Artikel 515 Wetboek van Strafvordering

Lid 1

Het verzoek om wraking wordt zo spoedig mogelijk ter zitting behandeld door een meervoudige kamer waarin de rechter wiens wraking is verzocht, geen zitting heeft.

Lid 2

De verzoeker en de rechter wiens wraking is verzocht, worden in de gelegenheid gesteld te worden gehoord. De meervoudige kamer kan ambtshalve of op verzoek van de verzoeker of de rechter wiens wraking is verzocht, bepalen dat zij niet in elkaars aanwezigheid zullen worden gehoord.

Lid 3

Indien het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond is, kan de meervoudige kamer zonder toepassing te geven aan het eerste en tweede lid beslissen het verzoek zonder behandeling ter zitting af te doen.

Lid 4

De meervoudige kamer beslist zo spoedig mogelijk. De beslissing is gemotiveerd en wordt onverwijld aan de verdachte, het openbaar ministerie en de rechter wiens wraking was verzocht medegedeeld.

Lid 5

In geval van misbruik kan de meervoudige kamer bepalen dat een volgend verzoek niet in behandeling wordt genomen. Hiervan wordt in de beslissing melding gemaakt.

Lid 6

Tegen de beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Recente uitspraken

Art. 515 Sv is sinds 2000 in 141 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, Hoge Raad en Rb. Oost-Brabant.

  • ECLI:NL:HR:2026:45 — 20-01-2026 Hoge Raad
    Beslissing van wrakingskamer hof tot niet-ontvankelijkverklaring van hoger beroep tegen afwijzing van wrakingsverzoek a.b.i. art. 512 Sv door Rb. Ontvankelijkheid cassatieberoep, beroep op doorbreking van rechtsmiddelenverbod. O.g.v. art. 515.5 Sv staat tegen beslissing op…
  • ECLI:NL:HR:2025:1833 — 05-12-2025 Hoge Raad
    Verzoek om wraking. De Hoge Raad stelt het verzoek buiten behandeling.
  • ECLI:NL:HR:2024:918 — 21-06-2024 Hoge Raad
    Procesrecht. Beroep tegen beslissing op verzoek tot wraking. Ontvankelijk? Art. 39 lid 5 Rv; doorbrekingsleer.
  • ECLI:NL:HR:2021:370 — 16-03-2021 Hoge Raad
    Beoordeling wrakingsverzoeken in strafzaken. Feitelijk leiding geven aan oplichting (art. 326.1 Sr), bedrieglijke bankbreuk (art. 341 Sr) en valsheid in geschrift (art. 225.1 Sr) begaan door rechtspersoon, meermalen gepleegd en medeplegen gewoontewitwassen (art. 420ter.1 Sr).…
  • ECLI:NL:HR:2020:431 — 17-03-2020 Hoge Raad
    Wrakingsverzoek ex art. 512 Sv. Verzoeker was gedagvaard om door de Rh-C als getuige te worden gehoord. De raadsman heeft namens de verzoeker een verzoek tot wraking gedaan omdat de Rh-C geen voor h.b. vatbare beschikking heeft gegeven op het door de raadsman namens verzoeker…

Bekijk alle 141 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.