Art. 2:362 Burgerlijk Wetboek Boek 2

Lid 1

De jaarrekening geeft volgens normen die in het maatschappelijk verkeer als aanvaardbaar worden beschouwd een zodanig inzicht dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd omtrent het vermogen en het resultaat, alsmede voor zover de aard van een jaarrekening dat toelaat, omtrent de solvabiliteit en de liquiditeit van de rechtspersoon. Indien de internationale vertakking van zijn groep dit rechtvaardigt kan de rechtspersoon de jaarrekening opstellen naar de normen die in het maatschappelijk verkeer in een van de andere lidstaten van de Europese Gemeenschappen als aanvaardbaar worden beschouwd en het in de eerste volzin bedoelde inzicht geven.

Lid 2

De balans met de toelichting geeft getrouw, duidelijk en stelselmatig de grootte van het vermogen en zijn samenstelling in actief- en passiefposten op het einde van het boekjaar weer. De balans mag het vermogen weergeven, zoals het wordt samengesteld met inachtneming van de bestemming van de winst of de verwerking van het verlies, of, zolang deze niet vaststaat, met inachtneming van het voorstel daartoe. Bovenaan de balans wordt aangegeven of daarin de bestemming van het resultaat is verwerkt.

Lid 3

De winst- en verliesrekening met de toelichting geeft getrouw, duidelijk en stelselmatig de grootte van het resultaat van het boekjaar en zijn afleiding uit de posten van baten en lasten weer.

Lid 4

Indien het verschaffen van het in lid 1 bedoelde inzicht dit vereist, verstrekt de rechtspersoon in de jaarrekening gegevens ter aanvulling van hetgeen in de bijzondere voorschriften van en krachtens deze titel wordt verlangd. Indien dit noodzakelijk is voor het verschaffen van dat inzicht, wijkt de rechtspersoon van die voorschriften af; de reden van deze afwijking wordt in de toelichting uiteengezet, voor zover nodig onder opgaaf van de invloed ervan op vermogen en resultaat.

Lid 5

De baten en lasten van het boekjaar worden in de jaarrekening opgenomen, onverschillig of zij tot ontvangsten of uitgaven in dat boekjaar hebben geleid.

Lid 6

De jaarrekening wordt vastgesteld met inachtneming van hetgeen omtrent de financiële toestand op de balansdatum is gebleken tussen het opmaken van de jaarrekening en de algemene vergadering waarin zij wordt behandeld, voor zover dat onontbeerlijk is voor het in lid 1 bedoelde inzicht. Blijkt nadien dat de jaarrekening in ernstige mate tekortschiet in het geven van dit inzicht, dan bericht het bestuur daaromtrent onverwijld aan de leden of aandeelhouders en deponeert een mededeling daaromtrent bij het handelsregister; bij de mededeling wordt een accountantsverklaring gevoegd, indien de jaarrekening overeenkomstig artikel 393 is onderzocht. Een rechtspersoon waarvan effecten zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt als bedoeld in de Wet op het financieel toezicht wordt geacht te hebben voldaan aan de verplichting om de mededeling, bedoeld in tweede volzin, te deponeren bij het handelsregister, indien zij de mededeling op grond van artikel 5:25m, vijfde lid, van die wet heeft toegezonden aan de Stichting Autoriteit Financiële Markten.

Lid 7

Indien de werkzaamheid van de rechtspersoon of de internationale vertakking van zijn groep dat rechtvaardigt, mag de jaarrekening of alleen de geconsolideerde jaarrekening worden opgesteld in een vreemde geldeenheid. De posten worden in de Nederlandse taal omschreven, tenzij de algemene vergadering tot het gebruik van een andere taal heeft besloten.

Lid 8

Een rechtspersoon kan de jaarrekening opstellen volgens de door de International Accounting Standards Board vastgestelde en door de Europese Commissie goedgekeurde standaarden, mits de rechtspersoon daarbij alle voor hem van toepassing zijnde vastgestelde en goedgekeurde standaarden toepast. Een rechtspersoon die de geconsolideerde jaarrekening opstelt volgens deze titel, kan niet de enkelvoudige jaarrekening opstellen volgens de vastgestelde en goedgekeurde standaarden. Een rechtspersoon die de geconsolideerde jaarrekening opstelt volgens de in de eerste zin van dit lid genoemde standaarden, kan in de enkelvoudige jaarrekening de waarderingsgrondslagen toepassen die hij ook in de geconsolideerde jaarrekening heeft toegepast.

Lid 9

De rechtspersoon die de jaarrekening opstelt volgens de in lid 8 bedoelde standaarden, past van deze titel slechts de afdelingen 7 tot en met 10 en de artikelen 362, lid 6, een na laatste volzin, lid 7, laatste volzin en lid 10, 365 lid 2, 373, 379 leden 1 en 2, 380b, onderdeel d, 382, 382a, 383, 383b tot en met 383e, 389 leden 8 en 10, en 390 toe. Banken passen tevens artikel 421 lid 5 toe. Verzekeraars passen tevens artikel 441 lid 10 toe.

Lid 10

De rechtspersoon vermeldt in de toelichting volgens welke standaarden de jaarrekening is opgesteld.

Recente uitspraken

Art. 2:362 BW is sinds 2003 in 86 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Rb. Amsterdam en CBb.

  • ECLI:NL:HR:2011:BN8852 — 21-01-2011 Hoge Raad
    Ondernemingsrecht. Jaarrekeningprocedure over havenpensioen; omzetting van een stichting in een N.V. ; beklemd vermogen als bedoeld in art. 2:18 lid 6 BW is in het onderhavige geval het saldo van alle vermogensbestanddelen op het moment van de omzetting.
  • ECLI:NL:HR:2010:BL5416 — 16-04-2010 Hoge Raad
    Jaarrekeningenrecht. Faillissement schuldenaar vóór datum vaststellen jaarrekening; toch geen afwaardering (tot nihil) vordering op begin- en eindbalans. Geen schending art. 2:362 lid 6 BW doordat ondernemingskamer betekenis heeft toegekend aan t.t.v. faillissement schuldenaar…
  • ECLI:NL:HR:2009:BG8790 — 24-04-2009 Hoge Raad
    Jaarrekeningenrecht. Afgewezen verzoek van de AFM tegen Spyker tot vernietiging en bevel tot wijziging van jaarrekening 2006; ondernemingskamer niet verplicht bij iedere afwijking van de voorschriften (IAS en IFRS) wijziging te bevelen als een redelijke uitleg en toepassing…
  • ECLI:NL:HR:2006:AU7473 — 10-02-2006 Hoge Raad
    Jaarrekeningrecht; verboden aanvulling van rechtsgronden; maatstaf art. 2:362 BW en betekenis Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving, motivering van het oordeel over de wijze van berekening van duurzame waardevermindering in art. 2:387 lid 4 BW.
  • ECLI:NL:CBB:2026:226 — 26-05-2026 CBb
    Accountantstuchtrecht. Klacht van de AFM over de wettelijke controles van twee jaarrekeningen. Geen voldoende en geschikte controle-informatie verkregen over voorkomen, volledigheid, nauwkeurigheid en afgrenzing van de omzet. Controle niet met professioneel-kritische blik…

Bekijk alle 86 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.