Art. 4:95 Burgerlijk Wetboek Boek 4

Lid 1

Een onderhandse uiterste wil kan niet geldig worden gemaakt door hem die door onkunde of door andere oorzaken niet in staat is geweest de uiterste wil te lezen.

Lid 2

Een bij onderhandse akte gemaakte uiterste wil moet door de erflater zijn ondertekend. Is de uiterste wil door een ander dan de erflater of met mechanische middelen geschreven, en bestaat de wil uit meer dan één bladzijde, dan moet iedere bladzijde zijn genummerd en door de handtekening van de erflater zijn gewaarmerkt.

Lid 3

Een onderhandse uiterste wil wordt door de erflater aan een notaris ter hand gesteld. De erflater moet daarbij verklaren dat het aangeboden stuk zijn uiterste wil bevat en dat aan de vereisten van het vorige lid is voldaan. Indien het stuk gesloten wordt aangeboden, kan de erflater bij de aanbieding tevens verklaren dat het stuk slechts mag worden geopend, indien bepaalde door hem genoemde voorwaarden op de dag van zijn overlijden zijn vervuld.

Lid 4

Van de bewaargeving en de verklaringen van de erflater maakt de notaris een akte op die door de erflater en de notaris wordt ondertekend.

Lid 5

Wanneer de erflater verklaart dat hij door een met name door hem genoemde, na de ondertekening van de uiterste wil opgekomen oorzaak verhinderd wordt de akte van bewaargeving te ondertekenen, vervangt die verklaring zijn ondertekening van de akte van bewaargeving, mits zij daarin wordt opgenomen.

Lid 6

De onderhandse uiterste wil blijft berusten onder de minuten van de notaris die deze akte heeft ontvangen.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 4:95 BW is sinds 2006 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad en Rb. Limburg.

  • ECLI:NL:HR:2006:AU3712 — 13-01-2006 Hoge Raad
    Testament; civielrechtelijke gevolgen van niet-aanwezigheid getuigen in de kamer bij passeren akte (BW (oud) en Wet op het Notarisambt (oud)) / geen nietigheid of vernietigbaarheid; HR doet zelf af.
  • ECLI:NL:RBLIM:2026:8688 — 19-08-2026 Rb. Limburg
    een vonnis in twee gevoegde zaken. Het beheer over een nalatenschap door twee executeurs, waarin een aandelenportefeuille zit. Onrechtmatige daad. Geen sprake van overdracht van de aandelenportefeuille, overeenkomst in de zin van artikel 4:4 lid 2 BW, uitgestelde schenking of…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.