Art. 7:378 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Lid 1

De verpachter die tot vervreemding van het verpachte of een deel daarvan wil overgaan, is verplicht de pachter uit hoofde van een door de grondkamer goedgekeurde pachtovereenkomst die voor ten minste de wettelijke duur is aangegaan dan wel is aangegaan voor een kortere duur, doch nadien voor ten minste zes jaren is verlengd, bij voorkeur in de gelegenheid te stellen het recht dat hij voornemens is aan te bieden, te verkrijgen overeenkomstig de regels van deze afdeling. Onder vervreemding worden begrepen overdracht van eigendom of vestiging of overdracht van erfpacht, opstal of vruchtgebruik.

Lid 2

De verpachter geeft van zijn voornemen tot vervreemding onder vermelding van de prijs bij exploot of bij aangetekende brief kennis aan de pachter.

Lid 3

De pachter geeft binnen een maand na de kennisgeving eveneens bij aangetekende brief of exploot aan de verpachter te kennen of hij, indien overeenstemming wordt bereikt over de prijs, bereid is eigenaar dan wel erfpachter, opstaller of vruchtgebruiker te worden.

Lid 4

Indien de pachter zich niet binnen de termijn, bedoeld in artikel 378 lid 3, daartoe bereid verklaart, is het in lid 1 van artikel 378 bepaalde gedurende een jaar na afloop van deze termijn niet van toepassing.

Lid 5

In die periode mag vervreemding, anders dan in het openbaar, niet geschieden tegen een prijs die lager is dan de prijs die de verpachter in zijn in lid 2 van artikel 378 bedoelde kennisgeving heeft vermeld.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 7:378 BW is sinds 2010 in 12 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Noord-Holland, Hof Arnhem-Leeuwarden en Rb. Overijssel.

  • ECLI:NL:GHARL:2024:5453 — 27-08-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Onderverhuur met toestemming van verpachte woning. Geen afdracht meerdere van huur boven pachtpenningen bij gebrek aan grondslag, ook niet naar analogie van gedwongen teeltpacht (7:396 BW). Geen ongerechtvaardigde verrijking (6:212 BW). Voorkeursrecht pachter: verklaring veilige…
  • ECLI:NL:GHARL:2022:5749 — 05-07-2022 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Verdeling nalatenschappen. Ontvankelijkheid. Motiveringsplicht ten aanzien van deskundigenrapport. Meerwaardeclausule en winstverrekeningsbeding. Pachtsom. Verdeling molengelden.
  • ECLI:NL:GHARN:2010:BN3364 — 20-07-2010 Hof Arnhem
    Overgangsrecht pachtovereenkomsten op de voet van artikel 70f lid 5 Pw; uitleg afspraken partijen. Het hof heeft arrest gewezen en zeven zaken van pachters tegen de verpachter AVEBE. In alle zaken speelden dezelfde (rechts)vragen. Pachters zijn zowel pachter van AVEBE als lid…
  • ECLI:NL:RBNHO:2026:10377 — 13-08-2026 Rb. Noord-Holland
    pachtzaak, omdat de koper van de gronden voor de levering van de grond schriftelijk aan de pachter heeft verklaard afstand te doen van zijn bevoegdheid de pachtovereenkomst op te zeggen op grond van dringend eigen gebruik - komt de pachter geen voorkeursrecht toe. De vorderingen…
  • ECLI:NL:RBGEL:2025:8547 — 15-10-2025 Rb. Gelderland
    Ontbreken verklaring afstand voorkeursrecht pachter ex art. 3:378 lid 1 BW levert geen tekortkoming van de verkoper op, weigering afgifte verklaring veilige verpachter ex art. 3:380 lid 1 BW door koper wel. Ontbinding koopovereenkomst percelen landbouwgrond. Afwijzing vordering…

Bekijk alle 12 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.