van de GGZ. Betrokkene wil samenwerken met de behandelaren. Het is belangrijk voor hem dat er afspraken te maken zijn. Betrokkene houdt zich ook aan de afspraken. De rechtbank volgt de advocaat niet in zijn pleidooi.

De psychiater heeft toegelicht dat de ambulante behandelaren van betrokkene zagen dat hij manisch psychotisch ontregelde. Ze vroegen om die reden een zorgmachtiging aan. Er waren zorgen bij de ambulante behandelaren. In een crisissituatie volgt betrokkene de zelfbindingsverklaring niet. Zo ging hij naar Valencia toen het slechter met hem ging. Betrokkene mist op zo’n moment de regie. Hij slaapt dan slecht en afspraken maken lukt niet. Betrokkene erkent zelf niet dat er sprake was van een manisch psychotische ontregeling. Op een gegeven moment zijn er weer goede afspraken te maken met betrokkene en is zorg in een vrijwillig kader mogelijk. Hiervoor is het op dit moment nog te vroeg. De eerste periode in het herstel is altijd een kwetsbare periode. Een zorgmachtiging is noodzakelijk als vangnet zodat snel ingegrepen kan worden indien betrokkene dreigt te decompenseren. De rechtbank vindt een zorgmachtiging om vermelde redenen vooralsnog nodig.

2.5.

Van de in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg, die zijn gebaseerd op het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur, alsmede gelet op hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk voor de duur van zes maanden:

  • toedienen van medicatie;

  • het verrichten van medische controles;

  • beperken van de bewegingsvrijheid;

  • insluiten, telkens voor de duur van maximaal tien dagen per toepassing;

  • uitoefenen van toezicht op betrokkene, telkens voor de duur van maximaal veertien dagen per toepassing;

  • onderzoek aan kleding of lichaam;

  • onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;

  • controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

  • aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam;

  • opnemen in een accommodatie.

2.6.

De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

2.7.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes maanden.

3 Beslissing

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1992 te [geboorteplaats], inhoudende dat gedurende de looptijd van de machtiging bij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.5 genoemde maatregelen kunnen worden getroffen;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 7 januari 2027.

Deze beschikking is op 7 juli 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door

mr. E.M. Devis, rechter, bijgestaan door mr. K.W. de Haan als griffier en op 14 juli 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »