Artikel 51 Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM)
De rechters genieten, gedurende de uitoefening van hun functie, de voorrechten en immuniteiten bedoeld in artikel 40 van het Statuut van de Raad van Europa en de op grond van dat artikel gesloten overeenkomsten.