Artikel 461 Wetboek van Strafvordering

Lid 1

Ter voorbereiding van een herzieningsaanvraag kan een gewezen verdachte, die is veroordeeld voor een feit waarop naar de wettelijke omschrijving gevangenisstraf van twaalf jaren of meer is gesteld en waardoor de rechtsorde ernstig is geschokt, door zijn raadsman aan de procureur-generaal doen verzoeken een nader onderzoek in te stellen naar de aanwezigheid van een grond voor herziening als bedoeld in artikel 457, eerste lid, onder c.

Lid 2

Het verzoek wordt schriftelijk ingediend en door de raadsman ondertekend. Het verzoek behelst een opgave van de onderzoekshandelingen die dienen te worden verricht, met bijvoeging van een kopie van de uitspraak waarvan de gewezen verdachte herziening wil aanvragen, en is met redenen omkleed. Het verzoek kan tevens strekken tot de instelling van een onderzoeksteam als bedoeld in artikel 463.

Lid 3

Indien het verzoek niet voldoet aan de in het eerste en tweede lid genoemde voorwaarden, verklaart de procureur-generaal het niet ontvankelijk. Indien het verzoek ontvankelijk is kan de procureur-generaal het verzoek slechts afwijzen indien:

  1. er onvoldoende aanwijzingen zijn dat er mogelijkerwijs sprake is van een grond tot herziening, of

  2. het verzochte onderzoek niet noodzakelijk is.

Lid 4

De procureur-generaal beslist zo spoedig mogelijk. De beslissing is met redenen omkleed en wordt schriftelijk ter kennis gebracht van degene die het verzoek heeft ingediend. In geval van toewijzing van het verzoek vermeldt de beslissing de te verrichten onderzoekshandelingen.

Lid 5

De artikelen 432a en 457, tweede lid, zijn van overeenkomstige toepassing.

Recente uitspraken

Art. 461 Sv is sinds 2005 in 23 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Den Haag en Hof Den Haag.

  • ECLI:NL:HR:2023:1772 — 19-12-2023 Hoge Raad
    Herziening. Deventer moordzaak. Moord in 1999 in Deventer, art. 289 Sr. Aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag berusten op stelling dat sprake is van gegeven a.b.i. art. 457.1.c Sv. In aanvraag en aanvullende herzieningsaanvraag wordt beroep gedaan op vier…
  • ECLI:NL:HR:2021:634 — 20-04-2021 Hoge Raad
    Herziening. “Pettense campingmoord” in juli 1994. Doodslag door een ander meermalen met mes in borst te steken, art. 287 Sr. Bewezenverklaring is vrijwel uitsluitend aangenomen o.g.v. bekennende verklaringen van verdachte. Aangevoerd wordt dat sprake is van een gegeven a.b.i.…
  • ECLI:NL:HR:2021:633 — 20-04-2021 Hoge Raad
    Herziening. Arnhemse Villamoord in 1998. Medeplegen diefstal met geweld de dood ten gevolge hebbende, art. 312.3 Sr. Aangevoerd wordt dat getuige (medeverdachte van aanvrager) in bij aanvraag gevoegde verklaringen is teruggekomen op door hem afgelegde belastende verklaringen,…
  • ECLI:NL:HR:2021:631 — 20-04-2021 Hoge Raad
    Herziening Arnhemse Villamoord in 1998. Novum in de vorm van de intrekking van de (bekennende) getuigenverklaring van een van de veroordeelde personen. HR zet juridisch kader uiteen en herhaalt relevante overweging uit HR:1997:ZC9316 dat aanvrager aannemelijk moet maken dat en…
  • ECLI:NL:HR:2021:630 — 20-04-2021 Hoge Raad
    Herziening Arnhemse Villamoord in 1998. Novum in de vorm van de intrekking van de (bekennende) getuigenverklaring van een van de veroordeelde personen. HR zet juridisch kader uiteen en herhaalt relevante overweging uit HR:1997:ZC9316 dat aanvrager aannemelijk moet maken dat en…

Bekijk alle 23 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.