Art. 7:326 Burgerlijk Wetboek Boek 7
Lid 1
Telkens voor het verstrijken van een pachttermijn kan de pachter of de verpachter aan de grondkamer verzoeken andere bepalingen van de pachtovereenkomst dan met betrekking tot de tegenprestatie te herzien.
Lid 2
De grondkamer herziet deze, indien de bijzondere omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven en noch het algemeen landbouwbelang, noch een redelijk belang van de andere partij zich daartegen verzet.
Lid 3
De wijziging gaat in met ingang van de nieuwe pachttermijn.
Lid 4
Geen wijziging kan worden gevorderd op grond van artikel 258 van Boek 6.
Recente uitspraken
Art. 7:326 BW is sinds 2010 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Centrale Grondkamer en Hof Arnhem-Leeuwarden.
- ECLI:NL:GHARL:2025:2173 — 08-04-2025 Hof Arnhem-Leeuwarden
Art. 7:391 BW: geen ontbinding van reservaatpacht. Voor reservaatpacht is vereist dat een beheervergoeding is bedongen en dat voldoende duidelijk is welke vergoeding is bedongen. Art. 7:370 lid 1 onder c BW, belangenafweging valt in voordeel van pachter uit. Art. 7:370 lid 1… - ECLI:NL:CG:2010:1 — 29-11-2010 Centrale Grondkamer
Centrale Grondkamer, pachtrecht artikel 7:325, lid 4 BW Bij de beoordeling of al dan niet sprake is van bijzondere omstandigheden in de zin van artikel 7:325 lid 4 BW moet worden onderzocht of de omstandigheden ten tijde van het ingaan van de overeengekomen of beoogde korte duur…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.