ECLI:NL:HR:2010:BK4994

Datum uitspraak
12-02-2010
Instantie
Hoge Raad
Rechtsgebied
Civiel recht
Zaaknummer
09/00231
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Verbintenissenrecht. Geschil over aansprakelijkheid ex art. 6:170 BW in verband met creditcard fraude (81 RO).

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

12 februari 2010

Eerste Kamer

09/00231

EE/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

PEHA HOLDING B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

EISERES tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

INTERNATIONAL CARD SERVICES B.V., tevens handelend onder de naam Visa Card Services,

gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als PeHa en Visa.

1. Het geding in feitelijke instanties

Visa heeft bij exploot van 9 februari 2004 PeHa gedagvaard voor de rechtbank Alkmaar en gevorderd, voorzover in cassatie nog van belang, kort gezegd, PeHa te veroordelen aan Visa te betalen een bedrag van € 60.121,46, met rente en kosten.

PeHa heeft de vordering bestreden.

De rechtbank heeft bij vonnis van 28 juni 2006 PeHa veroordeeld om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan Visa te betalen een bedrag van € 60.121,46, met rente en kosten, en het meer of anders gevorderde afgewezen.

Tegen het vonnis van de rechtbank heeft PeHa hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.

Bij arrest van 16 september 2008 heeft het hof het vonnis van de rechtbank vernietigd en, opnieuw rechtdoende, PeHa veroordeeld tot betaling aan Visa van een bedrag van € 60.021,99 met rente en kosten. Het meer of anders gevorderde heeft het hof afgewezen.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft PeHa beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Tegen Visa is verstek verleend.

De zaak is voor PeHa toegelicht door haar advocaat.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt PeHa in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Visa begroot op nihil.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, A. Hammerstein, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 12 februari 2010.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »