Artikel 19a Wet op de belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992

Lid 1

Het bedrag dat strekt tot vergoeding van de kosten, bedoeld in artikel 7:15, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, onder toepassing van de nadere regels gesteld krachtens het vierde lid van dat artikel, wordt, voor zover die kosten betrekking hebben op door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in het kader van het bezwaar tegen een besluit genomen op grond van het gestelde bij of krachtens deze wet of tegen een daarmee verband houdend besluit, vermenigvuldigd met 0,125. De eerste zin vindt geen toepassing in geval van bijzondere omstandigheden in de zin van de nadere regels gesteld krachtens artikel 7:15, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Lid 2

In geval van een veroordeling in de kosten als bedoeld in artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, onder toepassing van de nadere regels gesteld krachtens de laatste zin van artikel 8:75, eerste lid, van die wet, of in geval van een veroordeling in de kosten waarbij artikel 8:75 van die wet van overeenkomstige toepassing is verklaard, wordt, voor zover die kosten betrekking hebben op door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand in het kader van het beroep, hoger beroep of beroep in cassatie bij de bestuursrechter betreffende een besluit genomen op grond van het gestelde bij of krachtens deze wet of een daarmee verband houdend besluit, het bedrag dat strekt tot de vergoeding van die kosten vermenigvuldigd met:

  1. 0,25, indien het bestreden besluit wordt vernietigd of gewijzigd;

  2. 0,10 in alle overige gevallen.

De eerste zin vindt geen toepassing in geval van bijzondere omstandigheden in de zin van de nadere regels gesteld krachtens artikel 8:75, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

Lid 3

De bestuursrechter kent in het kader van het beroep, hoger beroep of beroep in cassatie betreffende een besluit genomen op grond van het gestelde bij of krachtens deze wet of een daarmee verband houdend besluit, uitsluitend op verzoek, bij overschrijding van de redelijke termijn een vergoeding van immateriële schade toe van € 50 per half jaar waarmee die termijn is overschreden, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden. Ingeval de procedure eveneens een boetebeschikking betreft, wordt daarnaast de boetebeschikking verminderd.

Lid 4

Onverminderd de artikelen 7:15, vijfde lid, en 8:75, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, al dan niet in samenhang met artikel 8:108, eerste lid, van die wet of de artikelen 29 of 29f van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, vinden uitbetalingen ingevolge een beslissing op bezwaar of uitspraak op beroep, hoger beroep of beroep in cassatie betreffende een besluit genomen op grond van het gestelde bij of krachtens deze wet of een daarmee verband houdend besluit, waaronder uitbetalingen van vergoedingen als bedoeld in de voorgaande leden, dwangsommen als bedoeld in artikel 4:17, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht en vergoedingen van het betaalde griffierecht als bedoeld in artikel 8:74 van die wet, uitsluitend plaats op een bankrekening die op naam staat van de belanghebbende.

Lid 5

Vorderingen tot uitbetaling als bedoeld in het vierde lid zijn niet vatbaar voor vervreemding of verpanding.

Recente uitspraken

Art. 19a BPM1992 is sinds 2024 in 5 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Den Haag, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof 's-Hertogenbosch.

  • ECLI:NL:HR:2025:155 — 31-01-2025 Hoge Raad
    Belasting van personenauto’s en motorrijwielen; tegemoetkoming na instelling rechtsmiddel; Wet herwaardering proceskostenvergoeding WOZ en bpm; belang na afwijzing aanbod vergoeding griffierecht en proceskosten; verenigbaarheid Wet herwaardering proceskosten WOZ en bpm met hoger…
  • ECLI:NL:GHDHA:2026:2289 — 30-06-2026 Hof Den Haag
    Naheffingsaanslagen bpm. Tardiefverklaring nader stuk van de Inspecteur. Bruikbaarheid taxatierapport belanghebbende. Aanpassing historische nieuwprijs ter zake van één auto. Geen aanpassing handelsinkoopwaarden. Belanghebbende maakt waardeverminderingen wegens schade niet…
  • ECLI:NL:GHARL:2024:5335 — 20-08-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
    BPM. Vermindering (afschrijving). Richtsnoer proceskostenvergoeding belastingkamers gerechtshoven 2024.
  • ECLI:NL:GHDHA:2024:1398 — 14-08-2024 Hof Den Haag
    Artikel 17, lid 2, Wet WOZ; waarde rijwoning. De Heffingsambtenaar heeft de waarde van de woning niet te hoog vastgesteld. Artikel 40, lid 2, Wet WOZ; de Heffingsambtenaar heeft zijn toezendplicht niet geschonden, want de indexeringsgegevens zijn voor de waardepeildatum (1…
  • ECLI:NL:GHSHE:2024:2524 — 07-08-2024 Hof 's-Hertogenbosch
    Griffierecht niet betaald. Hoger beroep niet-ontvankelijk. Uitspraak bevat als bijlage Richtsnoer proceskostenvergoeding belastingkamers gerechtshoven 2024.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.