Art. 5:8 Burgerlijk Wetboek Boek 5

Lid 1

Indien een aan de gemeente in bewaring gegeven zaak aan snel tenietgaan of achteruitgang onderhevig is of wegens de onevenredig hoge kosten of ander nadeel de bewaring daarvan niet langer van de gemeente kan worden gevergd, is de burgemeester bevoegd haar te verkopen.

Lid 2

Indien de zaak zich niet voor verkoop leent, is de burgemeester bevoegd haar om niet aan een derde in eigendom over te dragen of te vernietigen.

Lid 3

Indien een dier wordt gevonden, is de burgemeester na verloop van twee weken, nadat het dier door de gemeente in bewaring is genomen, bevoegd het zo mogelijk tegen betaling van een koopprijs, en anders om niet, aan een derde in eigendom over te dragen. Mocht ook dit laatste zijn uitgesloten, dan is de burgemeester bevoegd het dier te doen afmaken. De termijn van twee weken behoeft niet te worden in acht genomen, indien het dier slechts met onevenredig hoge kosten gedurende dat tijdvak kan worden bewaard, of afmaking om geneeskundige redenen vereist is.

Lid 4

De opbrengst treedt in de plaats van de zaak.

Recente uitspraken

Art. 5:8 BW is sinds 2006 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam en Rb. Amsterdam.

  • ECLI:NL:GHAMS:2006:BA1237 — 14-12-2006 Hof Amsterdam
    Kattenbezitster is gedwongen opgenomen in een GGZ-instelling. Katten uit haar woning gehaald en bij derden ondergebracht. Onrechtmatig handelen van dierentehuis. Geen bevoegdheid tot overdracht. Derden te goeder trouw worden echter beschermd omdat de katten niet gestolen zijn.
  • ECLI:NL:RBAMS:2009:BI9985 — 25-06-2009 Rb. Amsterdam
    Een man vordert afgifte van zijn kater die door omstandigheden in het asiel is beland. De kater is inmiddels bij een nieuw gezin geplaatst. In kort geding kan niet worden vastgesteld of het asiel beschikkingsonbevoegd was om de eigendom van de kater over te dragen, maar zo er al…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.