Artikel 117 Grondwet

Lid 1

De leden van de rechterlijke macht met rechtspraak belast en de procureur-generaal bij de Hoge Raad worden bij koninklijk besluit voor het leven benoemd.

Lid 2

Op eigen verzoek en wegens het bereiken van een bij de wet te bepalen leeftijd worden zij ontslagen.

Lid 3

In de gevallen bij de wet bepaald kunnen zij door een bij de wet aangewezen, tot de rechterlijke macht behorend gerecht worden geschorst of ontslagen.

Lid 4

De wet regelt overigens hun rechtspositie.

Recente uitspraken

Art. 117 Gw is sinds 2019 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad en Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Si.

  • ECLI:NL:HR:2020:1312 — 17-07-2020 Hoge Raad
    Arbeidsrecht; procesrecht. Vervolg op HR 30 juni 2017, ECLI:NL:HR:2017:1187. Vordering billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen van werkgever. Klacht over behandeling bij hof door combinatie met twee raadsheren-plaatsvervangers. Positie raadsheer-plaatsvervanger…
  • ECLI:NL:OGEABES:2019:66 — 30-01-2019 Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Si
    Procedure tegen het Hof; vordering tot inzage (843a Rv); in het Engels gestelde processtukken; vertaling

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.