Artikel 9a.2 Jeugdwet

Lid 1

De zorgautoriteit heeft tot taak zo vroeg mogelijk te signaleren dat er:

  1. risico’s zijn die ertoe kunnen leiden dat colleges niet kunnen voorzien in een toereikend aanbod van:

    1. vormen van jeugdhulp als bedoeld in artikel 2.19, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, om aan de taken, bedoeld in de artikelen 2.3 en 2.4, tweede lid, onderdeel b, te kunnen voldoen;

    2. gecertificeerde instellingen voor de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering, en

    3. in geval toepassing is gegeven aan artikel 2.21, eerste lid, vormen van jeugdhulp als bedoeld in dat lid, om aan de taken, bedoeld in de artikelen 2.3 en 2.4, tweede lid, onderdeel b, te kunnen voldoen;

  2. sprake is van een ontoereikend aanbod van de vormen van jeugdhulp, bedoeld in onderdeel a, of gecertificeerde instellingen.

Lid 2

Ter uitvoering van het eerste lid:

  1. zorgt de zorgautoriteit ervoor dat eenieder aan haar ontwikkelingen bij gemeenten, Jeugdregio’s, jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen kan melden die de aanwezigheid van een toereikend aanbod van jeugdhulp en gecertificeerde instellingen in gevaar kunnen brengen of meldingen over een ontoereikend aanbod kan doen;

  2. analyseert de zorgautoriteit in ieder geval:

    1. de meldingen, bedoeld in onderdeel a;

    2. gegevens en inlichtingen van de inspecties, bedoeld in artikel 9.1, eerste en tweede lid, die kunnen duiden op een risico als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a;

    3. bij haar op grond van artikel 71b van de Wet marktordening gezondheidszorg aan te leveren gegevens met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde jeugdhulp, kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering, alsmede met betrekking tot de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen die deze diensten leveren;

    4. informatie die tot haar beschikking is gekomen in het kader van het onderzoek, bedoeld in artikel 9a.1;

    5. informatie die tot haar beschikking is gekomen bij de uitvoering van haar in de Wet marktordening gezondheidszorg geregelde taken; en

    6. openbare informatie.

Lid 3

De zorgautoriteit verstrekt colleges en Jeugdregio’s bij ministeriële regeling te bepalen gegevens om zelf zo vroeg mogelijk een risico of ontoereikend aanbod als bedoeld in het eerste lid in hun eigen gemeente of regio te kunnen signaleren.

Lid 4

Jeugdhulpaanbieders die vormen van jeugdhulp als bedoeld in het eerste lid verlenen of doen verlenen, gecertificeerde instellingen, colleges, Jeugdregio’s en, voor zover het om landelijk gecontracteerde of te contracteren jeugdhulp gaat, de door gemeenten gezamenlijk in stand gehouden landelijk werkende organisatie belast met de contractering:

  1. leveren de zorgautoriteit desgevraagd de aanvullende informatie die zij nodig heeft om te kunnen bepalen of sprake is van een risico of ontoereikend aanbod als bedoeld in het eerste lid;

  2. doen een melding aan de zorgautoriteit zodra zij voorzien dat de diensten, bedoeld in het eerste lid, op afzienbare termijn niet meer geleverd zullen kunnen worden en zodra deze daadwerkelijk niet meer geleverd worden.

Lid 5

Zodra de zorgautoriteit tot de overtuiging is gekomen dat een risico of ontoereikend aanbod als bedoeld in het eerste lid bestaat, waarschuwt zij de betrokken jeugdhulpaanbieders, gecertificeerde instellingen, colleges, Jeugdregio’s en, indien het om landelijk gecontracteerde of te contracteren jeugdhulp gaat, de door gemeenten gezamenlijk in stand gehouden landelijk werkende organisatie belast met de contractering.