Art. 4:91 Burgerlijk Wetboek Boek 4
Lid 1
Indien de erflater makingen of giften heeft gedaan aan een stiefkind, wordt in afwijking van de artikelen 80 tot en met 89 op die makingen en giften niet ingekort, behoudens voorzover de waarde daarvan hoger is dan twee maal hetgeen de legitieme portie van een kind van de erflater had belopen, indien de door de erflater aldus bevoordeelde stiefkinderen diens eigen kinderen waren geweest. De in de eerste zin bedoelde waarde wordt vermeerderd met de waarde van hetgeen alsdan overeenkomstig artikel 70 lid 3 met een gift gelijkgesteld zou worden.
Lid 2
Voorzover voor de in artikel 80 bedoelde vordering van de legitimaris in verband met lid 1 niet overeenkomstig artikel 87 kan worden ingekort, wordt deze verminderd.
Lid 3
De erflater kan bij een gift aan een stiefkind of bij uiterste wilsbeschikking bepalen dat lid 1 geheel of ten dele buiten toepassing blijft.
Recente uitspraken
Art. 4:91 BW is sinds 2015 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Rb. Midden-Nederland en Rb. Noord-Nederland.
- ECLI:NL:GHSHE:2022:1512 — 12-05-2022 Hof 's-Hertogenbosch
Vernietiging vaststelling geldvorderingen op langstlevende na onderzoek naar uitbetaling polis en al dan niet verpanding/Hernieuwde vaststelling/Kosten van de executeur/ Vermindering onnodige kosten/ compensatie kosten - ECLI:NL:RBNNE:2024:5432 — 26-06-2024 Rb. Noord-Nederland
Erfrecht; afvullegaat; legitieme portie. De rechtbank komt op grond van naderhand verkregen nieuwe informatie deels terug op het in het tussenvonnis gegeven oordeel omtrent aanvaarding van het afvullegaat. - ECLI:NL:RBMNE:2015:6265 — 02-09-2015 Rb. Midden-Nederland
Erfrecht: privatieve vertegenwoordigingsbevoegdheid executeur; inkorting
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.