Artikel 76 Wet op de rechterlijke organisatie

Lid 1

De Hoge Raad neemt in eerste instantie, tevens in hoogste ressort, kennis van de ambtsmisdrijven en ambtsovertredingen begaan door de leden van de Staten-Generaal, de ministers en de staatssecretarissen.

Lid 2

Onder ambtsmisdrijven en ambtsovertredingen worden hier begrepen strafbare feiten begaan onder een der verzwarende omstandigheden omschreven in artikel 44 van het Wetboek van Strafrecht.

Lid 3

In de gedingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, is de Hoge Raad tevens bevoegd kennis te nemen van de vordering tot vergoeding van kosten en schaden ten behoeve van de benadeelde partij.

Lid 4

In de gedingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, oordeelt de Hoge Raad met een aantal van tien raadsheren. Bij het staken der stemmen wordt een uitspraak ten voordele van de verdachte gedaan.

Recente uitspraken

Art. 76 RO is sinds 2004 in 15 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Hof Den Haag en Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:HR:2021:1934 — 21-12-2021 Hoge Raad
    Beklag ex art. 13a over de niet-vervolging van de voormalig (demissionair) minister van Buitenlandse zaken en voor Buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking voor beweerdelijk gepleegde ambtsmisdrijven. O.g.v. art. 119 Gw, art. 76.1 RO en art. 4.1 Wet ministeriële…
  • ECLI:NL:HR:2021:1554 — 19-10-2021 Hoge Raad
    Beklag ex art. 12 Sv over de niet-vervolging van (demissionair) minister-president en (demissionair) minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor beweerdelijk gepleegde ambtsmisdrijven a.b.i. art. 76.1 RO. Hof heeft de zaak op voet van art. 13a Sv naar de HR verwezen op…
  • ECLI:NL:HR:2019:1135 — 09-07-2019 Hoge Raad
    Strafzaak tegen (ex)wethouder gemeente Roermond. Schending ambtsgeheim bij benoeming nieuwe burgemeester Roermond (art. 272 Sr), voorhanden hebben stembiljetten met oogmerk deze wederrechtelijk te gebruiken (art. Z3 Kieswet), passieve ambtelijke omkoping (art. 363 Sr) en…
  • ECLI:NL:HR:2015:767 — 27-03-2015 Hoge Raad
    Ambtsmisdrijven; art. 119 Gw, art. 76 RO, art. 483 leden 1 en 2 Sv. Kennelijk niet-ontvankelijk beklag over niet vervolgen (voormalig) minister. Hoge Raad niet bevoegd om vervolging te bevelen.
  • ECLI:NL:HR:2015:765 — 27-03-2015 Hoge Raad
    Ambtsmisdrijven; art. 119 Gw, art. 76 RO, art. 483 leden 1 en 2 Sv. Gasboringen Groningen. Kennelijk niet-ontvankelijk beklag over niet vervolgen minister. Hoge Raad niet bevoegd om vervolging te bevelen.

Bekijk alle 15 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.