Art. 8:926 Burgerlijk Wetboek Boek 8

Lid 1

In geval van reisbevrachting is de bevrachter verplicht de plek van inlading en lossing tijdig aan te wijzen.

Lid 2

Hij moet daartoe aanwijzen een plek, waar het schip veilig kan komen, liggen, laden of lossen en waarvandaan het veilig kan vertrekken.

Lid 3

Indien de aangewezen plek niet beschikbaar is, lopen laad- en lostijd zoals zij gelopen zouden hebben wanneer deze plek wel beschikbaar zou zijn geweest.

Lid 4

Wanneer de bevrachter niet aan deze verplichting voldoet, is de vervrachter zonder dat enige aanmaning is vereist bevoegd zelf de plek van inlading of lossing aan te wijzen.

Lid 5

Indien de bevrachter meer dan één plek aanwijst, geldt de tijd nodig voor het verhalen als gebruikte laad- of lostijd. De kosten van verhalen zijn voor zijn rekening.

Lid 6

De bevrachter staat er voor in, dat het schip op de plek, die hij op grond van het eerste lid ter inlading of lossing aanwijst, veilig kan komen, liggen, laden of lossen en daarvandaan veilig kan vertrekken. Indien deze plek blijkt niet aan deze vereisten te voldoen, is de bevrachter slechts in zoverre niet aansprakelijk als de schipper, door de hem gegeven aanwijzing op te volgen, onredelijk handelde.

Recente uitspraken

Art. 8:926 BW is sinds 2008 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Den Haag en Rb. Arnhem.

  • ECLI:NL:GHDHA:2016:439 — 23-02-2016 Hof Den Haag
    Binnenvaartrecht. Geen aansprakelijkheid afzender voor grijperschade bij lossing binnenvaartschip. Beoordeling volgens het CMNI en aanvullend Nederlands recht (art. 8:913 en 8:929 BW).
  • ECLI:NL:RBARN:2008:BD6866 — 25-06-2008 Rb. Arnhem
    Schip valt dwars in haven. Schade aan elektriciteitscentrale door wegvallen toevoer koelwater. Bepalingen over aanvaring zijn van toepassing, gelet op artikel 8:1002 Bw. De vordering van Electrabel is niet toewijsbaar omdat de door haar gevorderde schade naar het oordeel van de…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.