Artikel 62a Invorderingswet 1990

Lid 1

Ingeval een persoon als bedoeld in de artikelen 58, eerste lid, 59, eerste lid en 62, eerste lid, een door de ontvanger op een van die leden gebaseerde verplichting is nagekomen maar van oordeel is dat de verplichting onrechtmatig is opgelegd, kan hij verzoeken om vergoeding van kosten die rechtstreeks verband houden met deze nakoming. De ontvanger beslist op dat verzoek bij voor bezwaar vatbare beschikking en kent een redelijke kostenvergoeding toe in geval van een onrechtmatig opgelegde verplichting.

Lid 2

Op het bezwaar, beroep, hoger beroep en beroep in cassatie inzake de in het eerste lid bedoelde beschikking is hoofdstuk V van de Algemene wet inzake rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 62a Invord1990 is sinds 2019 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam en Hof Den Haag.

  • ECLI:NL:GHAMS:2020:1412 — 31-03-2020 Hof Amsterdam
    Is (fiscale)bestuursrecht bevoegd te oordelen over het al dan niet tijdig beslissen op een administratief beroep tegen een beslissing op een verzoek tot uitstel van betaling voor een belastingaanslag? Heeft belanghebbende recht op immateriele schadevergoeding wegens…
  • ECLI:NL:GHAMS:2019:2495 — 18-07-2019 Hof Amsterdam
    Bevoegdheid belastingrechter inzake verrekening en kwijtschelding van IB-aanslagen. Het Hof oordeelt, evenals de rechtbank, dat niet de belastingrechter, maar de civiele rechter bevoegd is.
  • ECLI:NL:GHDHA:2019:1746 — 05-03-2019 Hof Den Haag
    Bij uitspraak van 22 juni 2017 heeft de Rechtbank Rotterdam bepaald dat de invorderingsambtenaar door belanghebbende betaald griffierecht en gemaakte reiskosten (in totaal € 52) aan belanghebbende dient te vergoeden. De invorderingsambtenaar heeft belanghebbende medegedeeld dit…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.