Art. 5:57 Burgerlijk Wetboek Boek 5
Lid 1
De eigenaar van een erf dat geen behoorlijke toegang heeft tot een openbare weg of een openbaar vaarwater, kan van de eigenaars van de naburige erven te allen tijde aanwijzing van een noodweg ten dienste van zijn erf vorderen tegen vooraf te betalen of te verzekeren vergoeding van de schade welke hun door die noodweg wordt berokkend.
Lid 2
Indien zich na de aanwijzing van de noodweg onvoorziene omstandigheden voordoen, waardoor die weg een grotere last aan de eigenaar van het erf veroorzaakt dan waarmee bij het bepalen van de in lid 1 bedoelde vergoeding was gerekend, kan de rechter het bedrag van de vergoeding verhogen.
Lid 3
Bij de aanwijzing van de noodweg wordt rekening gehouden met het belang van het ingesloten erf, dat langs die weg de openbare weg of het openbare water zo snel mogelijk kan worden bereikt, en met het belang van de bezwaarde erven om zo weinig mogelijk overlast van die weg te ondervinden. Is een erf van de openbare weg afgesloten geraakt, doordat het ten gevolge van een rechtshandeling een andere eigenaar heeft gekregen dan een vroeger daarmee verenigd gedeelte dat aan de openbare weg grenst of een behoorlijke toegang daartoe heeft, dan komt dit afgescheiden gedeelte het eerst voor de belasting met een noodweg in aanmerking.
Lid 4
Wanneer een wijziging in de plaatselijke omstandigheden dat wenselijk maakt, kan een noodweg op vordering van een onmiddellijk belanghebbende eigenaar worden verlegd.
Lid 5
Een noodweg vervalt, hoelang hij ook heeft bestaan, zodra hij niet meer nodig is.
Recente uitspraken
Art. 5:57 BW is sinds 1994 in 119 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Rb. Gelderland en Hof Den Haag.
- ECLI:NL:HR:2020:1783 — 13-11-2020 Hoge Raad
Procesrecht; dwangsom (art. 611a en 611d Rv). Goederenrecht; noodweg (art. 5:57 BW). Kan aan veroordeling tot naleving van voorwaarden, gesteld aan gebruik noodweg, een dwangsom worden verbonden als deze voorwaarden moeten worden nageleefd door huurders of gebruikers van… - ECLI:NL:HR:2016:398 — 11-03-2016 Hoge Raad
Art. 80a lid 1 RO. Goederenrecht. Burenrecht. Belemmering doorgang langs door rechter aangewezen noodweg (art. 5:57 BW). - ECLI:NL:HR:2012:BU6496 — 03-02-2012 Hoge Raad
Recht van buurweg; art. 719 BW (oud). Oordeel hof dat recht van buurweg niet is bewezen, niet onjuist of onbegrijpelijk. Hof heeft niet miskend dat ongestoord bezit van recht van buurweg het voor tegenbewijs vatbare vermoeden oplevert dat van bestemming tot buurweg sprake is… - ECLI:NL:HR:2008:BG0973 — 28-11-2008 Hoge Raad
Afwikkeling nalatenschap; beschikkingsbevoegdheid deelgenoot over aandeel gemeenschapsgoed bij ontbrekende toestemming, verbod art. 3:190 lid 1 BW strekt niet verder dan zijn ratio verlangt. - ECLI:NL:HR:2006:AW6598 — 23-06-2006 Hoge Raad
Geschil tussen (erfgenamen van) de eigenaar van een dienend erf en eigenaren van de heersende erven – tezamen een voormalige boerderij met schuren, binnenplaats en weiland – over de uitleg van een in 1978 gevestigde erfdienstbaarheid van weg over de binnenplaats van het dienende…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.