Art. 7:44 Burgerlijk Wetboek Boek 7
De in artikel 39 omschreven bevoegdheid van de verkoper vervalt, wanneer zowel zes weken zijn verstreken nadat de vordering tot betaling van de koopprijs opeisbaar is geworden, als zestig dagen, te rekenen van de dag waarop de zaak onder de koper of onder iemand van zijnentwege is opgeslagen.
Recente uitspraken
Art. 7:44 BW is sinds 2007 in 4 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hof Leeuwarden en Rb. Amsterdam.
- ECLI:NL:GHSHE:2018:4764 — 13-11-2018 Hof 's-Hertogenbosch
beschikkingsbevoegdheid verkrijger onder eigendomsvoorbehoud; uitleg overeenkomst koper/verkoper; recht van reclame, goede trouw tweede en derde koper ex art. 7:42 BW, onderzoeksplicht tweede koper - ECLI:NL:GHLEE:2011:BT7622 — 18-10-2011 Hof Leeuwarden
Recht van reclame. Bevoegdheid tot terugvordering van een schip. Derdenbescherming; levering constitutum possessorium; instemming met vervreemding. Vervaltermijn. - ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2453 — 03-04-2007 Hof 's-Hertogenbosch
Het gaat in deze procedure na verwijzing thans - kort samengevat - nog om het volgende. Appellante had in de zomer van 2001 een aan haar in eigendom toebehorende Volvo in handen gegeven aan persoon 1. Uitgangspunt bij de procedure bij het gerechtshof Arnhem en in cassatie was,… - ECLI:NL:RBAMS:2017:8185 — 08-11-2017 Rb. Amsterdam
Beroep op eigendomsvoorbehoud (beroep slaagt niet). Uitoefening van recht van reclame (artikel 7:39 BW). Bepaling of sprake is van gehele of gedeeltelijke niet-betaling (artikel 7:39 BW). Bepaling van de reclameringstermijn (artikel 7:44 BW). Het probleem van oneigenlijke…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.